Inburgering als factor voor asiel

Commissie raadt minister Leers aan lokale adviesorganen te gebruiken.

Goede integratie in een lokale gemeenschap zou een reden moeten kunnen zijn om uitgeprocedeerde vreemdelingen toch een verblijfsvergunning te geven. In zo’n geval zou die gemeenschap ook bereid moeten zijn „verantwoordelijkheid te nemen” voor de vreemdeling. Daarvoor pleit de Adviescommissie Vreemdelingenzaken gisteren in een advies aan minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA). Nu speelt de mate van inburgering in Nederland geen rol bij het toepassen van de zogenoemde discretionaire bevoegdheid van de minister. Daarmee kan Leers, ook als een asielzoeker is uitgeprocedeerd, toch een verblijfsvergunning verlenen. Maar alleen als sprake is van „schrijnende individuele omstandigheden”.

Leers had zelf om dit advies gevraagd omdat hij in de samenleving onvrede bemerkte over de manier waarop hij zijn bevoegdheid inzet. Hij wil „een brug slaan” met gemeentelijke bestuurders. De commissie stelt nu voor dat de minister een adviesorgaan in het leven roept dat hem kan bijstaan in het nemen van besluiten in schrijnende gevallen. Daarin zouden lokale vertegenwoordigers moeten zitten. Volgens de commissie kan lokale invloed op de besluiten van de minister het draagvlak voor asielbeleid vergroten.

Het is nog onduidelijk of de minister het advies zal overnemen. (NRC)