Vrouwtje

Gehoord in de trein: „Nee, die taart was gebakken door dat vrouwtje van Herman, hoe heet ze ook alweer.”

Vrouwtje. Je hoort het weleens als aanduiding van iemands echtgenote. Het klinkt, vind ik, alsof de betreffende Herman nog meer vrouwtjes heeft, een harem van kabouterachtige types die taarten aan het bakken zijn.

Dezelfde week gehoord, uitgesproken door een van zichzelf genietende vijftiger uit de trainingsbranche: „Het was hartstikke leuk, die conferentie, we hadden natuurlijk ook de vrouwtjes erbij, dus…”

Het was de week van de vrouwtjes, zoveel was duidelijk.

Het zal mijn jarenzeventigopvoeding wel zijn, maar ik zou ‘vrouwtje’ mijn strot niet uitkrijgen. Het enige vrouwtje dat in mijn leven echt een rol heeft gespeeld was Vrouwtje Theelepel, dat was de hoofdfiguur uit een tekenfilmserie over een soort transformerbejaarde. Als concept eigenlijk heel modern.

‘Mannetje’ is een woord dat je vaker hoort. Maar nooit wordt het gebruikt voor een echtgenoot. Want aanschouw de volgende zin: „Nee, die taart was gebakken door dat mannetje van Edith, hoe heet-ie ook alweer?”

Aha! Nu lijkt het mannetje van Edith eerder de cateraar! Mannetje heeft iets te maken met lageropgeleid personeel, liefst zwart betaald. „Die radiator lekt, maar wacht, daar heb ik een mannetje voor.”

‘Vrouwtje’ als aanduiding van iemand die een klus komt oplossen kun je ook horen, maar dat is zeldzamer. „Ik ken nog wel een vrouwtje dat binnenhuisdingetjes doet. Anders bellen we die even.”

Als je iemand als ‘mannetje’ aanduidt, zonder dat dit iets met klussen opknappen te maken heeft, dan is het bijzonder denigrerend. „Sjef is gewoon een heel grappig mannetje.” Daaruit concluderen we dat Sjef niet serieus hoeft te worden genomen op welk gebied dan ook, laat staan als seksuele partner.

Mensen die wel ‘vrouwtje’ zeggen, zien dat volgens mij helemaal niet als iets vernederends. Die zien het als een gewoon en gezellig woord. Misschien vinden de vrouwtjeszeggers het woord ‘vrouw’ wel weer een beetje eng. En ze hebben wel een punt. „Ik vind jou een heel mooie en zelfstandige vrouw. Heerlijk.” Je ziet er meteen een dronken bon vivant bij, door wie je op een receptie sociaal gegijzeld wordt. „Ik als vrouw voel ontzéttend mee met de slachtoffers.” Dat klinkt al helemaal erg, als het soort vrouw waardoor je je schaamt dat je zelf ook een vrouw bent.

Ik begin steeds meer te voelen voor ‘vrouwtje’.

Paulien Cornelisse

    • Paulien Cornelisse