Zo wil ik ook leven

Samen met haar geliefde zou Annie Leibovitz ‘The Beauty Book’ maken.

Haar geliefde stierf en het boek werd een tocht langs plaatsen vol herinnering.

Denk aan Annie Leibovitz en er is een gerede kans dat in je visuele geheugen een donkere vrouw in een bad vol melk opduikt. Het is maar een van de vele ludieke maar ook legendarische portretten – dit keer van actrice Whoopi Goldberg – die ze maakte van artiesten uit de film- en popwereld. Leibovitz en haar celebrity’s trokken gezamenlijk op, en de glamourbladen smulden van haar werk. En toen overleed haar geliefde, de vermaarde schrijfster Susan Sontag. Er ontstond een onoverkomelijke schuld bij de bank. De feesten van het stel, waarop de New Yorkse artistieke elite zich zo graag verzamelde, behoorden tot de voltooid verleden tijd.

Nu is er een nieuw fotoboek, Pelgrimage. Het wijkt in alles af van wat Leibovitz eerder maakte. Zonder opdrachten, agenda en assistenten reisde ze door Amerika en Engeland om er de huizen, bezittingen en uitzichten van beroemde dode mensen te bezoeken. Datgene wat haar raakte legde ze vast zonder de special effects en de perfectie van weleer.

De bedevaart begint met Emily Dickinson, de favoriete dichteres van Sontag, die op haar slaapkamer in Amherst, Massachusetts, schrijvend haar dagen sleet. Leibovitz maakte een close-up van haar enig overgebleven, witte jurk en een blad uit haar herbarium.

Leibovitz trekt verder, bijvoorbeeld naar de huizen van First Lady Eleanor Roosevelt, naar een schemerige opslag waar koffers vol kostuums van Martha Grahams dansschool liggen te vermotten. Pas halverwege het boek durft de fotografe ons iets écht persoonlijks toe te vertrouwen. Aanleiding is het huis van schilderes Georgia O’Keeffe bij Santa Fe, New Mexico. Aan haar werk herinneren een doosje met gebruikte pastelkrijtjes en een kast met beestenbotten. O’Keeffe’s wereldberoemde echtgenoot, fotograaf Alfred Stieglitz, kreeg nooit genoeg van zijn veel jongere echtgenote, getuige de 300 portretten die hij van haar maakte. Na diens dood leefde ze alleen verder, in een sober interieur, een eenpersoonsbed, met uitzicht op de horizon. ‘Zo zou ik ook wel willen leven’, schrijft Leibovitz, ‘O’Keeffe is voor mij de norm’. Blij word je niet van deze wensgedachte, maar invoelbaar is het wel.

Pelgrimage vereist nogal wat kennis over het cultureel erfgoed van Amerika. Wie was bijvoorbeeld Annie Oakley? Een brave huisvrouw, met een magisch talent als scherpschutter. In de Buffalo Bill Wild West Show presteerde ze het om via een spiegel een doelwit achter haar rug te raken. En als er een kleiduif op het toneel werd weggeschoten, vloog ze naar de tafel, greep naar haar geweer en knalde het ‘vliegende’ beest net op tijd in stukken. Jammer genoeg rest van haar in dit boek alleen een paar zilverkleurige laarzen.

Denk nu niet dat Leibovitz de grote dode mannen in dit boek rigoureus overslaat. Integendeel, ze zijn in de meerderheid. De divan van Freud, de dode duif van Darwin en de Harley Davidson van Elvis krijgen als stilleven alle ruimte. Maar een vrouw als Annie Oakley spreekt nu eenmaal meer tot de verbeelding dan de bekende feiten over Freud of Presley.

Pelgrimage is dus een verzameling grote, documentaire kleurenfoto’s, gecombineerd met een nogal onpersoonlijk, en vaak encyclopedisch reisverslag. Aanvankelijk hadden Sontag en Leibovitz het plan om gezamenlijk ‘The Beauty Book’ te maken. Het kwam er niet van en nu moeten we het stellen met een sobere tocht langs een reeks nogal willekeurige lieux de mémoire. Hinderlijk is dat tekst en beeld op de pagina’s vaak niet samenvallen, zodat je moet raden welk landschap of uitzicht bij wie hoort. Maar wat erger is: Sontags bijdrage wordt node gemist.

Annie Leibovitz: Pelgrimage. Vert. Henny Corover en Pon Ruiter. De Bezige Bij/Ludion, 246 blz. € 49,– ***

    • Marianne Vermeijden