In het theater maakte Havel van de dreiging zijn personages

Havels toneelstukken Het tuinfeest en Audiëntie gaven het Westen een beeld van de complexe, dramatische positie van dissidenten onder het communisme. Zijn kritiek was altijd verborgen in milde satire en licht absurdisme.

Dissident, president, politicus. Maar voordat hij dat alles werd, was Václav Havel in het voormalige Tsjechoslowakije – en daarbuiten, in het Westen – een gevierd toneelschrijver.

Als toneelauteur bezocht Havel in de jaren tachtig regelmatig de theaters in Nederland, onder meer het Amsterdamse Theater Frascati. Hij lichtte zijn toneelwerk na afloop toe aan journalisten.

Ik herinner me Havel als een bedachtzaam sprekende man, niet snel geneigd tot harde politieke uitspraken. Hij sprak vooral over humanistische idealen die hij met zijn toneelwerk wilde uitdragen. Zijn kritiek op het communisme was bij hem altijd verborgen in milde satire en licht absurdisme.

In 1980 bracht het Vlaamse gezelschap BKT-theater Havels stuk Audiëntie, een eenakter over een dissidente toneelschrijver in het voormalige Oostblok. Aan de toneelauteur is een schrijfverbod opgelegd. Hij voorziet in zijn levensonderhoud met het verrollen van lege biervaten.

Ondertussen drinkt zijn baas onophoudelijk. Uiteindelijk zal de machthebber aan de toneelschrijver zijn vriendschap verklaren; hij zegt: „Ik ben een eerlijk en goed mens.”

Deze setting is symbolisch voor Havel als toneelschrijver. Hij sloot aan bij het absurde werk van auteurs als Samuel Beckett, Franz Kafka en vooral de Spaans-Franse toneelauteur Fernando Arrabal. Diens befaamde Brief aan generaal Franco uit de jaren zestig vormde voor Havel een belangrijke bron van inspiratie. Havel was redacteur van het literaire tijdschrift Tvár.

Voordat Havel naam maakte als toneelschrijver werkte hij sinds 1959 in verschillende theaters in Praag als toneeltechnicus. Hij studeerde aan de Hogeschool voor Drama.

In 1963 vond de eerste openbare opvoering van zijn toneelstuk Het tuinfeest plaats, een satire op de bureaucratie in Tsjechoslowakije. De hoofdpersoon in dit stuk, Hugo, heeft de ambitie in maatschappelijk opzicht carrière te maken. Hiertoe eigent hij zich communistische denkpatronen toe. Dit betekent de ondergang van zijn individuele integriteit.

Vanwege zijn openlijke kritiek op het communisme werd Havel in 1968, na de Praagse lente, een schrijfverbod opgelegd. Zijn werk mocht in de communistische periode niet worden opgevoerd.

Dit was een van de redenen dat Oostenrijk hem in 1969 bekroonde met de Staatsprijs voor Europese Literatuur. In 1977 trad hij naar voren als een van de grondleggers van Charta 77, een Tsjechoslowaakse beweging die de overheid wees op schendingen van de mensenrechten. In deze organisatie verenigden zich toneelschrijvers, acteurs en muzikanten die verzet aantekenden tegen de communistische overheid.

In West-Europese landen werd Havel een gevierd toneelschrijver. Stukken als Het tuinfeest en Audiëntie geven vorm aan de complexe, dramatische positie van dissidenten. Enerzijds hebben ze een sterke drang zich te uiten en hun gedachtengoed te verspreiden. Maar daardoor zijn ze afhankelijk van hun meerderen.

Het wegrollen van de lege biervaten uit Audiëntie is een onvergetelijk voorbeeld van de rol van intellectuelen tijdens het communistische regime. Eind jaren tachtig was Havel het boegbeeld van de Fluwelen Revolutie: de vreedzame omwenteling die het einde betekende van het communisme in zijn land. Vlak daarna werd Havel gekozen tot president.

Behalve toneelwerk publiceerde Havel boeken en essays, waaronder Verhoor op afstand (1986), Poging om in de waarheid te leven (1978) en Angst voor de vrijheid (1989). Een van zijn mooiste werken is Brieven aan Olga (1983), gericht aan zijn vrouw Olga Splichalová die hij in zijn tijd als theaterschrijver leerde kennen.

Regisseur Peter de Baan bracht in 1987 bij het Publiekstheater Largo Desolato, een groots opgezet toneelstuk over Leopold, een filosoof, die elk moment gearresteerd kan worden. Een kring van intellectuele dissidenten bewondert hem. Maar dat kan zijn angst niet wegnemen.

Net als Hugo in Het tuinfeest kan de twijfelende filosoof niet kiezen tussen zelfverheerlijking en martelaarschap. Aan het slot van het toneelstuk bestaat er voor de filosoof geen uitweg: de dreigende gevangenschap ontneemt hem de kracht zijn persoonlijke vrijheid na te streven.

Havels toneelpersonages munten niet uit door levendigheid. Zijn toneelwerk is ondergeschikt aan protest tegen het voormalige communisme en, in bredere betekenis, verzet tegen elke aanslag op menselijkheid.

Largo Desolato beleefde in Engeland zijn première, in de vertaling van toneelschrijver Tom Stoppard, net als Havel geboren in Tsjechoslowakije. De kracht van zijn stukken ligt besloten in de personificatie van de dreiging. In Largo Desolato moet de filosoof zelfs bang zijn voor zijn vrouw en vrienden, die allianties hebben met de politie.

Kort na de Fluwelen Revolutie nodigde Havel het Nederlandse gezelschap Dogtroep uit voorstellingen te geven in Praag, in een kleine zaal in de Burcht van de stad. Dogtroep bracht er de voorstelling Kulhaci Tango. Dat was een opmerkelijke keuze van Havel, want Dogtroep bracht niet zozeer politiek als wel beeldend theater.

In jaren zeventig beschikte Havel over een eigen theater, het Archa. Ook hier trad de Dogtroep op en programmeerde Havel toneelwerk van hedendaagse schrijvers als Beckett en Harold Pinter. Vooral de laatste heeft meermalen toegegeven dat Havel een belangrijk voorbeeld voor hem is. Een van zijn laatste stukken, Bergtaal, is in elk opzicht geïnspireerd door het politiek geladen ideeëndrama van Havel.

Kester Freriks

    • Kester Freriks