Een onsentimenteel verteld familieverhaal

Elsbeth Etty neemt wekelijks de stapel binnengekomen boeken door, signaleert en geeft een eerste oordeel. Deze week over vermissing, bierviltjes, Judas en een condomenteller.

In de nacht van 5 januari 2008 verdween Gretha Veldthuis de 45-jarige tante van de toen 18 jaar oude VWO-leerling Marcella Veldthuis. Kort daarvoor hadden ze nog samen Kerst gevierd, Marcella had een foto gemaakt, met haar ouders en zusje, opa en oma Veldthuis en een stralende tante Gretha. Ze woonden allemaal dicht bij elkaar in het Oost Groningse Zuidbroek, een leuke familie zonder veel kopzorgen. Tot Gretha vermist raakte en na een maand van martelende onzekerheid uit het Winschoterdiep werd gevist.

Wat doet zo’n dramatische gebeurtenis met de nabestaanden? Veldthuis, inmiddels bezig aan een universitaire masteropleiding en duidelijk begiftigd met journalistiek en literair talent, laat ons dat meebeleven in Boven water (De Arbeiderspers, 182 blz. €17,95). Daarin beschrijft ze niet alleen haar eigen emoties, ze schetst tegelijk een liefdevol maar onsentimenteel beeld van de gemeenschap waarin ze opgroeide. Knap hoe ze intimiteiten prijsgeeft zonder indiscreet te worden. Ze doet dat niet door er ‘roman’ boven te zetten, maar wel met gebruikmaking van klassieke literaire middelen.

Sinds zijn dood in 1994 zijn van romanschrijver Charles Bukowski een stuk of tien bundels postuum opgediepte gedichten verschenen. Een uitgebreide selectie uit de bloemlezing The Pleasures of the Damned is nu in het Nederlands beschikbaar: De genoegens van de verdoemden (vert. Peter Verstegen, 231 blz. Liverse, € 16,95). Het titelgedicht is één van de kortste, eindigend met enkele woorden die als samenvatting zouden kunnen dienen van alles wat deze grootste, lelijke, vulgaire, tedere, tragisch, komische, zichzelf bespottende, Bukowski aan één stuk door op het papier of op bierviltjes smeet: ‘de Tijd/ dronken en klam,/ alles in brand,/ alles nat,/ alles oké.’ Een Nederlandse lezer denkt onwillekeurig aan Jules Deelder. De meeste gedichten lezen als snel op bierviltjes neergesmeten korte verhalen en dat zijn het ook doorgaans. Lof voor de vertaler.

Een dichter die het óók niet makkelijk heeft gehad in het leven (al was hij als zondagskind geboren en zocht hij braaf in alles het midden) was de door tragische sterfgevallen en ziekte gekwelde predikant Peter de Génestet (1829-1861). Ter gelegenheid van zijn 150ste sterfdag hebben Marita Mathijsen en Henk Eijssens een zeer fraai herdenkingsboek annex bloemlezing uit zijn werk samengesteld: Levenslust en stervensmoed (Jansen & de Feijter, 214 blz., €34,50). Ondanks de geestdrift van Mathijsen, die de behoudende rijmelaar eer bewijst als voorloper van de Tachtigers, blijft mij van de verzen niets bij dan de sarcastische regel die ik al kende: ‘o Land van mest en mist, van vuilen, kouden regen”. Toch mooi dat ons literair erfgoed wordt gekoesterd. En de preek van De Génestet over Judas is indrukwekkend.

Ter ere van de zestigste verjaardag van een geniaal schaker schreef journalist John Kuipers een levensverhaal dat tevens een hommage is: Jan Timman. De geest van het spel (New in Chess, 256 blz. € 24,50). De vraag waarom hij nooit de wereldtitel behaalde als tweede Nederlander na Max Euwe, zal Timman wel altijd blijven achtervolgen. Volgens Kuipers was de geschiedenis anders verlopen als de briljante strateeg niet Karpov op zijn weg had gevonden, of als hij op beslissende momenten meer zelfvertrouwen aan de dag had gelegd. Maar met zulke if-history schieten we uiteraard weinig op. Overigens had dit interessante portret een betere uitgave (in een leesbare letter en met een fatsoenlijke bladspiegel) verdiend.

Zou Timman de wereldtitel wel behaald hebben als hij tijdig had gelezen wat over schaken als erotische bezigheid wordt opgemerkt door de uroloog-seksuoloog Mels van Driel in Sport & seks. Het spel en de knikkers (De Arbeiderspers332 blz. €24,95)? Ik betwijfel het, want het hoofdstukje over schaken beperkt zich tot de constatering dat schakers door seks kunnen worden afgeleid, de vraag waarom vrouwen verliezen, een citaat uit het schaakblad De vrije eikel en de opkomst van ‘schaakbabes’. Andere takken van sport lenen zich beter voor beantwoording van vragen als ‘Denken mannen vaker aan seks dan aan voetbal?’ of ‘Is topsport porno?’

De auteur heeft veel patiënten met sportgerelateerde klachten over hun geslachtsdelen behandeld. Maar wat de dokter te bieden heeft, zijn vooral veel verhalen uit de tweede hand en aardige weetjes: tijdens de Olympische Spelen gebruiken sporters gemiddeld zeven condooms.

Elsbeth Etty

    • Elsbeth Etty