CERN-wetenschappers vinden meer aanwijzingen dat ‘Higgs-deeltje’ bestaat

Een reuzenmagneet is het middel waarmee wetenschappers van CERN hopen het Higgs-deeltje op te sporen. Foto Reuters / Dennis Balibouse

CERN-wetenschappers zeggen nieuwe aanwijzingen gevonden te hebben dat het zogenaamde Higgs-deeltje bestaat. De nieuwste onderzoeksresultaten zijn vanmiddag om 14.00 en 17.30 uur in het Zwitserse Genève bekend gemaakt.

De resultaten stellen nog niet met zekerheid vast dat het Higgs-deeltje bestaat. Maar de CERN-onderzoeksteams ATLAS en CMS denken op basis van de uitkomsten dat zij komend jaar waarschijnlijk wel definitief uitsluitsel kunnen geven over het al dan niet bestaan van het Higgs-deeltje. Daarvoor moeten de metingen nog nauwkeuriger. Blijft staan dat het project ver voor ligt op schema. CERN is het Europees Centrum voor Kernonderzoek.

Het Higgs-deeltje is vernoemd naar de Britse natuurkundige Peter Higgs. Die voorspelde het bestaan ervan veertig jaar geleden al. Het deeltje zou vele mysteries van de natuurkunde kunnen verklaren. Daarom wordt het ook wel het ‘God-deeltje’ genoemd. Het Higgs-deeltje zou er voor zorgen dat alle deeltjes in de natuur massa hebben, zelfs de allerkleinste. Het wordt wel gezien als het laatste ontbrekende puzzelstukje binnen de natuurkunde.

De bijnaam ‘God-deeltje’ ontving verzon Nobelprijswinnaar Leon Lederman. Higgs zelf was niet zo te spreken over die naam.

Afgelopen zaterdag legde wetenschapredacteur Margriet van der Heijden in het NRC Handelsblad uit wat Higgs-deeltjes precies zijn:

Het idee is dat een Higgsveld het vacuüm doortrekt. Zo doorbreekt het een symmetrie die in beginsel bestaat in het Standaard Model dat alle bouwsteentjes van onze materie rangschikt: namelijk dat al die deeltjes massaloos zijn. Dat zijn ze duidelijk niet, en dat zou dus komen doordat ze zich in dat Higgsveld bewegen. Het is een beetje als waden door stroop: het ene deeltje ondervindt meer weerstand (en krijgt meer massa) dan het andere. Het Higgsdeeltje hoort bij dat Higgsveld en duikt op als je er maar genoeg energie in steekt. Door deeltjes hard op elkaar te laten botsen bijvoorbeeld, zoals bij Cern.

De afgelopen dagen gonsde het al van de geruchten dat de twee CERN-onderzoeksteams kleine piekjes in hun metingen zouden hebben gevonden. Die piekjes ontstaan uit een overschot aan deeltjesbotsingen waarin twee hoogenergetische fotonen ontstaan. Zulke botsingen kunnen het gevolg zijn van het bestaan van het Higgs-deeltje.

De onderzoeksteams zoeken naar het Higgs-deeltje op de grens van Zwitserland en Frankrijk, in de deeltjesversneller Large Hadron Collidor. Dat is een tunnel van 27 kilometer lang vol magneten, waarin protonen met enorme snelheid op elkaar kunnen worden afgeschoten. Botsingen van die protonen genereren erg veel energie en soms ook nieuwe deeltjes. Heel af en toe ontstaat er ook een deeltje dat theoretisch uit een Higgs-deeltje kan zijn ontstaan.

Fokke en Sukke over het Higgs-deeltje:

    • Niels Posthumus