Grote Drie splijten Europa in genadeloze nacht

Niemand in Brussel is gerust op een extra EU-Verdrag. De leiders Merkel, Sarkozy en Cameron zochten de ramkoers. Nu volgt een dodenrit langs nationale parlementen.

British Prime Minister David Cameron speaks during a media conference at an EU summit in Brussels on Friday, Dec. 9, 2011. European leaders are wrestling over how much of their sovereignty they are willing to give up in a desperate attempt to save the ambitious project of continental unity that grew from the ashes of World War II. At stake at the summit in Brussels, which began Thursday evening, is not only the future of the euro, but also the stability of the global financial system and the balance of power in Europe. (AP Photo/Michel Euler) AP

„Ze hebben het kapotgemaakt, ze hebben het kapotgemaakt.” Dat zinnetje herhaalde een woedende Europese ambtenaar vanmorgen om half zes alsmaar, hardop.

Met grote stappen beende hij het gebouw uit waar de 27 Europese regeringsleiders tien uur vergeefs hadden vergaderd over een Europese verdragswijziging om de euro te redden.

Op de vraag wie ‘ze’ waren en wat er kapot was, zei hij: „Merkel, Sarkozy en Cameron. Deze drie hebben zojuist Europa met hun extremistische gedrag kapotgemaakt. Europa is gespleten. Dit is het einde. Dit komt nooit meer goed.”

Toen liep hij door de draaideur de Brusselse ochtendkou in.

Hij was niet de enige die met apocalyptische gedachten de Europese top verliet.

Velen zeggen: dat de 27 regeringsleiders het niet eens werden over een wijziging in het Europees verdrag, splijt Europa.

En velen leggen de schuld bij de regeringsleiders van uitgerekend de drie grote landen die Jean Monnet, een van de vaders van de Europese eenwording, als pijlers van de vrede in Europa beschouwde: Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië.

De verdragswijziging had de 17 eurolanden in staat moeten stellen om onderling keiharde begrotingsdiscipline af te dwingen en een strakker economisch bestuur in te stellen. Dit had kunnen helpen om de eurocrisis te bezweren.

Maar alle 27 landen – dus ook de tien zonder euro – moeten zo’n wijziging goedkeuren, want het verdrag is van iedereen. En Groot-Brittannië stelde zulke hoge eisen, dat de andere landen uiteindelijk besloten om het dan maar zónder de Britten te regelen. Hongarije aarzelt over deelname.

Nu moeten de overige landen een speciaal, ‘intergouvernementeel’ verdrag sluiten waarin eurolanden hun begrotingsregels verankeren. Maar op het pad naar zo’n verdrag staan zoveel juridische en politieke beren, dat velen er een hard hoofd in hebben dat het er daadwerkelijk komt.

De voortekenen voor deze top waren slecht. De Duitse bondskanselier Angela Merkel was de enige van de 27 regeringsleiders die per se een verdragswijziging wilde. Een verdragswijziging kost tijd en kan vanwege ratificatieprocedures in elk parlement stranden.

Andere eurolanden steunden daarom de voorzitter van de Europese Raad, Herman Van Rompuy, in zijn voorstel om het simpeler, sneller en politiek veiliger te regelen, met vrijwel hetzelfde resultaat; uit ambassadeursoverleg deze week was gebleken dat vrijwel iedereen dit wilde.

Maar de Duitsers schoten dat voorstel gisteren zo agressief aan flarden („trucs uit een Brusselse doos”), dat Van Rompuy naar verluidt zelfs zijn eigen functioneren in twijfel trok.

„Europa, dat is 27 lidstaten, niet 17 of 17-plus”`, zei de Poolse premier Donald Tusk gisteren, vlak voor de top. En hij voegde daar waarschuwend aan toe: „Elke andere oplossing zal fataal zijn voor Europa.”

Van Rompuy belegde voorgesprekken, om te proberen de boel in goede banen te leiden. Maar intussen legde de Britse premier David Cameron een waslijst aan eisen op tafel die hij ingewilligd wilde zien in ruil voor Britse steun aan de verdragswijziging: van het terugdraaien van Europees bankentoezicht tot een Brits vetorecht bij Europese financiële regulering.

Niemand op het continent was van plan die eisen in te willigen – de Franse president Nicolas Sarkozy, die sowieso zonder de Britten verder wilde, voorop.

Cameron wist dat.

De drie groten lagen, kortom, bewust op ramkoers. Dat zij Van Rompuy schoffeerden, hun go-between, was een bijzonder veeg teken.

Gistermiddag, voordat regeringsleiders arriveerden, calculeerde Van Rompuy dat de top meteen kon mislukken als iedereen (ook hijzelf) zijn eigen agenda ging verdedigen. Dus stelde hij voor bij nul te beginnen. Hij vroeg alle regeringsleiders wat er nodig was om de euro overeind te houden.Later zouden ze dan bespreken hoe ze dat konden doen.

Zo kwam het dat ze vijf uur lang, tot één uur ’s nachts, besteedden aan het opstellen van een lijst. Daarop kwamen de bekende ingrediënten te staan. De noordelingen wilden begrotingsdiscipline, een schuldenrem, automatische sancties.

Zuiderlingen zetten er euro-obligaties op, en een noodfonds dat met een bankvergunning geld van de ECB kan lenen.

Deze lijst lekte rond middernacht uit. Iemand in de Duitse delegatie noemde de meeste dingen op de lijst meteen „onacceptabel”.

Na enen bespraken ze de verdragswijziging. Toen kwam iedereen toch met zijn lijstjes. Cameron moest thuiskomen met een trofee voor zijn eurosceptische achterban. Sarkozy wilde vlak voor de Franse presidentsverkiezingen niet inschikkelijk zijn voor de Londense City.

„Op elke eis die Cameron stelde, zei Sarkozy meteen nee,” vertelt een betrokkene. „Merkel zweeg vooral. Ze had kunnen ingrijpen. Kunnen zeggen: ‘Kom op jongens, laten we constructief zijn’. Maar dat deed ze niet.”

Van Rompuy probeerde het linksom, rechtsom. Niets lukte. De drie gaven geen centimeter. Rond vieren zat er voor de rest niets anders op dan zonder Britten een apart verdrag te sluiten. Alleen Hongarije sloot zich bij Groot-Brittannië aan. Iedereen nam daar nota van. Alle andere landen, euro of geen euro, wilden meedoen aan het aparte verdrag. Tsjechië en Zweden gaven een voorwaardelijk ja: zij hebben eerst goedkeuring nodig van hun parlement.

De kogel is door de kerk. Van Rompuy kondigde aan dat hij voor juni „een nieuw rapport voorbereidt over nog meer budgettaire integratie.” Maar niemand was vanmorgen opgelucht. Niemand lijkt te denken dat dit iets oplost. Integendeel. Er is iets geknapt, zeggen Europese functionarissen: de Britten gaan verder afdrijven, en iedereen gaat hier veel last van krijgen.

Cameron dreigt het permanente noodfonds-in-oprichting ESM, dat in het bestaande verdrag wordt verankerd, niet te ratificeren. Britse diplomaten laten terloops vallen dat de hoeder van de bestaande Europese begrotingsregels, de Europese Commissie, die rol niet mag spelen voor het nieuwe, speciale verdrag: de Commissie werkt voor alle 27.

Ook het Europese Hof, dat volgens Merkel nationale begrotingen moet toetsen aan strenge gemeenschappelijke regels, opereert voor alle landen, niet voor subgroepjes. „Dit betekent niet dat de Europese instellingen geen rol spelen,” zei Commissievoorzitter José Manuel Barroso vanochtend dapper. Een functionaris verduidelijkte: „We gaan toch zeker geen parallelle structuren optuigen? Een schaduw-Commissie?” Maar topjuristen die vannacht aanwezig waren, zijn verdeeld. Cameron heeft gedreigd naar de rechter te stappen als de Commissie wordt ingeschakeld. Sommigen waarschuwen dat Cameron dit kan winnen.

Het grootste risico, zeggen velen, is politiek: hoe groot is de kans dat 23, 24 of zelfs 25 parlementen het speciale verdrag ratificeren? Het is crisistijd, euroscepsis bloeit. Als één parlement nee zegt, is de eurozone verloren, zegt een Europees ambtenaar. „Kijk naar de leningen voor Griekenland: Finland blokkeert dit, Slowakije dat. Dit wordt een dodenrit. Beleggers denken: ‘Wat een zootje. Ik breng mijn geld pas terug naar Europa als alles geregeld is.”