Jawel, er is weer een stijgende lijn

De 18 eredivisieclubs leden vorig seizoen gezamenlijk een verlies van 58,6 miljoen euro.

Toch lijkt er sprake een kentering, want er wordt ook fors bezuinigd.

Het leek altijd onmogelijk: bezuinigen in het profvoetbal. In die bedrijfstak telde alleen het sportieve succes, geen bestuurder oogstte applaus met een sluitende begroting. Maar het tij is gekeerd. „Het is een echte ombuiging”, concludeert Ron Francis, financieel directeur betaald voetbal bij de KNVB.

De voetbalbond presenteerde gisteren met de belangenvereniging van clubs, Eredivisie CV, de resultaten over vorig seizoen (2010-2011). De balans is nog altijd zorgelijk: de 18 eredivisieclubs hebben gezamenlijk een verlies geleden van 58,6 miljoen euro, wat recentelijk ook bleek uit onderzoek van deze krant. Op de aan- en verkoop van spelers leden de clubs een verlies van 14,4 miljoen euro.

Toch lijkt de neergaande trend gekeerd. Het verlies was een seizoen eerder fors hoger (71,8 miljoen euro). Voor het eerst hebben de clubs het mes gezet in de spelerssalarissen.

„De tendens was een steile lijn naar beneden. En die is nu omgezet in een lijn naar boven”, zegt algemeen directeur Frank Rutten van de Eredivisie CV. Een van de muren in zijn kantoor in Maarsbergen is grasgroen, met de witte lijnen van een voetbalveld erop geschilderd.

Het profvoetbal kampt sinds de financiële crisis van 2008 met tekorten. Hoe kan het dat de bedrijfstak vorig seizoen nog steeds verlies leed?

Rutten: „De crisis barstte los in het najaar van 2008. Toen waren de contracten voor het seizoen 2008-2009 al afgesloten. In het seizoen daarop hebben de clubs aan de bel getrokken, daar zien we nu resultaten van.

„Clubs hebben ook tijd nodig. Profspelers hebben langlopende contracten, die kun je niet direct bijstellen. Daarnaast heeft een aantal clubs bewust gekozen voor investeringen. Als ze daarvoor de financiële middelen hebben, kun je ze dat moeilijk verwijten.

„De schulden van onze clubs zijn laag in vergelijking met buitenlandse clubs. Ik denk dat Nederland samen met Duitsland het braafste jongetje van de klas is.

Francis: „Er zijn in Zuid-Europa clubs met een verlies groter dan hun jaaromzet. Dat willen we hier absoluut niet.”

Een kwart van het verlies in de eredivisie werd vorig seizoen veroorzaakt door verliezen op de transfermarkt, in totaal 14,4 miljoen euro.

Rutten: „In het verleden rekenden clubs erop dat hun investeringen werden goedgemaakt door verkoop van spelers. Nu de transfermarkt stagneert, gaapt er een gat.”

Francis: „Nederlandse clubs hebben veel geld verdiend met transfers. Wij zijn altijd een exporteur van talent geweest. De klap kwam bij ons harder aan dan in Engeland.”

Het totale bedrijfsresultaat in de eredivisie was ook negatief. Los van de transfers gaven clubs 35 miljoen euro meer uit dan ze verdienden.

Rutten: „We zijn er nog niet. We zijn goed op weg. Vooral de clubs die niet investeren hebben forse stappen gezet. Een paar clubs vervuilen de cijfers. Maar Feyenoord heeft bijvoorbeeld in twee jaar de spelerssalarissen met acht miljoen verlaagd.”

Behoren Nederlandse clubs wel tot de braafste jongetjes van de klas? Een flink aantal clubs werd overeind gehouden door investeerders of kreeg steun van de lokale overheid.

Rutten: „De reden dat er een beroep gedaan moest worden op de overheid is dat gewone financiële instellingen het laten afweten. In Nederland kunnen profclubs geen beroep doen op de kapitaalmarkt. Bij een bank krijg je in het beste geval een kop koffie.”

Is het wenselijk dat clubs overeind gehouden worden door de overheid?

Rutten: „Ik durf rustig te stellen dat Nederlandse gemeenten daarmee over het algemeen heel prudent omgaan en verhoudingsgewijs weinig doen. Zeker als je kijkt naar de maatschappelijk functie van het voetbal. Wat in een theaterkaartje wordt gestopt, staat in geen verhouding tot wat een gemiddelde club krijgt. En als het zakelijk gebeurt, zoals de erfpachtconstructie bij PSV [de gemeente Eindhoven kocht dit jaar voor 48,4 miljoen euro de grond onder het stadion en het trainingscomplex van de club, wat PSV via erfpacht terugbetaalt], dan zie ik geen probleem.”

Reddingsoperaties zijn omstreden omdat voetballers gemiddeld 350.000 euro per jaar verdienen.

Francis: „Ik begreep het publieke sentiment in Eindhoven, toen PSV direct na de deal met de gemeente op de trappen van het stadhuis aankondigde dat er twee spelers waren gekocht, ook al werd de aankoop gefinancierd met de opbrengst van een eerdere transfer. Het gemiddelde spelerssalaris is afgelopen seizoen gedaald door de bezuinigingen bij clubs. Nog meer dan de 7 procent waarmee de totale loonkosten zijn gedaald. Het salaris van voetballers zal de komende jaren verder dalen.”

Zijn die hoge salarissen wel te rechtvaardigen?

Francis: „Geld dat er is mag worden uitgegeven. Als de 30.000 mensen in het stadion gemiddeld 35 euro betalen om een paar spelers te zien, dan mogen die jongens daar wat aan over houden. Het publiek komt niet voor de scheidsrechter. En wat verdienen popsterren? In het buitenland krijgen spelers soms per maand wat ze hier in een jaar verdienen. Is dat te veel? Te weinig? Ik heb geen idee.”

Wat betekenen de dalende spelerssalarissen voor de positie van Nederlandse clubs in Europa?

Francis: „Het uitgangspunt moet zijn dat je niet meer geld kunt uitgeven dan je hebt. We gaan niet de salarissen met 10 miljoen verhogen zodat we dan de Champions League kunnen winnen. De verschillen zijn daar ook al veel te groot voor.”

Rutten: „We doen soms alsof 1995, toen Ajax de Champions League won, gisteren was. We moeten niet de ambitie hebben structureel bij de beste vijf voetballanden van Europa te horen. Dat halen we financieel niet. Of er moeten heel veel rijke Russen hier naar binnen fietsen.”

Welke rol kan het Nederlandse voetbal internationaal nog spelen?

Francis: „Nederland zal een opleidingsland blijven. Het is goed dat ondanks de bezuinigingen de uitgaven voor de jeugdopleidingen stijgen. En wij hopen dat spelers ook in hun eigen belang tot hun 21ste of 22ste in de Nederlandse competitie blijven. En niet op hun 17de al naar Spanje gaan om speler nummer 48 in een selectie te worden.”