Ontwaakte Russen zweven tussen hoop en cynisme

Russen die zich nooit roerden eisen nieuwe verkiezingen. Het Kremlin trekt zich daar nog niets van aan. Nieuwe acties staan gepland. Een botsing lijkt onvermijdelijk.

A demonstrator holds a poster showing a manipulated photograph of Russian Prime Minister Vladimir Putin and bearing the words, "No! 2050" during a mass rally to protest against alleged vote rigging in Russia's parliamentary elections in Moscow, Russia, Saturday, Dec. 10, 2011. Tens of thousands of people held the largest anti-government protests that post-Soviet Russia has ever seen on Saturday to criticize electoral fraud and demand an end to Vladimir Putin's rule. (AP Photo/Mikhail Metzel) AP

40.000, 80.000, 100.000. Hoeveel betogers naar het Bolotnaja Plosjad, het Moerasplein, zijn gekomen, doet er eigenlijk niet toe. Want de menigte die zich afgelopen zaterdag op het smalle eilandje in de rivier de Moskou verzamelde, is groot en ververst zich voortdurend. Sinds 1993 zijn er in Moskou niet meer zo veel verontwaardigde Russen bijeengekomen om te demonstreren. „We bestaan!”, scanderen ze.

De betogers zijn van allerlei slag: liberalen, monarchisten, nationalisten, anarchisten, zwervers, apolitieke middenklassers. Ze hebben één ding gemeen: ze zijn voor het grootste deel jong en boos over de vervalste uitslagen van de parlementsverkiezingen van 4 december. „Dit is de eerste dag van Ruslands civil society” (een samenleving van burgers die zich buiten de politiek om organiseren), zegt Gennadi Goedkov, het dissidente Doemalid van Rechtvaardig Rusland, die ook veel stemmen door de fraude is misgelopen. „Een van onze eerste eisen is het ontslag van Vladimir Tsjoerov, de voorzitter van de Centrale Kiescommissie.”

Een week geleden leek er nog niets aan de hand. Maar zodra duidelijk wordt dat regeringspartij Verenigd Rusland van premier Poetin in de officiële uitslagen gekelderd is van 64 naar 49,7 procent, en dat zelfs die uitslag fors is ‘opgehoogd’, krijgen veel jonge, goed verdienende Russen er ineens genoeg van. Russen die zich tot die tijd nooit verenigden om voor hun belangen op te komen. In 130 steden uiten ze hun woede. „Nieuwe verkiezingen!” is hun leuze.

De nationalisten die zwaaiend met hun tsaristische vlaggen meedoen aan het protest, denken er net zo over. „Bij de vorige verkiezingen mocht onze partij niet meedoen”, zegt de 45-jarige commercieel directeur Joeri Arzamentsev. „Sindsdien zijn wij niet in de Doema vertegenwoordigd, terwijl wij met vele miljoenen zijn. Daarom moeten er nieuwe verkiezingen komen, met nieuwe geregistreerde oppositiepartijen.”

De populaire detectiveschrijver Boris Akoenin neemt ook deel aan het protest. „Deze demonstratie is het begin van een nieuwe revolutie van het volk”, zegt hij. „Het volk is twintig jaar lang naïef geweest en heeft veel te gemakkelijk zijn rechten afgestaan.” Maar zodra een spreker het woord revolutie in zijn mond neemt, wordt hij uitgejouwd, ook al voegt hij daar nog snel het adjectief vreedzaam aan toe. „Nee, we willen geen revolutie”, roepen de betogers massaal. Revolutie is een besmet woord. Menige ontevredene op het plein haalt Aleksandr Poesjkin aan, die schreef dat een opstand in Rusland altijd „zinloos en meedogenloos” is.

Geïnspireerd door het grote succes van hun vreedzame protest nemen de betogers aan het eind van de middag een resolutie aan met vijf eisen: onmiddellijke vrijlating van alle demonstranten die de afgelopen week zijn gearresteerd; annulering van de verkiezingsuitslagen; ontslag van voorzitter Vladimir Tsjoerov van de Centrale Kiescommissie en een onderzoek naar diens rol bij de stembusfraude; registratie van echte oppositiepartijen en democratische wetgeving voor de toelating van zulke nieuwe partijen; het houden van nieuwe verkiezingen.

Met die resolutie belanden de betogers onmiddellijk in een doodlopende steeg. Op het vrijlaten van de politieke gevangenen na lijkt het Kremlin geen van de andere eisen te zullen inwilligen. Om de eenvoudige reden dat daardoor het bestaande autoritaire systeem wordt ondergraven, dat de stembusfraude zelf heeft bevolen. En dat is het laatste wat mag gebeuren, want wankelt het systeem, dan wankelt ook Poetin zelf.

„Aan vijftigduizend betogers zal Poetin zich niets gelegen laten liggen”, zegt na afloop van de demonstratie een van diens topambtenaren, die anoniem wil blijven. „Op korte termijn zal er dan ook niets veranderen.”

Het bewijs voor de onbuigzaamheid van het Kremlin was een dag voor de betoging al gegeven, toen de verkiezingsuitslagen officieel werden goedgekeurd. President Medvedev voegde daar gisteravond laat op Facebook nog aan toe het niet eens te zijn met de kritiek van de betogers, ook al beloofde hij een onderzoek naar de stembusfraude te zullen houden. Het leverde hem vanochtend al meer dan 7.000 reacties op, onder meer van mensen die hem voor een „zielige leugenaar” uitmaakten.

Voor 24 december staat een nieuwe massademonstratie in Moskou gepland. Vraag is wat de betogers doen als het Kremlin hun eisen negeert. De optimisten onder hen zeggen dat er dan nog meer demonstraties komen. Maar zolang die niet uitmonden in een serieuze oppositiebeweging, kan het Kremlin zich doof blijven houden voor hun grieven.

De pessimisten onder de betogers vrezen dat ze het dan wel kunnen vergeten. Een voorbarige gedachte. Want als het inderdaad lukt om met steeds meer mensen de straat op te gaan en de protestbeweging niet te laten doodbloeden, dan is een confrontatie met het regime op de lange termijn alsnog onvermijdelijk.

Het Kremlin vreest zo’n confrontatie wel degelijk. Anders hoeft er niet zo’n intimiderende politiemacht van 50.000 man op de been te zijn om de betoging te ‘begeleiden’ en bij een escalatie uiteen te jagen.

De ontwaakte Russen zweven tot 24 december dus tussen hoop en cynisme. Maar dat doet niets af aan de historische betekenis van hun eerste grote protest, dat hoofdredacteur Jevgenia Albats van het weekblad New Times in haar toespraak karakteriseerde als „het begin van een lange strijd.”

    • Michel Krielaars