Shi'itische pelgrims in Irak doelwit aanslagen

Op de vooravond van de shi’itische hoogtijdag Ashura, wanneer shi’ieten massaal de dood van Hussein, de kleinzoon van de profeet Mohammed herdenken, zijn gisteren shi’itische pelgrims in Irak weer doelwit geworden van aanslagen. In totaal werden zeker vijfendertig mensen, in meerderheid vrouwen en kinderen, gedood bij bomexplosies en andere aanvallen, zo meldden plaatselijke politiefunctionarissen en getuigen.

Sunnitische extremisten in Irak proberen waar ze kunnen shi’ieten op te blazen in de tot dusverre vergeefse hoop een nieuwe ronde van de burgeroorlog los te maken na die van 2006-2008. Shi’itische hoogtijdagen, wanneer zich bij de talrijke shi’itische heiligdommen in Irak honderdduizenden Iraakse, maar ook Iraanse en Libanese pelgrims verzamelen, zijn voor deze extremisten uitgelezen gelegenheden.

In de stad Hilla, een voornamelijk shi’itische stad op 100 kilometer ten zuiden van Bagdad op weg naar de zuidelijker gelegen heilige stad Kerbala, had gisteren de eerste aanslag plaats. Een auto met explosieven ontplofte toen een processie passeerde. Daarbij vielen zestien doden en 45 gewonden. Zeker zes mensen vonden de dood toen twee bommen ontploften bij het langstrekken van een andere processie. Om meer aanslagen te helpen voorkomen kondigden de autoriteiten in Hilla vervolgens een verbod voor auto’s in de hele stad af.

In Bagdad stierven nog eens elf mensen toen in drie verschillende wijken bommen afgingen toen pelgrims passeerden. Aan de rand van de hoofdstad werden twee shi’ieten gedood toen mannen handgranaten gooiden naar pelgrims die op weg waren naar Kerbala, waar Hussein de martelaarsdood stierf.

In Kerbala zelf, waar drie miljoen pelgrims vandaag zijn samengestroomd voor Ashura, is tot dusverre geen geweld gemeld. Om de veiligheid van de pelgrims te waarborgen zijn er volgens de autoriteiten 28.000 politiemannen en militairen ingezet. (AFP, AP, Reuters)