Van de wind leven

Zo simpel de vraag, zo cryptisch de antwoorden. Kan men koken op wind? Het gebeurt natuurlijk al, als stroom uit een windmolenpark woonhuizen bereikt. Maar eenvoudiger; neem een inductiekookplaat, het energiezuinigste kooktoestel, koppel hem aan een dynamo, aangedreven door een windmolen, en koken maar. Kan dat?

Eerstens, waarom zou iemand dat willen? Om van het sjouwen af te zijn van gasflessen, bijvoorbeeld. We kennen het nauwelijks in Nederland, met een aardgasleidingennet, maar verderop in Europa rijden vrachtwagens met butaan en propaan in flessen af en aan. En altijd is de fles leeg als de paella bereid moet worden, altijd op zondag als er geen gas wordt bezorgd. En zie het gratis waaien.

Ook om andere reden kan men dromen van koken op wind. De mijne: ik vermoed dat er voor aardgas slimmere toepassingen worden gevonden en dat we het beter nog een halve eeuw in de grond kunnen bewaren voor genieën die nog geboren moeten worden.

Ja het kan op wind, was een van de aarzelende antwoorden, maar er moeten tussen uw molen en de kookplaat wel accu’s staan om de stroomtoevoer te egaliseren en u kunt niet op vol vermogen koken, dat kan de molen niet aan. En als het stormt? De expert aan de andere kant van de lijn zucht. Eigenlijk weet hij het niet precies, zegt hij. En dat verbaast me. De geraadpleegde experts weten het allemaal eigenlijk niet, want ze stonden er – geboren in huizen met stopcontacten – niet eerder bij stil.

Andere vraag. Kun je op inductie sudderen? Atag, die inductiekookplaten ontwikkelt en in iets goedkopere landen in Oost-Europa laat maken, is het duidelijkst in zijn antwoord.

„We hebben kookplaten met een sudderstand die een gerecht tussen de 90 en 100 graden houdt en een warmhoudstand van rond de 70 graden.” En die moeten we hebben want dat suddert pas echt lekker. Een windmolen kan het ook makkelijk trekken.

Vlak onder de glazen kookplaat zit een sensor die de warmte in de panbodem op de plaat detecteert en het vermogen regelt. Siemens heeft ook zoiets, maar spreekt van een ‘braadstand’. Net te warm voor slowsudderij, de culinaire mode op heden.

Vondst. Neem een gietijzeren sudderplaat, een zogenoemde vlamverdeler voor op gas. Het is geen vlakke plaat, hij staat op een geribbelde krans en heeft bovenop ook ribbels. Zet hem op een inductieplaat op lage stand. De plaat zal meer dan 100 graden heet worden, maar de inhoud van een glazen schaal erop wordt hooguit 60 graden. De sudderplaat gooit de rest van de warmte weg. Een sensor is zuiniger. En dan op wind.