In Wukan is een dode gevallen, maar dorpelingen volharden in hun verzet

Al wekenlang protesteren de inwoners van Wukan, een dorp in het zuidoosten van China, tegen corrupte bestuurders en gedwongen landonteigening. Nu is een van de betogers overleden in een politiecel en groeit de woede. De partijleiding in Peking is gespitst op verspreiding van onrust en onvrede onder de bevolking. Rebellie moet onderdrukt worden, maar tanks zijn anno 2011 geen optie meer.

Wukan village spokesman Si Mao (C-Top) speaks with a portrait of deceased village leader Xue Jinbo who died in custody, at a rally to demand the government take action over illegal land grabs and the death of Xue on December 15, 2011. The village of around 13,000 inhabitants accuse local officials of stealing communal land without compensating them with anger boiling over with the death in police custody of a village leader tasked with negotiating with authorities over the row. CHINA OUT AFP PHOTO AFP

Zakenman Ling, de zacht pratende leider van het rebellerende dorp Wukan in de Zuid-Chinese provincie Guangdong, heeft gelijk gekregen. „Er moet een dode vallen voordat de leiders in Peking naar ons zullen luisteren”, voorspelde de gepensioneerde textielhandelaar enkele weken geleden tijdens een gesprek bij hem thuis.

Inderdaad heeft het overlijden in een politiecel van zijn dorpsgenoot en vriend, Xue Jinbo (43), de aandacht van de Chinese autoriteiten gevestigd op de grieven van de 20.000 inwoners van Wukan.

Hun maandenlange demonstraties tegen „corrupte gangsters van de overheid” en tegen „illegale verkoop van ons land” is het grootste en langst durende protest in China sinds de revolte van 1989, de zogeheten Tiananmendemonstraties.

Met de verdachte dood van dorpsslager Xue, een gerespecteerd man, heeft Wukan er een in China bekende grief over bruut politieoptreden bij gekregen.

Xue is volgens de dorpelingen niet gestorven aan een hartaanval tijdens het verhoor op een regionaal politiebureau, maar doodgeslagen. „Hij is gemarteld en wij eisen een onafhankelijk onderzoek. De autoriteiten hebben duidelijk iets te verbergen. Waarom houden zij anders zijn lichaam al een week vast”, vertelt kunstenaar en activist Zhang Chenhao telefonisch vanuit Wukan.

De autoriteiten willen het lichaam pas vrijgeven als de dorpelingen hun demonstraties staken.

Wukan aan de Zuid-Chinese Zee, op vier uur rijden van Hongkong, is al wekenlang omsingeld door eenheden van de Chinese paramilitaire politie, die gewapend zijn met machinegeweren en zich in pantservoertuigen door het dorp bewegen.

Om hun woede over Xues dood te luchten en hun eisen opnieuw onder de aandacht te brengen, gaan de Wukanners vandaag, morgen en zondag weer de straten op om zich na een tocht door het dorp te verzamelen op het plein bij het openluchttheater.

Dat is de plaats waar zij zich al wekenlang met speeches moed inpraten, en als journalisten aanwezig zijn of jongeren hun videocamera’s aanzetten, nog luider roepen dat lokale bestuurders gangsters zijn en „het zwartste gezicht van het kwade”. Iedereen in Wukan doet mee, de winkeliers, de vissers, de kapsters, de onderwijzers, de eigenaren van de restaurants en de textielhandelaren. Onder hen is menig partijlid, zoals meneer Ling.

Iedereen zegt boos te zijn over de stiekeme verkoop van gemeenschapsland aan Hongkongse projectontwikkelaars en over de wijze waarop het verjaagde dorpscomité de recente verkiezingen voor dorpshoofd had gemanipuleerd. Het protest, daar maken meneer Ling en de zijnen geen geheim van, wordt ook gevoed door de hoop dat het dorp op enig moment royaal zal worden gecompenseerd door de projectontwikkelaars die van Wukan een badplaats willen maken.

Voor de media is Wukan lastig bereikbaar geworden. Er is een politiekordon om het dorp gelegd om journalisten te weren. Journalisten die met behulp van lokale taxichauffeurs wel het dorp hebben bereikt via de landweggetjes tussen de visvijvers, riskeren hun camera’s, laptops en blocnotes met namen en telefoonnummers te moeten inleveren.

Dankzij een groep jongeren in het dorp bereiken video’s, foto’s en microblogs wel de buitenwereld, hoewel ook de internetcensuur alle digitale teksten met de naam van het dorp en beeldmateriaal probeert te blokkeren. Een van die jongeren is Zhang Chenhao, een jonge kunstenaar, een idealist, die, als hij in Amsterdam of New York zou wonen, in een Occupy-kampement te vinden zou zijn. „Zulke demonstraties zijn in China onmogelijk”, zei hij tijdens een ontmoeting, eind november. Dat is waar, maar toch, ondanks de overal aanwezige politie, de staatsveiligheidsdienst en de spiedende ogen van verklikkers, groeit het aantal demonstraties in China.

Volgens niet gepubliceerd, maar uitgelekt onderzoek van de Chinese Academie voor Wetenschappen deden zich vorig jaar 180.000 van dit soort ‘massa-incidenten’ voor, een verdubbeling van het aantal in 2005. ‘Massa-incidenten’ is het eufemisme voor demonstraties zoals in Wukan, voor protestacties van stakende arbeiders, voor botsingen tussen boeren en politie over landconfiscaties.

Dit jaar ging geen week voorbij of het machtscentrum in Peking kreeg een signaal dat het gezag van de Communistische Partij van China, zeker op lokaal en provinciaal niveau, niet langer vanzelfsprekend is. Als zelfs de bewoners van een dorp als Wukan, drie jaar geleden nog beloond met een oorkonde en de eretitel ‘modeldorp’ en ‘Haven van harmonie’, opstandig worden, dan weet het politbureau dat er een dieperliggend probleem is.

De gemeenschappelijke noemer in de reeks incidenten, die dankzij het microblogsysteem Weibo zichtbaarder worden, lijkt de frustratie te zijn over de lokale en regionale overheid. Gepensioneerd textielhandelaar Ling verzekert dat hij en zijn dorpsgenoten niet uit zijn op de omverwerping van de partij. Dat soort geruststellend bedoelde uitspraken gebruiken demonstranten vaak.

Voor de communistische partijtop is dat nauwelijks een geruststelling, want de onrust over de groeiende kloof tussen arm en rijk, de maffiose praktijken van sommige lokale overheden en de sociale ontwrichting is wijdverspreid. Een Chinese Lente lijkt ver weg en de greep van de partij op het land voelt onwrikbaar aan, toch is de partijtop instinctief bezorgd. Dat bleek begin dit jaar ook tijdens de demonstratieve ‘Jasmijn-wandelingen’ in Peking en Shanghai, die in de kiem werden gesmoord door een overmacht aan politie op enkele tientallen, demonstratief lachende wandelaars af te sturen.

Zware middelen inzetten in Wukan is een optie die zeker is overwogen – China heeft een lange traditie op het gebied van het onderdrukken van rebellie. Tot nu toe zijn die niet zijn gebruikt. De voor de hand liggende reden is dat er dan doden vallen en de opstand van Wukan overslaat naar andere dorpen en kleine steden waar vergelijkbare grieven leven. Tanks afsturen op demonstranten, zoals in 1989 gebeurde op het Tiananmenplein, is niet langer een optie in het China van 2011.

Uit de commentaren en berichten in de staats- en partijpers naar aanleiding van de dood van Xue Jinbo („een ordinaire relschopper en onruststoker”) kan worden opgemaakt dat de autoriteiten in Peking zich inmiddels achter de schermen bemoeien met „het management van de sociale stabiliteit in Wukan”. Uit de officiële reactie blijkt ook dat de centrale overheid vindt dat de regionale bestuurders finesse in de omgang met de vissers en boeren missen. De suggestie is dat zij hadden moeten worden omgekocht.

„Lokale bestuurders moeten de wet van het land toepassen en niet de wet van de jungle”, aldus de Global Times, de Engelstalige spreekbuis van de partij – alsof de wetten van het land soelaas bieden voor de dorpelingen in Wukan die niet naar een rechter of beroepsinstantie kunnen.

Een ander signaal kwam van het staatspersbureau Xinhua dat gisteren aankondigde dat de verjaagde bestuurders van Wukan aangehouden zullen worden en dat ook naar de gedragingen van andere bestuurders in de regio onderzoek ingesteld wordt.

Ook is de geplande verkoop van landerijen aan de Hongkongse projectontwikkelaar Country Garden opgeschort. Voor Wukan is dat nog geen reden te stoppen. „Wij gaan door totdat alle corrupte bazen zijn veroordeeld, wij ons land terug hebben gekregen en de dood van onze vriend Xue is opgehelderd en bestraft”, zegt Zhang Chenhao.

    • Oscar Garschagen