De hand van de premier

Mark Rutte is voor Elsevier de man van het jaar. Uit het juryrapport: „In een jaar waarin iedereen, de media niet uitgezonderd, vooral oog had voor het negatieve, straalde de minister-president opgewektheid en optimisme uit, die gelukkig aanstekelijk werken. Als een haptonoom weet hij de juiste snaar te raken, houdt hij de moed erin en voorkomt hij dat het land volledig bevangen raakt door somberheid over de economische vooruitzichten.”

Een haptonoom. Dat is toch zo’n griezel die je voortdurend aanraakt? Klopt. De haptonomie is in de jaren 50 ontwikkeld door Frans Veldman, maar kreeg pas echt een gezicht door Ted Troost. Troost nam beroemde sporters onder handen, zoals de schaatser Hein Vergeer. Zijn faam werd gezet toen hij het halve Nederlands elftal bekneedde en zelfs mannen als Johan Cruyff onder zijn clientèle kon rekenen.

Een citaat uit het boek van Troost: „Zonder aanraking sterft een mens, de aanraking is het voedsel voor de ziel. Aanraken is een emotionele beleving. Het is verschrikkelijk en duidt op grote emotionele armoede dat mensen elkaar zo weinig aanraken.” Echte voetbaltaal.

Mark Rutte raakt het Nederlandse volk natuurlijk vooral aan door het geven van handen. Mark geeft een stevige hand. Daarbij staat de rug van zijn hand vaak iets naar boven, wat in de leer van de body language duidt op het willen domineren van de situatie. Dat lukt niet altijd. Obama en Sarkozy winnen op de foto’s die ik zag. Vooral Sarkozy heeft erg de neiging de onderlinge verhoudingen al vanaf de eerste seconde duidelijk te maken: „L’état c’est moi!”, zegt zijn hand.

Ik zie Mark Rutte ook wel eens de noodgreep toepassen van het geven van de dubbele hand, of het aanraken van de onderarm met de andere hand. Een poging alsnog het overwicht te krijgen als de hand van de tegenstander niet meteen meewerkt. Eigenlijk wel een dominant baasje, die Rutte.

Het citaat van Troost doet me denken aan het beroemde experiment van Harry Harlow met jonge aapjes. Als de aapjes mochten kiezen tussen een kunstmoeder gemaakt van ijzer waar melk uitkwam, of een moeder gemaakt van zachte stof, kozen de aapjes voor de knuffelige stoffen moeder. Voedsel vonden ze minder belangrijk dan geborgenheid. Met de knuffelmoeder in de buurt waren de aapjes ook eerder bereid erop uit te gaan en de omgeving te verkennen: het werden echte ondernemertjes, iets dat bij aapjes met alleen een ijzeren moeder die melk gaf niet gebeurde.

De les voor Rutte: economie (melk) is niet alles. Geef het volk ook wat geborgenheid.