Hypocriet zwijgen over priesterseks

Het paar Peijnenburg is geen uitzondering. Als alle seksueel actieve priesters ermee zouden moeten ophouden, zou dit weleens het einde van de katholieke kerk kunnen betekenen, aldus Heleen Crul.

Aldo de Lorenzis, een bekende Milanese advocaat, was een strijdbare man. Hij was de zoon van een generaal, partizaan in de Tweede Wereldoorlog en was daarna kritisch op het ‘systeem’, of dat nu de politiek, de advocatuur of de Rooms-Katholieke Kerk was. Onlangs overleed hij op 88-jarige leeftijd. Wij, mijn man en ik, woonden zijn uitvaart bij in de Santa Maria Segretakerk. Een katholieke begrafenis was niet bepaald zijn laatste wens, maar zijn vrouw wilde het zo. Binnen laat de kerk de pracht en praal zien van het vroegere rijke roomse leven. Maar die tijd is voorbij: er was maar één priester, er waren geen misdienaars, het orgel zweeg, een koor ontbrak. Bijna niemand ging ter communie.

Later zegt de zoon van de overledene: „De ontkerkelijking is ook hier al lang aan de gang. Het Vaticaan leeft met de rug naar de wereld toe, en wij met de rug naar het Vaticaan.” Toch heeft het Vaticaan in Italië de minste kritiek te verduren. Over een onderwerp als kindermisbruik door priesters wordt grotendeels gezwegen. Dat is bepaald niet het geval in andere landen in Europa. En ook in Amerika en Australië heeft seksueel misbruik van minderjarigen door katholieke priesters en broeders veel opschudding veroorzaakt.

Nu wordt geëist dat de slachtoffers een financiële compensatie moeten krijgen. In ons land is dat geregeld, al willen de betrokkenen meer: psychologische opvang en een gesprek met een bisschop. Dezer dagen werd nog eens extra duidelijk dat de Rooms-Katholieke kerk, die altijd heeft beweerd niet op de hoogte te zijn geweest van het misbruik, dit wel degelijk al was in de jaren vijftig. Het was toen ook al een hardnekkig probleem in allerlei internaten die door fraters werden geleid. Overigens gold het kerkelijk zwijgen ook voor veel andere seksuele activiteiten van priesters en fraters, activiteiten die tegen de regels van de Kerk waren.

Kindermisbruik is van alle tijden, maar het is terecht dat vooral het kindermisbruik door geestelijken grote verontwaardiging wekt. De betrokken priesters predikten het geloof, drongen erop aan dat de ‘beminde gelovigen’ zich hielden aan de Tien Geboden en wezen op de noodzaak van het biechten van hun zonden en boetedoening daarvoor. Ze hadden als vertegenwoordiger van God een grote macht en werden daarom vertrouwd. De ontdekking dat niet alleen gelovigen ‘zondaars’ waren maar ook de Kerk zelf, verklaart de woede en pijn. Het wortelt in een intens gevoel van verraad.

Tegelijkertijd kan de ‘schuldigheid’ van katholieke geestelijken die hun seksuele behoeften op kinderen uitleefden, enigszins gerelativeerd worden door de omstandigheden waarin zij vanaf hun twaalfde vanwege hun ‘roeping’ moesten leven. Die roeping werd vaak aangepraat, want uit die grote katholieke gezinnen moest toch minstens één priesterzoon voortkomen. Dat leidde tot 12-jarigen die naar het kleinseminarie werden gestuurd. Daar wachtte hun totale afzondering van hun familie, van hun oorspronkelijke sociale omgeving en de wereld om hen heen. Zij werden, zonder enig alternatief en met vaste hand, dag in dag uit doordesemd van het geloof, de bijbehorende geboden en verboden, en de overgave aan God. Emotionele intimiteit, persoonlijke genegenheid en vriendschap werden de toekomstige priesters ontzegd. Dat alles in een periode waarin de puberteit begint, je hechtere, zelfgekozen vriendschappen ontwikkelt en je eigen seksualiteit ontluikt.

Een dergelijk dwingend gebod dat jarenlang nabijheid van anderen uitsluit, kan leiden tot een niet geïntegreerde seksualiteit die vatbaar maakt voor een verlangen naar seksuele contacten met jongeren en zwakkeren. Zo wordt het begrijpelijk dat sommige jongens die een priesteropleiding volgden of broeder werden, zich later gingen vergrijpen aan de kinderen die zij onder hun hoede hadden.

Wie overigens zowel priester als homoseksueel was, kon daar in de Rooms-Katholieke Kerk lange tijd beter mee weg komen dan in een samenleving die pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw minder allergisch werd voor een openlijke en gelijkwaardige beleving van homoseksualiteit. Het Vaticaan heeft weinig op met vrouwen. Binnen de patriarchale structuur wordt homoseksualiteit dan ook gedoogd en kennelijk niet als strijdig ervaren met het celibaat.

Dit blijkt uit het dit voorjaar verschenen boek Sex and the Vatican, geschreven door de Italiaan Carmelo Abbate. Hierin wordt duidelijk hoe schijnheilig en ontluisterend het Vaticaan functioneert. Onverzoenlijk naar de gelovigen, blind voor het doen en laten van de eigen priesters en bisschoppen, vanuit het motto ‘wat niet weet, dat niet deert’. Op de achterkant van het boek, dat in Italië grotendeels genegeerd wordt maar in Duitstalige landen een bestseller is, wordt het getypeerd als: Un reportage documentato ed esplosivo.

Abbates onderzoek bestaat uit een verzameling van wetenschappelijke gegevens over celibaat, kindermisbruik, misbruik van mannen en vrouwen door priesters en homoseksualiteit. De meest concrete studies komen uit de Verenigde Staten en Duitssprekende landen. In de VS toonde een studie van de psychiater en ex-benedictijn Richard Spee aan dat 25 procent van de priesters na hun wijding een relatie hadden gehad met een vrouw, 30 procent was homoseksueel, 20 procent had een homoseksuele relatie gehad of had twijfels over de eigen seksuele geaardheid. Tegen The Boston Globe verklaarde Spee: „Als we alle priesters met een homoseksuele geaardheid uit hun ambt moeten ontzetten, zou dat het effect van een atoombom hebben. Alleen al een derde van alle bisschoppen zou moeten terugtreden.”

Een ander onderzoek van de socioloog en schrijver James Wolf schat dat 49 procent van de Amerikaanse priesters homoseksueel is. 58 procent van de priesters vindt, desgevraagd, dat het celibaat iets is om na te streven, maar dat het geen wet is waar je aan moet gehoorzamen. 35 procent vindt dat je niet moet trouwen, wat niet wil zeggen dat je niet seksueel actief mag zijn. 41 procent ziet een volledige scheiding tussen het leven als priester en seksuele activiteiten.

En hoe denkt Italië over dit alles? „Niemand heeft ooit geprobeerd een studie naar al deze problematiek ook maar te beginnen”, laat Camelo Abbate weten. „En wee als je een priester-psychiater benadert die de moeilijkste gevallen van priesters begeleidt die in seksuele affaires zijn beland. Ze mijden je als de pest. Ze zijn bang. Je kan overal met ze over praten, behalve over seks.”

Het Vaticaan hanteert consequent de tactiek van zwijgen, ontkenning en een andere kant op kijken, als het gaat over zaken die met de eigen leer botsen. Die houding maakt het mogelijk dat priesters rond het Vaticaan een dubbelleven leiden. Dat constateerde Abbate toen hij undercover, voorzien van een verborgen camera, de scene opzocht waar homoseksuele priesters hun verlangens bevredigen. Homofeestjes, darkrooms en escorts waren aan de orde van de nacht. Kort voor of na de uitstapjes fungeren deze priesters weer in hun ambt, dragen ze de mis op, bidden en nemen de biecht af.

Abbate publiceerde over dit dubbelleven in het populaire Italiaanse tijdschrift Panorama. De eerste reactie van het Vaticaan was, zoals gebruikelijk, ontkennend. De hoofdredacteur van het tijdschrift nodigde vervolgens het Vaticaan uit om de bewijsstukken te komen inzien. Een tweede reactie van kardinaal Agostini Vallini op al deze wereldse uitbundigheid was doeltreffender. Hij ontkende de feiten niet. De priesters in kwestie werd met klem gevraagd zich bekend te maken, de toog aan de kapstok te hangen en de kerk te verlaten. Of dat ook gebeurd is, is onbekend. Als dit verzoek uit het Vaticaan wereldwijd zou plaatsvinden, zou dit wel eens het einde van de Rooms-Katholieke Kerk kunnen zijn.

Echte liefde kan nooit verkeerd zijn. Dat geldt niet alleen voor homoseksuele relaties maar ook voor heteroseksuele relaties. In mijn kennissenkring leven enkele priesters al jaren met vrouwelijke partners. Hun collega Jan Peijnenburg (81) is dezer dagen vanwege de ‘regels uit Rome’ als priester geschorst. Dit is zijn straf voor het feit dat hij de relatie met zijn vriendin Trees (85), met wie hij al 46 jaar samenwoont, niet wenst te verbreken. Deze priester is nu naar de rechter gestapt om zijn schorsing aan te vechten. Hij wil ook dat het verplichte celibaat wordt getoetst aan de mensenrechten.

Deze gang van zaken is een van de vele voorbeelden waarmee het Vaticaan, met zijn machtswellust en onwrikbare leer, het ware gezicht van het katholieke geloof onzichtbaar en soms zelfs onmogelijk maakt. De essentie van dit geloof is naastenliefde, barmhartigheid en vergeving van zonde. Van die laatste optie zal het Vaticaan zelf ruimhartig gebruikmaken, met het biechtgeheim als garantie dat ‘alles onder ons blijft’.

Heleen Crul is publiciste.Sex and the Vatican, Carmelo Abbate, Piemme 2011. www.edizpiemme.it

    • Heleen Crul