Wapenliefhebber was woedend op de wereld

Nordine Amrani stond niet bekend als een crimineel met een psychiatrische stoornis. Wel gaf hij anderen de schuld van zijn problemen. Amrani voelde zich „geflikt”.

Nordine Amrani (33), een Luikenaar van Marokkaanse afkomst, haalde graag wapens uit elkaar en zette ze weer in elkaar. Bij een huiszoeking in 2007 ontdekte de politie bijna tienduizend onderdelen van wapens. Amrani had ook raketwerpers, een kalasjnikov en een machinegeweer, een FAL, Fusil Automatique Léger – het soort geweer waarmee hij gisteren schoot. Amrani had ook een cannabisplantage met zo’n drieduizend plantjes.

Amrani groeide op in Grimbergen, bij Brussel, waar hij ook al in aanraking kwam met de politie. In Luik werkte hij in de bouw, hij was getrouwd, zijn vrouw is verpleegkundige, ze woonden vlakbij het centrum van Luik. Een woordvoerder van het Luikse Openbaar Ministerie zei gisteren na een persconferentie dat Amrani een lang strafblad had – met wel zeker twintig feiten, ook zedenmisdrijven. Maar hij stond niet bekend als een crimineel met een psychische stoornis.

In 2008 was hij veroordeeld tot vijf jaar cel. In Belgische kranten zegt zijn advocaat uit die tijd, Didier de Quévy, dat Amrani kwaad was geweest over die straf en meteen een andere advocaat had genomen. „Maar Amrani”, zei De Quévy ook, „was boos op de hele wereld.” Hij vond dat hijzelf nergens schuld aan had, hij voelde zich „geflikt”.

Ook de advocaat die hij daarna had, Jean-Dominique Franchimont, noemt Amrani een verongelijkt mens en een veeleisende cliënt.

Vorig jaar oktober was Amrani vervroegd vrijgekomen – op voorwaarde dat hij geen nieuwe strafbare feiten zou plegen. Gisterochtend had hij zich bij de politie moeten melden voor een verhoor over een zedenzaak. De advocaat die hij de laatste tijd had, Jean-François Dister, zei tegen de Vlaamse omroep VRT dat zijn cliënt daar heel zenuwachtig over was. „Hij vond dat hij niets te maken had met die nieuwe zaak, maar wist niet waar het toe zou leiden. Hij vreesde dat hij weer naar de gevangenis zou worden gestuurd.”

Amrani had zijn advocaat er twee dagen geleden over gebeld. Dister had contact opgenomen met de politie en daarna aan Amrani laten weten dat het geen grote zaak was en dat hij zich niet meteen zorgen hoefde te maken.

Maar Amrani was gisterochtend niet naar het politieverhoor gegaan – en wel naar het Saint-Lambertplein, waar het verhoor gehouden zou worden. Hij zou eerder al de schoonmaakster van zijn buurvrouw hebben vermoord. Haar lichaam werd later op de dag gevonden in de garage van Amrani, ze werd vanaf’s ochtends vroeg vermist.

In kranten en op televisie dachten gerechtspsychiaters gisteren hardop na over Amrani: die zou vol „wraakgevoelens” hebben gezeten ten opzichte van politie en justitie. De moord op de schoonmaakster zou hem aangezet kunnen hebben om nog veel meer mensen te doden.

Of hij had alles al van tevoren bedacht: volgens Franstalige kranten had Amrani op maandagavond veel geld overgemaakt op de rekening van zijn vrouw met daarbij: ‘Je t’aime mon amour, bonne chance!’. Maar de Procureur des Konings (officier van Justitie) in Luik, Daniele Reynders, zei vanochtend op een persconferentie dat Amrani geen enkel bericht had nagelaten.

Zijn vrouw werd gisteren door de politie verhoord. Buren in hun appartementsgebouw zeiden tegen journalisten dat het stel jarenlang problemen had veroorzaakt. Ze zouden ruzie hebben gemaakt met anderen, maar ook met elkaar – en dan vooral midden in de nacht. Maar sinds zijn vrijlating vorig jaar was het wat beter gegaan. Amrani en zijn vrouw werkten allebei.

Nu zal zeker worden onderzocht hoe het mogelijk was dat Amrani sinds zijn vrijlating opnieuw wapens was gaan verzamelen. Werd er niet op hem gelet?

Minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet wees er vanochtend op dat de nieuwe Belgische regering al van plan was de regels voor vervroegde vrijlating strenger te maken. De regering zou nog beslissen of er een dag van nationale rouw komt voor de slachtoffers. „Maar in gedachten zijn we al in een soort van nationale rouw”, zei Milquet.