Het ging over groei en rendement

Ad Verbrugge vergelijkt het onderwijs met banken. Vol gebakken lucht en riskante producten. Vooral de schoolbestuurders krijgen er van langs in een nieuw boek.

Nederland, 2004. Schoolplein voortgezet onderwijs tijdens de pauze. groepsvorming. Foto:Ton Poortvliet/HH Foto: Ton Poortvliet/Hollandse>

De managementlaag in het Nederlandse onderwijs? Dat is „de geprivatiseerde variant van de staatscommunistische bureaucratie”. Beter Onderwijs Nederland (BON) windt er geen doekjes om in het boek De onderwijsbubbel. De bundel verschijnt vandaag ter gelegenheid van het vijfjarig bestaan van de vereniging van ouders en docenten die zich zorgen maken over de kwaliteit van het onderwijs in Nederland.

In De onderwijsbubbel wordt niet alleen de staf gebroken over de schoolbestuurders. Alle zaken waartegen BON de afgelopen jaren heeft geageerd, passeren de revue: het studiehuis, het Nieuwe Leren, het competentiegericht onderwijs.

Staatssecretaris Halbe Zijlstra (Onderwijs, VVD) nam vanochtend het eerste exemplaar in ontvangst uit handen van BON-voorzitter Ad Verbrugge. Zijlstra vond het „jammer dat het boek zo negatief van toon is”, zei hij, omdat „de teugels al zijn aangehaald de afgelopen jaren”.

Verbrugge beaamt dat er sinds 2006 al het een en ander ten goede is veranderd. „Maar er moet ook nog veel gebeuren. We kunnen ons voorlopig nog niet opheffen.”

Met de bubbel uit de titel van het boek verwijst u naar de economische crisis. Welke paralellen ziet u tussen de staat van het Nederlandse onderwijs en die van de mondiale economie?

„Ik zeg wel eens gekscherend dat er in beide gevallen gebakken lucht is verkocht. Maar er is ook een bredere, fundamentele overeenkomst. Er is sprake van instituties die hun primaire taak hebben verwaarloosd. Bij de banken is dat de zorgplicht jegens hun klanten als het gaat om het veilig stellen van hun geld. En in het geval van de schoolbesturen is het de plicht ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk leerlingen zo goed mogelijk onderwijs krijgen.

„In plaats daarvan is er veel energie gestopt in nevenactiviteiten. Er is geëxperimenteerd met nieuwe producten – gevaarlijke beleggingen en slechte lesmethodes – en het in de markt zetten van die producten werd de bestaansreden van bankiers en onderwijsbestuurders.

„En dus ging het in het Nederlandse onderwijs de afgelopen jaren vooral over zaken als schaalgrootte, groei en rendement, want dat waren de maatstaven waaraan bestuurders hun succes wilden afmeten. Het gevolg daarvan was dat de pedagogische centra die lesmethoden ontwikkelen daarmee rekening gingen houden. Zij merkten dat scholen geïnteresseerd waren in methoden waarbij de leerling zelf aan het werk kon, zonder al te intensieve begeleiding van een leraar. Want dat is goedkoop. Mede hierdoor heeft het ‘Nieuwe Leren’ zo’n hoge vlucht genomen.”

Maar de traditionele, klassikale manier van lesgeven past toch ook niet meer bij de leerling van tegenwoordig?

„Er was in het onderwijs een probleem met de motivatie van leerlingen, dat is zeker waar. En ik geloof ook wel dat de mensen die deze hervormingen in gang hebben gezet geen slechte bedoelingen hadden. Maar feit is dat er, ook vanuit anti-autoritaire ideologische motieven, veel schade is aangericht. Er was sprake van een soort verdwazing. Niemand had meer zicht op wat al die vernieuwingen nu precies voor gevolgen hadden, maar er werd niet op de rem getrapt.

„Voor ouders was het heel moeilijk om gehoor te krijgen als ze zich zorgen maakten over de kwaliteit van het onderwijs van hun kind. Meestal werd hen verteld: kinderen leren tegenwoordig anders dan in uw tijd. Alleen kon niemand uitleggen waarom het dan beter was dat er niet langer klassikaal tafels werden geleerd.

„Van BON wordt wel eens gezegd dat we terug willen naar de jaren vijftig, maar dat is onzin. Je moet je altijd aanpassen aan de tijd waarin je leeft. Dat wil echter niet zeggen dat je helemaal mee buigt met de tijdsgeest.”

Critici van uw vereniging zeggen dat u blijft klagen over de kwaliteit van het onderwijs, terwijl veel van uw inzichten inmiddels algemeen worden geaccepteerd.

„Een deel van onze kritiek is overgenomen. Dat klopt. Maar het systeem dat voor de problemen heeft gezorgd, is nog altijd op zijn plaats. Het is net als bij de banken. De mensen die de boel in de soep hebben laten lopen, zeggen nu: wij gaan het allemaal in orde maken. Want dat is wat managers doen, het oplossen van problemen.

„Wat ons betreft verdwijnt die laag van bestuurders, overlegraden en adviseurs grotendeels. Geef het geld gewoon rechtstreeks aan de scholen en maak duidelijk welk deel er minimaal gebruikt moet worden voor het geven van onderwijs. Managers moeten enkel faciliteren: ervoor zorgen dat zoveel mogelijk mensen plezier hebben in lesgeven en les krijgen.”