Nederland biedt excuses aan voor bloedbad Rawagede

De Nederlandse ambassadeur in Jakarta, Tjeerd de Zwaan, heeft vandaag namens Nederland excuses aangeboden voor de massamoord die de Nederlandse militairen in 1947 in Rawagede op Java aanrichtten.

De Zwaan sprak tijdens een herdenking van het bloedbad in Balongsari, zoals het dorp nu heet. Hij sprak de hoop uit dat de schikking die Nederland heeft getroffen zal helpen het hoofdstuk af te sluiten.

Een vrouw die twintig jaar oud was toen haar echtgenoot werd vermoord zei:

“Dit geeft me het gevoel dat mijn strijd voor rechtvaardigheid niet voor niets is geweest.”

Rosenthal: excuses passend gebaar

Eerder noemde minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal de excuses een passend gebaar aan de nabestaanden:

“De excuses doen recht aan de ernst van de gebeurtenissen in Rawagede. Ik hoop dat zij de nabestaanden helpen deze buitengewoon moeilijke episode in hun leven af te sluiten en in staat te zijn de blik op de toekomst te richten.”

De Haagse rechtbank bepaalde in september dat Nederland zeven weduwen uit het Javaanse dorp moet compenseren voor de dood van hun echtgenoot. Een actie van Nederlandse militairen kostte in december 1947 aan honderdvijftig tot vierhonderd mannen het leven.

Nederland heeft inmiddels een schikking getroffen met de negen weduwen die de zaak aanhangig hebben gemaakt. Zij krijgen ieder 20.000 euro.

‘Officiële excuses van de Staat is uniek’

NRC-redacteur Emilie van Outeren eerder over de excuses:

“Het is uniek dat de Staat officiële excuses maakt voor wandaden uit het verleden. Voor de Nederlandse rol in de slavernij en het gebrek aan bescherming voor de moslimbevolking van Srebrenica zijn bijvoorbeeld nooit excuses gemaakt.

Ook de excuses voor Rawagede waren controversieel. Drie jaar geleden sprak de toenmalige ambassadeur in Indonesië, Nikolaos van Dam, tijdens de herdenking op 9 december van ‘diepe verontschuldigingen’ van de Nederlandse regering. In 2005 betuigde Ben Bot, toen minister van Buitenlandse Zaken, ‘spijt’ voor het leed dat Indonesiërs was aangedaan tijdens hun oorlog om onafhankelijkheid. In beide toespraken werd het woord ‘excuses’ expliciet vermeden. Dat de excuses er nu toch komen, is het resultaat van de onderhandelingen tussen het ministerie van Buitenlandse Zaken en advocate Zegveld.”