Eurocrisis raakt banken en economie

ECB-president Draghi wil Europese banken wel helpen met goedkopere leningen, en dat is nodig. Maar Europese politici die vragen om grootschalig ingrijpen, komt hij vooralsnog niet tegemoet.

Ingrijpen en tegelijkertijd je poot stokstijf houden.

President Mario Draghi van de Europese Centrale Bank presteerde het gisteren na de vergadering van de 23 bestuursleden van de ECB om coulant en streng te zijn.

Om met coulant te beginnen. De ECB verlaagde de rente met 0,25 procentpunt tot 1 procent. Het was gisteren de tweede keer dat Draghi de rentevergadering van de ECB voorzat en het was ook meteen de tweede keer dat de rente verlaagd werd.

Draghi moest gisteren erkennen dat inflatie vorige maand 3 procent bedroeg. Dat is ruim boven het doel van 2 procent waar de ECB naar streeft. Met andere woorden: het inflatieniveau rechtvaardigt geen renteverlaging. „Maar de druk op lonen valt door de onrust in de eurozone mee”, zei Draghi. Dat drukt de vrees dat inflatie uit de hand loopt.

De ECB schroeft de steun aan financiële instellingen op. Banken konden al voor een periode van een jaar onbeperkt cash lenen bij de ECB. Dat wordt nu verlengd tot drie jaar. Om het nog makkelijker te maken voor banken heeft de ECB de eisen voor onderpand versoepeld.

Volgens Draghi moet er alles aan gedaan worden om een heftige kredietcrisis te voorkomen. „Als wij kijken hoeveel geld banken elke dag bij ons stallen, zitten we niet ver van de niveau’s na de val van Lehman Brothers”, zei Draghi gisteren. Dat banken het niet aandurven aan elkaar te lenen en daarom maar zo veel mogelijk veilig bij de centrale bank wegzetten, is zorgelijk volgens Draghi. „Wij injecteren liquiditeit in het systeem, maar het probleem is dat banken dat geld niet laten vloeien. Ze stallen het weer bij ons.” De ECB voorziet dat banken volgend jaar problemen krijgen voldoende financiering aan te trekken. Banken in de eurozone zien in 2012 230 miljard euro aan obligaties aflopen. Draghi: „De maatregelen die wij treffen, moeten banken draaiende houden.”

Een bijkomende zorg is dat banken aan hogere kapitaalseisen moeten voldoen. In plaats de hogere buffers te bereiken door nieuw kapitaal op te halen, is het voor banken momenteel makkelijker en goedkoper om minder leningen te verstrekken.

Gisteren bleek uit de cijfers van de Europese Bankautoriteit hoe zorgelijk de situatie is. 71 belangrijke banken moeten in totaal 114,7 miljard euro aan extra kapitaal ophalen om een verdere verslechtering van de eurocrisis te weerstaan. De Spaanse bank Santander heeft met 15 miljard euro het meeste kapitaal nodig, gevolgd door het Italiaanse Unicredit met 8 miljard. Duitse banken zijn er slechter aan toe dan gedacht. Commerzbank heeft 5,3 miljard nodig en Deutsche Bank 3,2 miljard. In Nederland heeft alleen SNS extra kapitaal nodig – 159 miljoen.

Waar de ECB banken te hulp schiet, kwam ze gisteren de leiders van de eurozone geen millimeter tegemoet. Regels zijn regels, herhaalde Draghi. En van het verdrag mag de ECB geen schuld van overheden financieren. Dat mag niet op de primaire obligatiemarkt. Dat mag ook niet via constructies die lopen via het Internationaal Monetair Fonds. Dat is volgens Draghi niet in strijd met de letter, maar wel met de geest van het verdrag.

Draghi legde de druk bij de euroleiders. Zij moeten op hun top met resultaten komen, en zelfs als dat lukt is het geen uitgemaakte zaak dat de ECB op grotere schaal ingrijpt op de Europese obligatiemarkt.

Die woorden lijken ook bedoeld voor de Duitse Bundesbank. Het verbod op monetaire financiering was gebaseerd „de uitstekende” Duitse traditie, aldus Draghi. Door de Bundesbank expliciet te prijzen, kan hij ook proberen het Duitse vertrouwen te winnen. Onder mijn presidentschap geen roekeloos gedrag, kan de boodschap zijn.

Dat vertrouwen heeft Draghi nodig. Het bestuur van de ECB was gisteren niet unaniem in het besluit de rente te verlagen en banken te steunen. Wil de ECB haar cruciale rol in de crisis blijven vervullen, dan moet Draghi de lieve vrede behouden.

    • Melle Garschagen