Een zwak jaar voor overnames

Draka, Crucell, Hema... Nederland maakte zich op voor een spannend overnamejaar. Maar door de Eurocrisis klapte de markt na de zomer dicht. De waarde van Hollandse deals daalde relatief hard.

Het jaar begon zo veelbelovend. Een aantrekkende economie, nieuwe recordwinsten voor grote bedrijven, uitpuilende overnamekassen, een paar bekende bedrijven in de etalage en een aantal in het oog springende overnames in de herfst van 2010. 2011 moest en zou een overweldigend jaar voor de Nederlandse fusie- en overnamemarkt worden. Het bedrijfsleven stond, zo riep menig deskundige van bank of adviesbureau, ‘aan de vooravond van een nieuwe overnamegolf’.

Maar die grote golf bleef uit. Financieel onderzoeksbureau Thomson Reuters presenteerde gisteren zijn wereldwijde fusie- en overnamecijfers over 2011. De statistieken voor Nederland vallen behoorlijk tegen. Niks groei of hausse, maar stagnatie en neergang. Het aantal transacties waar Nederlandse bedrijven bij betrokken zijn, bleef steken op 1.150, net iets onder het niveau van 2010.

Gemeten in omvang daalde de gezamenlijke waarde van alle overnames met ruim 20 procent tot 62 miljard euro. Dat is min of meer hetzelfde volume als in hersteljaar 2009. Magere cijfers die in internationaal perspectief nog schriller zijn: zowel in Europa als wereldwijd stéég de fusie- en overnamemarkt, zij het lichtjes, met ruim 2,5 procent.

Voornaamste oorzaak van de surplace in Nederland: grote concerns die, onzeker geworden door de eurocrisis, niet die grote overnames durven te doen die ze van plan waren.

Aan het begin van het jaar, zo concludeerde deze krant op basis van onderzoek door adviesbureau Bain, hadden de 25 grootste bedrijven op de Amsterdamse beurs 210 miljard euro ter beschikking aan overnamemiddelen, een combinatie van kasgeld en kredietruimte bij banken.

Tien maanden later blijkt dat maar vier grote beursfondsen een overname van meer dan 100 miljoen achter hun naam hebben. Uitzendconcern Randstad kocht voor een half miljard de Amerikaanse branchegenoot SFN; Heineken nam vorige maand voor bijna hetzelfde bedrag bijna duizend pubs in Groot-Brittannië over; Shell nam voor ruim 1 miljoen per stuk ruim 240 Britse tankstations over en AkzoNobel kocht voor 142 miljoen de Duitse coatingproducent Schramm.

Maar verder? DSM, met bijna 2 miljard op de plank een veel genoemde kandidaat-koper in de markt, greep naast diervoederproducent Provimi, die het samen met Nutreco had willen overnemen. En Ahold, ruim 2,5 miljard in kas, zag af van een knock-out-bod op Hema – waarna eigenaar Lion Capital de veiling op het warenhuis schielijk introk.

„Grote concerns houden hun hand op de knip”, zegt Maurits Duynstee van ING, „ook al is die knip nog zo groot.” Volgens de directeur Corporate Finance heeft de financiële crisis in Europa en de VS grote bedrijven heel voorzichtig gemaakt. „Het vergt veel zelfvertrouwen om nu een grote overname te doen. Liever houdt men zijn geld op zak en wacht men af hoe de Eurocrisis zich ontwikkelt.” Bedrijven zijn daarbij gerustgesteld door de veronderstelling dat iedereen zo handelt. Duynstee: „Gewilde overnameprooien zullen over een jaar ook nog wel beschikbaar zijn.”

Uit alle overnames met een Nederlandse tintje die wél doorgingen, blijkt overigens nog iets interessants: de uitverkoop van Nederland gaat gewoon verder. Van de grootste dertig transacties gaat het in 17 gevallen om een verkoop van een Nederlandse bedrijf, of een dochtermaatschappij, aan een buitenlandse koper.

Voor de afdeling van Duynstee, die niet alleen Nederlandse bedrijven, maar heel West-Europa van financieel advies voorziet, was 2011 paradoxaal genoeg geen beroerd jaar. „Wij deden meer transacties dan ooit en hebben eigenlijk geen grote deal gemist. We hebben het druk gehad.”

Niet verwonderlijk, want bovenin de ranglijst van grootste overnames prijken vier transacties van ING zelf, ter waarde van 10,4 miljard euro. De bank en verzekeraar is in hoog tempo en onder druk van Brussel aan het afslanken. De fusie- en overnamespecialisten van de bank zijn bij alle eigen desinvesteringen betrokken.

Ook voor andere, kleinere fusie- en overnameadviseurs is het beeld van een mager overnamejaar niet helemaal zuiver. „Het hangt er maar van af hoe je precies telt”, zegt Maarten Vijverberg, van de corporate finance-afdeling van adviesbureau Boer & Croon. „In aantal hebben wij veel meer transacties begeleid dan vorig jaar, maar in omvang waren ze gemiddeld wel wat kleiner.”

Vijverberg zag, net als Duynstee van ING, de eerste helft van het jaar nog veel activiteit op de Nederland overnamemarkt. „Maar na de zomervakantie werd het rustiger.” De Europese schuldencrisis bereikte in de zomer, met hernieuwde onrust over Griekenland, een nieuw dieptepunt. En sindsdien bleef het onzeker.

De afgelopen weken lijkt het bedrijfsleven weer in beweging te zijn gekomen. Volgens Vijverberg blijven bedrijven in sommige sectoren actief kijken naar overnamekansen, met name in retail en telecom. Het ‘vijandige ‘ongevraagde’ bod op buizenmaker Wavin (ruim 450 miljoen euro) en de aangekondigde verkoop van C1000 aan Jumbo (bijna een miljard) zal het jaar voor betrokken adviseurs in elke geval vrolijk afsluiten.

Duynstee relativeert dit. „Eind vorig jaar dachten we dat met de biedingen op Draka en Crucell ook dat we in de lift zaten. Ik zie op macro-economisch niveau weinig signalen dat de markt snel gaat aantrekken.”