'We zijn al twaalf jaar bezig terug te komen'

Nederland werd derde in de Champions Trophy en boekt onder Paul van Ass geen progressie. Goud in Londen lijkt ver weg. „We hebben niet de beste hockeycultuur.”

New Zealand's Andy Hayward fights for the ball against Netherlands' Billy Bakker in a bronze medal match of the Hockey Champions Trophy in Auckland, New Zealand, Sunday, Dec. 11, 2011. (AP Photo/SNPA, David Rowland) NEW ZEALAND OUT AP

De Nederlandse hockeyers hebben gisteren op de Champions Trophy in Nieuw-Zeeland brons ‘gewonnen’ door in de troostfinale het gastland met 5-3 te verslaan. „Hiermee herbevestig je je positie als derde van de wereld”, stelde bondscoach Paul van Ass na afloop van de wedstrijd vast. Zaterdag betekende het verlies tegen Spanje (3-1) uitschakeling voor de finale, nadat donderdag Australië al veel te sterk was in de finalepoule.

De bronzen medaille is geen teleurstelling, zegt Van Ass aan de telefoon vanuit Auckland. „Jullie [journalisten] zitten wel erg ver weg, merk ik. Het is toch weer Nieuw-Zeeland waar je tegen moet, dat met een fantastisch thuispubliek speelt. Steeds duwden zij terug op het moment dat wij scoorden, maar de tweede helft was echt voor ons.”

De Champions Trophy is het laatste grote toernooi voor de Olympische Spelen in Londen volgend jaar. Op de EK in augustus speelde Nederland fris maar naïef. Dat werd de ploeg uiteindelijk in de finale tegen olympisch kampioen Duitsland noodlottig. De afstand tot wereldkampioen Australië, dat gisteren voor de vierde keer op rij de Champions Trophy won, is in de woorden van Paul van Ass „nog een eind fietsen”.

Individuele verdedigingsfouten kostten de ploeg per wedstrijd gemiddeld twee doelpunten. Te veel om in wedstrijden tegen de sterkste landen te kunnen compenseren met aanvalslust. Zeker als de strafcorner zo dramatisch loopt als afgelopen week.

U zegt: dit is een bevestiging van de derde plek. Dat wordt in Nederland niet als leuk ervaren.

Van Ass: „Waarom wordt dat niet als leuk ervaren? We waren van 1996 tot en met 2000 ontzettend goed [olympische kampioen in Atlanta en Sydney, wereldkampioen in Utrecht in 1998], maar daarvoor en daarna was dat minder. We zijn al bijna twaalf jaar bezig om terug te komen als nummer 1 van der wereld. Daar is heel veel voor nodig. Nu moeten er twee talentvolle lichtingen bij elkaar komen, dat kost tijd. We hebben hier eremetaal gepakt met een sterk verjongde groep. Het spelen van een finale was een ontzettend mooi meetmoment geweest. Daarom was de teleurstelling ook groot dat we die niet hebben gehaald.”

Dit team is talentvol, maar als de hoofdprijzen verdeeld worden stelt het vaak teleur. Wat kunt u nog doen het komend half jaar?

„Er komt nog een aantal mensen bij zoals Floris Evers, Marcel Balkestein, Robbert Kemperman, Laurence Docherty. En met die totale breedte-groep ga ik aan de slag. Gedurende de competitie komen we maandag, dinsdag en woensdag bij elkaar, en er volgen nog twee oefenstages. Het Nederlands elftal valt niet meer uit elkaar tot de Spelen in 2012. Nu gaat het pas echt beginnen. Dan wordt het mooi om de potentie van deze jonge ploeg te zien.”

Het gaat nu pas beginnen? U heeft steeds gezegd dat je een toernooi moet winnen om favoriet te zijn op de Olympische Spelen. Maar toernooien zijn er niet meer.

„Als mij iets gevraagd wordt, geef ik daar antwoord op. Zo zit ik er in en die opvatting heb ik nog steeds. We moeten reëel zijn. Ik zeg niet dat we niet verder komen dan een derde plaats op de Spelen. Maar we zijn geen favoriet. Natuurlijk had ik hier graag de finale gespeeld, dat is niet gelukt. Van Duitsland hebben we nu een aantal keren gewonnen, alleen de EK-finale niet. Daar kunnen we dus de strijd mee aan. Alleen Australië ligt wat verder voor.”

Waarom is Nederland, met wereldwijd veruit het hoogste aantal leden, al lang niet meer het beste hockeyland?

„Wij hebben wel de sterkste competitie, maar niet de beste hockeycultuur. Dat zijn twee verschillende dingen, maar die worden nogal eens door elkaar gegooid. De Australiërs denken in strijd en zijn een stuk opportunistischer. Zijn schenken veel aandacht aan de duelkracht. Die strijdcomponent zie je bij hun in elke sport terug. Wij gaan nu ook op stage naar Australië om vier keer tegen ze te spelen. Daar hoop ik veel van te leren. En ja, Australië is ook wel nieuwsgierig naar ons. Zij nemen ons ook heel serieus.”

Hoe beoordeelt u uw eigen functioneren? Oud-international en Telegraaf-analist Jacques Brinkman constateert bij de nationale ploeg een gebrek aan zelfreflectie.

„Ik heb gehoord dat hij cijfers geeft. Ik heb tegen de jongens gezegd: let daar maar niet op. Wat mijn functioneren betreft: daarover praat ik samen met de hockeybond. Dat is ook far out of my league. En eerlijk gezegd ook uit jouw league. We hebben met de hockeybond een plan opgesteld en ik doe daarbinnen gewoon mijn werk.”

    • Bart Hinke