Spies, minister van alles en nog wat

Liesbeth Spies is minister geworden van de vergaarbak Binnenlandse Zaken. Ook lastig: belangrijke dossiers zijn in het regeerakkoord al ‘dichtgetimmerd’. Wat kan Spies nog doen?

De één zegt het in keurige bewoordingen: het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is gefragmenteerd. De ander is rechttoe-rechtaan kritisch: het is een rommeltje, dat departement, een samenraapsel. Misvormd, zelfs.

Wie je het ook vraagt in politiek Den Haag, iedereen ziet dat Liesbeth Spies, de opvolger van Piet Hein Donner, aan een lastige taak begint. Zijzelf trouwens ook. Het is een bijzonder diverse portefeuille, zei ze vorige week bij haar aantreden.

Spies moet zich met van alles bezighouden: met de herindeling van provincies en gemeenten. Met de woningmarkt, met de bestuurlijke perikelen op de Antillen, met de bezuinigingen binnen de overheid. Op één vlak krijgt ze iets meer lucht dan Donner had: integratie verhuist van BZK naar haar collega-minister Leers, die immigratie en asiel doet.

Die diversiteit is een fundamenteel probleem voor Spies: de indeling van het departement is onlogisch en te divers voor één minister, zeggen critici. De herindeling is een bewuste keuze geweest bij de totstandkoming van dit kabinet. Het beheer van de politie is vorig jaar van BZK verhuisd naar Veiligheid en Justitie. Terwijl Binnenlandse Zaken, het oudste departement dat Nederland kent, in 1798 juist was opgericht met ‘het toezicht op de inwendige politie’ als belangrijkste taak.

Dat de herindeling het ministerie geen goed doet, ziet bijvoorbeeld Hans Engels, hoogleraar staatsrecht en Eerste Kamerlid voor D66. „Het ministerie vormt nu geen samenhangende eenheid.”

CDA-veteraan Jan Schinkelshoek: „Het ministerie is te ver uitgewaaierd over allerlei onderwerpen. Lastig en bewerkelijk.”

Om Binnenlandse Zaken nog wat gewicht te laten behouden, kreeg Donner de woningmarkt in ruil voor veiligheid. Hans Engels: „Huisvesting hoorde misschien in de negentiende eeuw bij Binnenlandse Zaken, maar past daar inmiddels echt niet meer. Terwijl de politie álles te maken heeft met het lokale en regionale gezag, zaken waar Binnenlandse Zaken wel over gaat.”

Bovendien, zegt Engels, is door de verhuizing van veiligheid de bescherming van de democratische rechtstaat uit het zicht van de minister van Binnenlandse Zaken verdwenen. Terwijl dat ook één kerntaak van BZK was.

Overzichtelijke portefeuille of niet, in wezen maakt het weinig uit: Spies heeft het er maar mee te doen. Ze moet verder gaan waar Donner was gebleven. Dat valt ook als kans te zien, want zóveel heeft Donner op Binnenlandse Zaken volgens de oppositie in de Tweede Kamer niet bereikt, het afgelopen jaar. SP’er Ronald van Raak: „Minister Donner heeft prulwerk afgeleverd. Bijna alles wat hij heeft voorgesteld, is in de Tweede Kamer gestrand.”

Donner kwam de tweede helft van dit jaar pas enigszins op gang. Hij stuurde bijvoorbeeld de beloofde visie over bestuurlijke herinrichting naar de Kamer. Onderdeel ervan is samenvoeging van Utrecht, Flevoland en Noord-Holland, welk plan al strandde op kritiek van gedoogpartner PVV vóór Donner een wetsvoorstel kon opstellen. Ook wat de waterschappen betreft, wil een meerderheid van de Tweede Kamer iets anders dan coalitiepartijen VVD en CDA. Tot slot gebeurt op het gebied van gemeentelijke herindelingen maar weinig, omdat in het regeerakkoord staat dat herindeling „van onderop” moeten komen. En geen gemeente zal snel uit zichzelf een fusie aankondigen.

Dan is er nog werk te doen op het personele vlak. De cao voor rijksambtenaren liep eind 2010 af, maar bonden en minister Donner kwamen sindsdien geen stap dichter bij elkaar. Sinds februari liggen de onderhandelingen stil. Donner heeft vastgehouden aan de nullijn, vanwege de bezuinigingen op de overheid die al zijn ingeboekt.

Ook de concentratie van rijksdiensten valt onder die besparingen. Hier komt Spies er niet met voet bij stuk houden. Alle overheidsdiensten voor burgers zouden in twaalf ‘concentratielocaties’ moeten komen om 70 miljoen te besparen op huisvesting. Maar op aandringen van de CDA-fractie in de Kamer zijn de twaalf steden die Donner noemde, geschrapt uit het voorstel. Hoe snel er iets van die concentratie terechtkomt, is dus onduidelijk.

Stél nou dat Piet Hein Donner meer had willen doen? Door de afspraken van VVD, CDA en PVV in het gedoogakkoord was zijn actieradius toch beperkt geweest. Zo was hij gehouden aan de belofte dat de hypotheekrenteaftrek intact blijft. Zolang de gedoogconstructie van kracht blijft, kan zijn opvolger op de woningmarkt ook weinig veranderen. Of, zoals hoogleraar Hans Engels zegt: „De gekozen weg om op veel fronten vooral niets te doen, is kenmerkend voor dit kabinet. In die zin waren Donners ambities reeds voor hem bepaald.”

Buiten de prioriteiten die het kabinet al heeft bepaald, kan Spies wel een eigen stempel drukken op het departementaal beleid. Advies van betrokkenen: steek energie in haalbare zaken, niet in heilloze. Het kabinet heeft bijvoorbeeld een vermindering van het aantal leden van gemeenteraden en Kamerleden afgesproken. Voor dat laatste is een grondwetswijziging nodig, dus de kans dat dat voorstel erdoor komt, is klein. Dat zou haar niet eens slecht uitkomen. Spies zei afgelopen zomer in een vraaggesprek dat ze de inkrimping onzin vindt.

In de Tweede Kamer hopen vooral de leden van de vaste commissie van Binnenlandse Zaken op een frisse start. Vorige week twitterde PvdA’er Martijn van Dam tijdens het vragenuurtje, waarin Donner op verbeten toon antwoord gaf op zijn vragen: „Voor Nederland is een nieuwe minister op BZK geen overbodige luxe.”

Voor minister Donner was regeren „de helft plus één”, zegt SP-Kamerlid Ronald van Raak. „Hij was een slechte minister voor dit minderheidskabinet. Je haalt geen meerderheid door je star op te stellen.”

Om duidelijk te maken hoe het óók kan, noemt Van Raak Ivo Opstelten. Die kreeg het voor elkaar om Kamerbreed steun te organiseren voor zijn nationale politie, door ook de ideeën van de oppositie serieus te nemen. Donner legde in debat met de Kamer moties van oppositiepartijen bij voorbaat naast zich neer, omdát ze van de oppositie zijn. Van Raak: „Luisteren, overleggen en samenwerken, daar bereik je meer mee dan met de opstelling van minister Donner.”

    • Annemarie Kas