Drie uur reizen om je stem uit te brengen

Mijn familieleden berichten over tal van ongeregeldheden tijdens de verkiezingen.

De zogenaamd gematigde Moslimbroederschap vertrouw ik voor geen cent.

Maandag 28 november mochten miljoenen Egyptenaren voor het eerst naar de stembus. Ook mijn familie trok er massaal op uit. Voor het eerst in hun leven hadden ze een stempas gekregen en mochten ze stemmen. De internationale media berichtten triomfantelijk over de verkiezingen, die na een massale gewelduitbarsting van de week daarvoor relatief rustig verliepen. Internationale waarnemers waren niet echt welkom, maar ngo’s en journalisten konden toch dichtbij of soms zelfs in de stemlokalen komen en waren positief over het ordelijke verloop van de verkiezingen.

‘Egyptians celebrate democracy in first free elections’ kopte een prominente Britse krant. En ook de Nederlandse media hadden mooie koppen, maar nu de eerste uitslagen bekend worden, bekoelt het aanvankelijke enthousiasme snel. De islamisten (politieke moslims) hebben in de eerste stemronde in de negen stedelijke gouvernementen een monsterzege behaald. En dan moeten de stemrondes in de conservatieve plattelandsgebieden nog komen.

De Vrijheid en Rechtpartij van de Moslimbroederschap lijkt 40 tot 45 procent van de stemmen te hebben binnengehaald. Opvallender nog is echter de monsterzege van de salafisten (de meest orthodoxe tak van de islam, gesteund door Saoedi-Arabië) die met hun Nour-partij (Licht) 20 procent van de zetels zou hebben gewonnen. De islamisten hebben nu zo’n 65 procent van de stemmen in handen. De behaalde verkiezingswinst van de Moslimbroederschap ligt significant hoger dan de 15 à 20 procent die de westerse experts hadden voorspeld. Dte Moslimbroeders werden door diezelfde analisten een verlichte islamitische club genoemd die soms zelfs gekscherend werd vergeleken met het CDA. Maar niets is minder waar. Het partijprogramma van de Moslimbroederschap is sinds haar oprichting in 1928 nooit veranderd. En hoewel de partij tijdens de campagnes verlichte taal uitsloeg, heeft ze bij het claimen van de eerste overwinning direct aangegeven de sharia zeker in te gaan voeren.

De Moslimbroederschap en de salafisten bestrijden elkaar nog openlijk nu de verkiezingen aan de gang zijn. Maar het is waarschijnlijk dat ze het na het tellen van de stemmen op een akkoordje zullen gooien, omdat samenwerking met de liberalen absoluut niet hun voorkeur heeft. Egypte wacht een golf van politieke islamisering.

Maar eerst moet de bevolking van de 18 andere gouvernementen nog naar de stembus. De keuze om niet in een grote nationale stemronde te stemmen is hoogst opvallend te noemen. Nu wordt er gestemd in specifieke regio’s en wordt de uitslag daarna direct bekendgemaakt. Dit is niet alleen onverstandig, maar ook gevaarlijk. Kiezers die in de tweede of derde ronde aan de beurt zijn stemmen dan immers met voorkennis. Dit werkt thuisblijvers in de hand en zorgt er tegelijkertijd voor dat zwevende kiezers wellicht massaal op de al winnende partij gaan stemmen.

Mijn familieleden berichten ondertussen over tal van ongeregeldheden. Salafisten stonden tot aan de stemtafels te flyeren en Moslimbroeders waren de enige die in de stembureaus mochten controleren en stemadviezen mochten uitbrengen. Analfabeten en laaggeschoolden werd uitgelegd hoe ze de vele formulieren in moesten vullen en hoe het onafhankelijke kandidatensysteem werkte. Er werd hen gewoon hardop verteld op welk symbool ze moesten stemmen (palmboom, kameel, stofzuiger). Leden van de vele seculiere en liberale partijen werden niet in de buurt van de stembureaus gelaten.

Maar er is meer. Mijn familieleden kregen ieder een ander stemlokaal toegewezen. Mijn oom moest drie uur reizen naar het noorden van Kairo om zijn stem uit te brengen, terwijl zijn vrouw (die op hetzelfde adres staat ingeschreven) helemaal naar het zuiden van de stad moest. Dit geldt voor al mijn familieleden. Mijn ooms en tantes reisden urenlang door Kaïro en sommigen waren de hele dag kwijt om hun stem uit te brengen. Er valt niets te bewijzen, maar deze spreiding leek vooral christenen te overkomen. Islamitische families konden wel met z’n allen naar hetzelfde stembureau. Opvallend is ook dat stemmen vooral ongeldig worden verklaard in wijken als Shoubra en Heliopolis, waar relatief veel kopten wonen.

Voor de Egyptenaren in de diaspora die hun stem uit wilden brengen waren er ook veel problemen. In de Verenigde Staten en Europa lag de website van de Egyptische overheid er urenlang uit, waardoor mijn vader en ik niet konden stemmen. Ook zagen we later de mededeling dat we te laat waren om ons voor volgende stemrondes in te schrijven, terwijl daar tot die dag daarvoor geen mogelijkheid toe bestond. Egyptische gastarbeiders in Saoedi-Arabië en de Arabische Golfstaten konden daarentegen wel de hele dag hun stem uitbrengen. De site is geen minuut uit de lucht geweest. Te verwachten valt dat arbeiders op het Arabisch schiereiland conservatiever stemmen. Ze hebben niet dezelfde ervaring met democratie als Egyptenaren in het Westen en zijn over het algemeen moslim, terwijl de Egyptenaren in de Verenigde Staten, Canada en Noordwest-Europa vaker kopt zijn (zo is zo’n 75 procent van de Egyptenaren woonachting in Nederland kopt).

De opmars van de salafisten baart iedere niet-salafistische Egyptenaar grote zorgen. Deze mannen met lange baarden, witte hoofddoeken, lange gewaden en houten slippers streven naar een samenleving die de wetten uit de begintijd van de islam als leidraad heeft. ‘Salafi’ staat voor de volgers en vrienden die Mohammed omringden. Deze oerconservatieve moslims veroordelen muziek, dans, film en vrijwel alle andere moderne vondsten die in hun ogen niet stroken met de Koran of de levenswandel van Mohammed.

Terwijl de Moslimbroederschap miljarden uit Qatar ontvangt, kunnen de salafisten op financiële en politieke steun uit Saoedi-Arabië rekenen. Niet geheel toevallig kreeg het leger sinds de val van Mubarak al zo’n 7 miljard dollar uit datzelfde land. Met zoveel steun moet er wel iets tegenover staan. Ik heb met mijn eigen ogen gezien hoe duizenden salafisten die jarenlang uit Egypte waren verbannen, triomfantelijk terugkeerden naar hun moederland en als helden werden ontvangen. Saoedi-Arabië stuurt de een na de andere conservatieve imam en activist naar Kairo en pompt miljoenen in conservatieve moskeeën. Een van de eerste gebaren van de Opperste Raad van de Militaire Strijdkrachten was het vrijlaten van 1500 zeer radicale gevangen jihadisten. Tot voor kort werden zij terroristen genoemd. Nu zijn het politici, die straks plaatsnemen op het pluche. Egypte gaat donkere tijden tegemoet.

Mijn oom is ondertussen al het vertrouwen in de eerlijkheid van de verkiezingen verloren. „We worden bedrogen, we worden allemaal bedrogen”, zegt hij woedend aan de telefoon. Hij vertelt over de filmpjes op YouTube waarin te zien is hoe stembussen gewoon worden weggegooid. „En waar komen opeens al die salafisten vandaan? Wie geeft hen geld? De stemmen worden gewoon gekocht. Voor 50 pond (5,80 euro) stemt een hele familie op de Moslimbroederschap of de Nour-partij!”

Mijn vader en ik kijken elkaar somber aan. „Het is toch vreselijk”, mompelt mijn vader. „Nu wil zelfs iemand als ik dat het leger blijft, gewoon om een tegenwicht te bieden.”

De hand die je slaat, is de hand die je beschermt. Het leger speelt een vies spel. Er wordt een wankel evenwicht in stand gehouden. De radicale islamitische facties in Egypte wordt net zo veel ruimte gegeven dat ze een ernstig gevaar beginnen te vormen. Zelfs de meest liberale Egyptenaar roept nu om de bescherming van het leger. De Egyptische president Sadat deed veertig jaar geleden precies hetzelfde. Hij liet tienduizenden radicale moslims vrij en probeerde een compromis met de islamitische partijen in het land te bereiken. Tien jaar later werd het zijn dood. Een lid van de Moslimbroederschap executeerde hem op klaarlichte dag. Egypte lijkt nu opnieuw die kant op te gaan. Ondertussen zijn ze in Riyad heel blij. En bidden de christenen harder dan ooit. God sta het land bij.

Monique Samuel (1989) is een Egyptisch-Nederlandse politicoloog en auteur. Dit voorjaar verschijnt haar boek ‘Mozaïek van de Revolutie: een kijkje achter de voordeur van het nieuwe Midden-Oosten’.