Turner Prize gaat naar Martin Boyce

Met zijn installatie Do Words Have Voices heeft de Schotse kunstenaar Martin Boyce (44) de Britse Turner Prize gewonnen. Hij kreeg de prijs, een geldbedrag van 25.000 pond, gisteravond uitgereikt uit handen van modefotograaf Mario Testino. De Turner Prize wordt ieder jaar uitgereikt aan een Britse kunstenaar onder de vijftig jaar, en gaat doorgaans met veel publiciteit gepaard. Dit jaar vond de bijbehorende tentoonstelling voor het eerst niet in de Tate Gallery plaats, maar in het Baltic kunstcentrum in Gateshead. Naast Boyce exposeren daar ook de andere drie genomineerden: George Shaw, Karla Black en Hilary Lloyd.

Do Words Have Voices bestaat uit een tafel, gebaseerd op een ontwerp van de Franse modernist Jean Prouvé, die als een oud schoolbankje bekrast is met kinderkrabbels. Daarboven bungelen, aan stalen boomtakken, aluminium bladeren die voor een schaduwspel op de muren zorgen. Op de grond liggen gevallen bladeren van papier. De sfeer is die van een vervallen stadspark. Inspiratie daarvoor vond Boyce in de modernistische tuin die Joel en Jan Martel in 1925 ontwierpen in Parijs.

Criticus Adrian Searle van de Britse krant The Guardian is lyrisch over het werk. „Ik ben gegrepen door deze zaal”, schrijft hij. „Door de manier waarop de hangende mobile zich verbindt met de tafel, als een bungelende gedachte, en door de ruimte zelf die gedompeld is in een soort indoor herfst. De kunst van Boyce is een ode aan modernistische puurheid.” Ook andere critici prezen deze editie als een van de beste uit de 27-jarige geschiedenis van de prijs.

In Nederland is Boyce nog weinig bekend. In 2009 vertegenwoordigde hij Schotland op de Biënnale van Venetië. Net als de winnaar van vorig jaar, Susan Philipsz, studeerde hij aan de Glasgow School of Art. Ook Karla Black volgde die academie. Blijkbaar heeft Glasgow de rol van Londen overgenomen als broedplaats voor Britse kunst.

    • Sandra Smallenburg