Pak overmatig gebruik antibiotica écht aan

Het kabinet wil het antibioticagebruik in de veehouderij halveren.

Maar er is een veel grotere reductie nodig om uit de gevarenzone te blijven.

Vol trots presenteerden staatsecretaris Bleker (Landbouw, CDA) en minster Schippers (Volksgezondheid, VVD) onlangs de cijfers van het antibioticagebruik in de veehouderij: er had een reductie van 32 procent plaatsgevonden ten opzichte van het afgelopen jaar. Een hele prestatie, zo stelden ze. De doelstelling van 20 procent verlaging was er ruimschoots mee gehaald. Het komt zelfs al in de buurt van de halvering die het kabinet zich ten doel heeft gesteld voor 2013.

En uiteraard is het ook goed nieuws. Het overmatig gebruik van antibiotica in de intensieve veehouderij en het daarmee gepaard gaande ontstaan van resistente bacteriën is zo’n groot gevaar voor de volksgezondheid dat alle reductie is meegenomen.

Toch is het nog veel te vroeg om de loftrompet te steken. De doelstelling die het kabinet zich heeft gesteld is namelijk veel te laag. Willen we zorgen dat het risico op het ontstaan van resistente bacteriën echt geminimaliseerd wordt, dan moet een reductie van minstens 90 procent worden nagestreefd.

Dat lijkt drastisch, maar een blik op de cijfers leert dat dat meevalt. Uit een vergelijking uit 2007 met negen andere Europese landen blijkt dat Nederland koploper antibioticagebruik in de veehouderij is met zo’n 190 mg antibiotica per kilo dier. Alleen Frankrijk komt met 180 mg/kg in de buurt. De nummer drie, Groot-Brittannië, gebruikte maar 90 mg/kg, andere landen nog minder. Dat zet de hele doelstelling van halvering gelijk in perspectief: Nederland zal ook in 2013 nog steeds in de topdrie staan en ver boven het Europese gemiddelde scoren.

Een halvering betekent bovendien dat alleen het excessieve uitgiftepatroon van het afgelopen decennium wordt tenietgedaan. Vijftig procent reductie wil zeggen dat Nederland in 2013 terug is op het niveau van 1998. Dat is niet echt een schokkende ambitie, helemaal wetende dat de veestapel sindsdien met zo’n 10 procent is geslonken.

Dat het ook anders kan, bewijzen de Scandinavische landen. Denemarken verbood al in 1995 het voorschrijven van antibiotica als groeibevorderaar. En dat heeft zijn effect gehad. Zo is het aantal bacteriën dat resistent is tegen zogenaamde glycopeptideantibiotica sindsdien drastisch gedaald. Waren in 1994 nog 80 procent van alle bacterie-isolaten in kippenhouderijen en 20 procent in varkenshouderijen resistent tegen het antibioticumtype, nu is dat in beide gevallen gedaald tot minder dan een paar procent. Glycopeptideantibiotica worden bij mensen ingezet als laatste redmiddel tegen onder meer MRSA-bacteriën, als niks anders meer helpt.

Opvallend is dat de Deense veehouderij geenszins geleden heeft onder de maatregel: de productie laat sinds het verbod een groei zien die vergelijkbaar is met andere landen. Winst voor de volksgezondheid hoeft dus niet gepaard te gaan met verlies aan economisch perspectief.

Wel vergt een sterke reductie van het antibioticagebruik in de veehouderij enkele aanpassingen. Er zullen alternatieven moeten worden gevonden om ziektes preventief binnen de veestapel te voorkomen. Zo zal de hygiëne binnen de bedrijven verbeterd moeten worden, moet er strenger gezondheidsmanagement worden toegepast en zullen vaccins en voedsel met pre- en probiotische kwaliteiten gebruikt moeten worden.

Om tot 90 procent reductie te komen is bovendien een aanpassing van het uitgiftesysteem nodig. Op dit moment is het in Nederland zo dat veeartsen verdienen aan het uitschrijven van antibiotica. Er is dus een economische prikkel om veel uit te geven. Ook hier moet Denemarken als voorbeeld dienen. Daar verdient een veearts niet meer aan het uitschrijven van antibiotica.

Voorts zou het goed zijn als de minister van Landbouw eens niet van CDA-huize zou komen. Met uitzondering van de Paarse jaren (1994-2002), toen de partij buiten de regering werd gehouden, heeft het CDA sinds 1960 onafgebroken de minster van Landbouw geleverd. Omdat het CDA immer boeren de hand boven het hoofd houdt, ontsnappen zij aan allerhande noodzakelijke maatregelen. Dat het antibioticagebruik in Nederland zo uit de klauwen heeft kunnen lopen is voor een groot deel te wijten aan het CDA, dat maatregelen nooit zag zitten.

Staatssecretaris Bleker lijkt daar nu onder zeer grote druk verandering in te brengen, maar maakt het zichzelf vooral heel makkelijk. Zijn ambitie is veel te laag om de volksgezondheid te waarborgen. Antibioticaresistentie wordt een van de grootste medische problemen van de 21ste eeuw, zo is de verwachting. Laten we alle maatregelen nemen die we kunnen om de schade beperkt te houden. 90 procent reductie van het gebruik in de veehouderij is daar een van.

Hidde Boersma is gepromoveerd microbioloog en freelance wetenschapsjournalist.

    • Hidde Boersma