Britse bank moet gesplitst

De Britse regering gaat banken dwingen hun gewone diensten en hun investeringsactiviteiten te scheiden. Dat kondigde minister van Financiën George Osborne gisteren aan in het Lagerhuis. Het wordt de grootste hervorming van de Britse bankensector in decennia genoemd.

De maatregel moet voorkomen dat spaarders en belastingbetalers in de toekomst de dupe worden van risicovolle investeringen. Gewone bankdiensten zullen worden ‘omheind’ (ring-fencen in financieel jargon) met een onafhankelijke raad van bestuur die juridisch, economisch en operationeel autonoom is. Eind 2015 moet de wet zijn aangepast, voor 2019 moeten de omheiningen er zijn.

„Het is belangrijk om te onthouden dat dit niet kan voorkomen dat banken failliet gaan”, zei Osborne. „Maar het betekent wel dat als banken in problemen raken, de onderdelen die belangrijk zijn voor gezinnen, bedrijven en de hele economie kunnen blijven functioneren zonder steun van de belastingbetaler.”

De minister van Financiën neemt hiermee grotendeels het advies over van de Independent Commission on Banking (ICB) onder leiding van econoom John Vickers. Banken waren tegen ring-fencen omdat dit zou leiden tot extra kosten en regels.

Osborne wijkt op een belangrijk punt wel af van het advies. Vickers en de zijnen adviseerden ook dat Britse banken 10 procent van hun kernkapitaal als bescherming tegen verliezen moeten reserveren. Daarbij zouden ze nog 7 tot 10 procent van hun kapitaal in de vorm van ‘bail-in’ obligaties moeten hebben. Dat is hoger dan de nieuwe toezichtregels voor de financiële sector (Basel III) voorstellen. Die hebben het over 7 procent.

Deze vereisten gelden niet voor buitenlandse bezittingen als de bank kan aantonen dat er geen risico is voor de belastingbetaler, zei Osborne gisteren. Dit is vooral een tegemoetkoming aan grote internationale banken. HSBC had bijvoorbeeld gedreigd Londen te verlaten als de kapitaalvereisten ook voor buitenlandse bezittingen zouden gelden.