Hongarije stemt mogelijk toch in met EU-verdrag

Van links naar rechts de regeringsleiders van Hongarije (Viktor Orbán), Estland (Andrus Ansip) en Zweden (Fredrik Reinfeldt) tijdens de EU-top in Brussel. Foto AP / Geert Vanden Wijngaert

Wellicht is Groot-Brittannië straks het enige van de 27 EU-landen dat zich niet achter het nieuwe verdrag over begrotingsdiscipline schaart. Hongarije, aanvankelijk ook een tegenstander van het akkoord, zet de deur nu toch op een kier.

Niet langer schaart minister-president Viktor Orbán zich bij Groot-Brittannië; het is aan zijn parlement om het akkoord te beoordelen, zegt hij nu. Daarmee is er nu één EU-land tegen en laten er drie (Hongarije, Tsjechië en Zweden) de beslissing over aan het nationale parlement. Dat heeft tot maart de tijd om tot een oordeel te komen, zei Orbán.

Vanmorgen brachten de leiders van zeventien eurolanden en zes andere EU-landen naar buiten dat ze tot een overeenstemming waren gekomen in Brussel: er komt een verdrag over een strengere begrotingsdiscipline. Dat moet (vooral op de middellange termijn) zorgen voor meer financiële stabiliteit in de EU en een nieuwe escalatie van staatsschulden voorkomen. De landen hopen dat het akkoord genoeg daadkracht uitstraalt om de financiële markten ook op korte termijn te bedaren. De bedoeling is dat de landen in maart 2012 de details van het akkoord hebben uitgewerkt.

Bij het bekendmaken van het akkoord werd ook duidelijk dat Groot-Brittannië niet meedoet. Premier Cameron weet dat hij in eigen land te maken heeft met grote tegenstand van de eurosceptische conservatieven. Zou hij hebben getekend, dan was de kans groot dat een onafwendbaar referendum een wig zou drijven tussen de coalitie van conservatieven en liberaal democraten.

    • Peter Zantingh