Groot in de kleine dingen

Iedere Duitse bondskanselier moet een missie volbrengen. De opdracht van Angela Merkel is: red de euro! Maar degelijkheid en integriteit leveren niet automatisch een sterke leider op.

German Chancellor Angela Merkel addresses a conference of eastern German State Premiers in Leipzig October 6, 2011. REUTERS/Tobias Schwarz (GERMANY - Tags: POLITICS) REUTERS

Ze moet de schuldencrisis oplossen. En ze moet de euro en Europa redden. Het lot heeft het zo gewild dat de 57-jarige dr. Angela Dorothea Merkel, geboren Kasner, als bondskanselier van Duitsland een historische opdracht heeft gekregen. Een opdracht zo groot, dat menigeen zich afvraagt of ze die wel aankan.

Je kunt de vraag ook zo stellen: is Merkel uit hetzelfde hout gesneden als Konrad Adenauer, de kanselier die het moreel en fysiek kapotte Duitsland na de Tweede Wereldoorlog omvormde tot de economisch succesvolle Bondsrepubliek? Als Willy Brandt, die met zijn Ostpolitik de deur naar het communistische Oosten opende? Of als Helmut Schmidt, die als crisismanager pur sang standhield tijdens de inktzwarte dagen van de Rote Armee Fraktion, de linkse terreurgroep van Andreas Baader en Ulrike Meinhof? Kan ze tippen aan iemand als Helmut Kohl, de kanselier van de Duitse hereniging en de Europese integratie, misschien wel de grootste en in ieder geval de langst regerende van de acht bondskanseliers?

Iedere Duitse kanselier moet ooit een missie volbrengen. Dat hoort bij de positie van de Bondsrepubliek als groot land in het hart van Europa. Zelfs de middelmatige Gerhard Schröder, Merkels voorganger, wist zich te onderscheiden met belangrijke economische hervormingen die Duitsland nu zo’n voorsprong hebben gegeven. Twee kanseliers hebben hun kansen niet gepakt en staan sindsdien als min of meer mislukt te boek: Ludwig Erhard en Kurt Georg Kiesinger. Merkel wil er alles aan doen om te voorkomen dat ze ooit met hen in één adem wordt genoemd.

Door haar onderkoelde stijl van leidinggeven zou je het niet zeggen, maar Merkel heeft plezier in haar werk. „Ze is graag kanselier. Het is haar lievelingsberoep”, schreef onlangs Merkel-kenner Dirk Kurbjuweit, die verschillende boeken over haar schreef. Ze bedrijft politiek als de exacte wetenschapper die ze van huis uit is. Ze heeft natuurkunde gestudeerd en is in dat vak gepromoveerd.

Politiek is bij haar vooral logica. Stap voor stap; alles op z’n tijd en alles beredeneerd. Politiek is voor haar niet het grote emotionele gebaar. Zoals Willy Brandt met een knieval in Warschau de verzoening tussen Polen en Duitsland inluidde. Merkel werkt op de vierkante centimeter. Ze is groot in kleine dingen.

Merkel kun je niet betrappen op gebrek aan dossierkennis. In de economisch gecompliceerde schuldencrisis is dat een voordeel. Ze kent alle financiële details. Maar politiek gezien kan die eigenschap ook als nadeel worden uitgelegd. De Duitse socioloog Ulrich Beck zei onlangs in deze krant dat Merkel „bezeten” is van details en dat ze er in de huidige crisis niet in slaagt om de grote lijn uit te stippelen, om de Duitsers duidelijk te maken dat de Bondsrepubliek sterk heeft geprofiteerd van de Europese integratie en de gemeenschappelijke munt. En om over te brengen dat Duitsland met zijn belaste verleden de plicht heeft solidair te zijn met z’n Europese buren.

Anders dan voor Willy Brandt, Helmut Schmidt en Helmut Kohl, die de verschrikkingen van de oorlog hadden meegemaakt en zich daardoor lieten leiden in hun Europese denken en doen, is Europa voor Angela Merkel een vehikel om het Duitse belang veilig te stellen. Het is een waterscheiding geweest: aan de symbiose tussen Duitsland en Europa kwam een einde met de val van de Muur. De relatie is sinds Merkel regeert „sterk geërodeerd”, zoals de politieke wetenschappers Ulrike Guérot en Mark Leonard in een recent essay over de Duitse rol in Europa schrijven.

„Duitsland werkte met Frankrijk samen, het steunde de kleinere lidstaten, het verschafte de Europese Commissie en het Europees Parlement legitimiteit. En Duitsland betaalde, zonder daarvoor buitenproportionele politieke eisen te stellen”.

Die koers is onder Gerhard Schröder en later in toenemende mate onder Merkel veranderd. Duitsland is gaandeweg overgestapt van een communautaire (gemeenschappelijke) aanpak naar een intergouvernementele, waarbij nationale regeringen het voor het zeggen hebben. Lees: die van Duitsland. Dat is met name tijdens de schuldencrisis duidelijk geworden. Duitsland moet als grootste en economisch sterkste lidstaat van de eurozone het meeste betalen als het misloopt met de reddingspakketten voor de schuldenlanden. Daar dient iets tegenover te staan, vindt Merkel.

Er is wel geopperd dat Merkel een Europa wil dat voor Duitsland bruikbaar is – een Duits Europa. Dit in tegenstelling tot wat Helmut Schmidt en Helmut Kohl steeds hebben verkondigd, namelijk een Duitsland dat ingebed moet zijn in Europa – een Europees Duitsland. Schmidt, stokoud en in een rolstoel maar geestelijk fit, waarschuwde afgelopen weekend nog voor Duitse krachtpatserij in Europa. „Als wij Duitsers door onze economische kracht aanspraak zouden maken op een rol als politiek leider in Europa, zullen onze buren zich daartegen verzetten. Dat zou de Europese Unie verlammen en Duitsland isoleren.” Duitsland is door zijn naziverleden nog lang geen normaal land, zei Schmidt.

Maar Duitsland en Europa zijn de laatste tien jaar sterk veranderd. Op Merkel drukt de last van het verleden zichtbaar minder. Ze is pragmatisch. Als Duitsland Europa moet redden, heeft dat een prijs. Meer Duitse macht in de Europese instituties; minder schulden, onafhankelijke controles op de begrotingen van de eurostaten en automatische sancties bij overtredingen. Dit alles afgedwongen door aanpassing van de Europese verdragen. Kortom, een Europa naar Duits model.

Ze zet haar strengheid in, de strengheid van een Noord-Duitse domineesdochter die in een sober huis is opgegroeid, om de schuldenlanden te laten zien waartoe zuinigheid, vlijt en Duitse Gründlichkeit kunnen leiden: tot economische successen. Maar degelijkheid, werklust en integriteit maken van iemand niet automatisch een grote kanselier. Inhoudelijk doet ze het goed, maar ze communiceert slecht, is een veelgehoorde klacht over Merkel. „Had ze maar een kwart van de retorische begaafdheid van Obama. Dan zou Duitsland beter worden begrepen”, zegt een partijgenoot van Merkel. „En dan zouden de Duitsers meer begrip hebben voor de problemen van Zuid-Europa.”

Merkel heeft politiek een goede neus. Ze weet wat haar kiezers willen: geen Duits geld voor Europa’s schuldenstaten. Omdat er in Duitsland altijd wel ergens verkiezingen zijn, heeft verkiezingstactiek lang haar beleid in de schuldencrisis bepaald. Daarmee is kostbare tijd verloren gegaan. De laatste maanden lijkt Merkel te beseffen dat ze strategisch moet handelen. Gelet op de effectiviteit gaat haar dat betrekkelijk moeizaam af.

De schuldencrisis is volgens Merkel bovenal een politieke crisis. Dat heeft ze vorige week met zoveel woorden in het parlement gezegd. Ze heeft herhaald dat één groot gebaar waarmee alle problemen tegelijk worden opgelost, niet mogelijk is. Maar tijdens de kredietcrisis na het faillissement van Lehman Brothers waren grote gebaren in het Duitsland van Merkel bij nader inzien wel degelijk mogelijk.

In een legendarisch tv-optreden, najaar 2008, zei de bondskanselier dat de staat de tegoeden van alle Duitse spaarders garandeert. Waarmee het vertrouwen in haar politieke crisismanagement met sprongen groeide. Haar latere maatregelen ter versterking van de conjunctuur bleken de juiste en vielen op door omvang en visie. Daardoor duurde de recessie voor Duitsland relatief kort.

Andermaal wordt politieke durf van haar verlangd, maar dit keer lijkt het wel of er zand in het Berlijnse raderwerk zit. Dat komt door de veranderde binnenlandse machtsverhouding. Merkel was op haar best in de ‘grote’ coalitie van christen-democraten en sociaal-democraten. Ze had uitstekende ministers en beschikte in een tijd van aankomende recessie over het grootst mogelijke politieke draagvlak.

Nu moet ze samenwerken met een veel kleinere liberale partij, die de afgelopen twee jaar aan zelfdestructie deed en de kiezers van zich vervreemdde. Ze zijn uitgegroeid tot remmende factor in Merkels Europese beleid. Haar handen zijn gebonden en het lijkt wel of ze als kanselier kleiner is geworden dan tijdens de kredietcrisis, die ze goed wist te managen. De statuur van een Adenauer, Schmidt of Kohl heeft ze in elk geval nog niet bereikt. Maar omdat Merkel niet mag worden onderschat, geldt dat dat altijd nog kan komen.

Joost van der Vaart