Elkaar nooit ontmoet, toch geestverwanten

In de jaren dertig ageerden de Nederlandse publicist Menno ter Braak en de Duitse publicist Kurt Tucholsky tegen de opkomst van de nationaalsocialisten. Ontmoet hebben beide mannen elkaar niet. Uit De Parelduiker blijkt dat Ter Braak en Tucholsky toch veel waardering voor elkaar hadden.

Vaak heb ik me afgevraagd wat Menno ter Braak en Kurt Tucholsky van elkaar vonden. In de jaren dertig waren zij,Ter Braak in Nederland, Tucholsky in Duitsland, kritische publicisten die veracht werden door populistische cultuurbarbaren. Beiden figureerden prominent op de door extreem-rechts publiek gemaakte lijsten van personen die de mond moest worden gesnoerd. ‘Weet dit: het heeft de langsten tijd geduurd / dan komen wij – wij durven jullie haten’, aldus een gedicht in het NSB-blad Volk en vaderland over met name genoemde leden van het Comité van waakzaamheid tegen het fascisme, onder wie Ter Braak.

Omdat in het Literaturhaus in Berlijn sinds kort twee schilderijen van Tucholsky en Ter Braak hangen, gemaakt door de Duitse schilder El Bocho, buigt Ter Braak-biograaf Léon Hanssen zich in De Parelduiker over de vraag hoe deze mannen zich tot elkaar verhielden.

Ontmoet hebben ze elkaar nooit, maar ze waren op de hoogte van elkaars bestaan. Nadat Tucholsky in 1935 als balling in Zweden zelfmoord had gepleegd, plaatste Het Vaderland, het dagblad waarvan Ter Braak redacteur was, een in memoriam. Het bericht dat vrijwel zeker van Ter Braaks hand was, vermeldt dat Tucholsky door zijn kritische publicaties ‘een van de meest gehate personen op de zwarte lijst van de nationaalsocialisten is geworden’. ‘Hij leefde sedert 1933 in de emigratie […] verbitterd en moedeloos door de verwerkelijking van alles, waarvoor hij in zijn boeken met scherpen spot had gewaarschuwd.’ Hanssen ziet in deze regels een voorafschaduwing van het lot van Ter Braak, die na de Nederlandse capitulatie eveneens de hand aan zichzelf sloeg.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 9 december 2011, pagina 10 - 11. Abonnees kunnen het hele artikel hier lezen.

    • Elsbeth Etty