Klijnsma en PvdA lopen risico met FNV

Jetta Klijnsma (PvdA) weet nog altijd niet of ze de vernieuwing van vakbond FNV wil leiden. Moet een Kamerlid zoiets doen?

Drs. Jellejetta ( Jetta) KLIJNSMA (1957) Nederlands politicus, Partij van de Arbeid, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in het Kabinet-Balkenende IV. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Nederland. Den Haag, 21 april 2009 ©Vincent Mentzel 2009

Wat doet Jetta Klijnsma? Het is nu al twee weken geleden dat Han Noten (PvdA) en Herman Wijffels (CDA) het PvdA-Kamerlid vroegen de oprichting van De Nieuwe Vakbeweging te leiden. Die bond moet de vakcentrale FNV vervangen, waar hevige ruzie is ontstaan. Maar Klijnsma heeft nog altijd niet geantwoord op het verzoek.

Gisteren liet de FNV Vakcentrale weten dat Noten en Wijffels hun bemiddelingswerk nog niet hebben neergelegd. Op 16 januari presenteren ze een vervolgadvies. Onderdeel van dat advies zal de commissie zijn, die Klijnsma moet gaan leiden. Waarom duurt het zo lang?

Klijnsma denkt nog na. Ze weigert interviews en laat per sms weten „niet over één nacht ijs te gaan”. Haar collega’s in de fractie van de PvdA hebben haar gevraagd of ze een inschatting wil geven van de tijd die het haar zal kosten. Zelf inventariseert ze ook of de oprichting van een nieuwe bond kansrijk is, alvorens ze ja zegt.

Klijnsma wikt en weegt, maar niemand twijfelt eraan dat ze geknipt zou zijn voor de baan als bemiddelaar. Ze is behept in het pacificeren van boze mensen, klinkt het overal. „Je kan niet kwaad op haar worden,” zegt Mei Li Vos, voormalig Tweede Kamerlid voor de PvdA. „Heel goed dat zij die kar gaat trekken.”

Maar kan dat naast haar Kamerlidmaatschap? Klijnsma gaat als gekozen volksvertegenwoordiger een vakbond oprichten, en als het lukt, wordt dat de grootste bond van Nederland. Heeft ze wel tijd voor die zware klus? En: kan het oprichten van een nieuwe vakbond leiden tot belangenverstrengeling met haar werk als Kamerlid?

Het is opvallend dat er geen inhoudelijke discussie wordt gevoerd over de benoeming. Bijbanen zijn voor Kamerleden normaal. Vaak zitten ze in raden van toezicht van culturele stichtingen, ziekenhuizen en scholen. Verreweg de meeste klussen zijn onbetaald. Zo gaf Mark Rutte als Kamerlid elke week les op een vmbo.

Zelden ontstaat er ophef over belangenverstrengeling. Sommige bijbanen veroorzaken wel morele verontwaardiging. Zo ontstond rumoer rond Atzo Nicolaï (VVD) en Ger Koopmans (CDA). De SP vroeg zich begin dit jaar hardop af hoe Koopmans onbevooroordeeld kan stemmen over de aanbesteding van het openbaar vervoer, terwijl hij zelf commissaris is bij vervoerbedrijf Arriva. En, zo vroegen Martin Bosma (PVV) en Boris van der Ham (D66) twee jaar geleden: hoe haalde Nicolaï het in zijn hoofd om collega-Kamerleden aan te spreken over de locatie van het op te richtten Nationaal Historisch Museum terwijl de VVD’er toezichthouder van het museum was? Bosma voelde zich ‘belobbyd’.

Toch bestaan bij de PvdA officieel geen bedenkingen tegen Klijnsma als kwartiermaker van de vakbond. Alleen bij het koffiezetapparaat murmelen Kamerleden over mogelijke belangenverstrengeling. Iedereen realiseert zich, zoals een van hen zegt: „Dit wordt haar eerste baan. Het Kamerlidmaatschap zal tijdelijk slechts een bijbaan zijn”.

De meeste PvdA’ers zijn juist blij met Klijnsma als kwartiermaker, binnen en buiten de fractie. „Het gaat niet goed met de PvdA bij de FNV”, zo vat oud PvdA-senator en hoogleraar parlementaire geschiedenis Joop van den Berg hun argument samen. „En dan is het een buitenkans dat een van de PvdA-Kamerleden zo’n nieuwe vakbond mag inrichten.” Mogelijke verstrengeling van belangen? „De band met de vakbond is topprioriteit voor de PvdA, of zou dat moeten zijn. Als zich dan zo’n kans voordoet, moet iedereen direct inspringen om Klijnsma’s taken als Kamerlid te verlichten.” Van den Berg vindt het „sowieso een rare gedachte” dat „een parlementariër altijd in het parlement moet zijn”.

Maar niet iedereen denkt er zo over. Paul Ulenbelt, Tweede Kamerlid van de SP, twitterde twee weken geleden: „Klijnsma als kwartiermaker? Ze is voor pensioenakkoord, waar meerderheid FNV tegen is. Ik ken wel betere.” Hij voegde er in een tweede tweet aan toe: „Ik wil die klus wel klaren. Heb meer met FNV dan zij.” Het is waar: een deel van de opstandige FNV’ers is overtuigd lid van de SP. Die gestaalde kaders moeten niks hebben van de Haagse bestuurders van de bond, die de PvdA een warm hart toedragen.

De twijfels van Klijnsma zijn begrijpelijk. Als ze ja zegt, komt ze in een bestuurlijk mijnenveld terecht – met risico’s voor haar eigen partij. De directe aanleiding voor de ruzie binnen de FNV was het pensioenakkoord. Het FNV-bestuur onder leiding van Agnes Jongerius ondertekende het akkoord, maar de grootste vakbonden binnen de FNV vakcentrale, FNV Bondgenoten en Abvakabo, zijn mordicus tegen. Zoals een SP’er zegt: „Zolang de meningsverschillen niet zijn opgelost, wordt het niets met een nieuwe vakbond.”

Wat als Klijnsma ontdekt dat de nieuwe bond alleen slaagt als het pensioenakkoord wordt getorpedeerd? Dan trekt de bond zijn steun in aan het pensioenakkoord, waar de PvdA zelf vóór is.

Binnen de PvdA is niet iedereen enthousiast. „Wel over Klijnsma”, zegt voormalig directeur van de Wiardi Beckmanstichting en ex-Kamerlid Paul Kalma: „maar juist omdat de verhoudingen in de vakbond zo gepolitiseerd zijn, is het de vraag of het verstandig was om iemand met deze politieke kleur te kiezen.”

    • Marike Stellinga
    • Pieter van Os