'Elkaar nét niet aanraken is toch vreselijk spannend'

Vandaag begint Dancing on the Edge, een festival vol theater en kunst uit het Midden-Oosten. „Menige voorstelling wordt zonder budget in elkaar gezet.”

Nog nooit, denkt Gary Feingold, directeur van het festival Dancing on the edge, is in Nederland zoveel cultuur uit het Midden-Oosten tegelijk te zien geweest. En zijn festival, 45 voorstellingen in vijf steden, is maar één van de drie festivals met cultuur uit het Midden-Oosten die Nederland te wachten staan.

In Amsterdam vindt komend weekend Art of revolution plaats, dat ook op popmuziek en beeldende kunst gericht is. En volgende maand is een onderdeel van het Rotterdamse filmfestival eveneens gewijd aan kunst uit het Midden-Oosten.

De aanleiding tot al deze aandacht is niet ver te zoeken: de ‘Arabische lente’. Dancing on the edge bestaat al sinds 2007 en wordt dit jaar voor de derde keer gehouden. Bedoeling was altijd al, zegt programmamanager Natasja van ‘’t Westende, om „dansgroepen op professioneel niveau naar Nederland te halen. Dat is geen vanzelfsprekendheid als je bedenkt dat er in veel landen een taboe bestaat op lichamelijke aanraking in het openbaar.”

Deze keer is Dancing on the edge groter dan ooit. Er zijn groepen uit Israël/Palestina, Syrië, Egypte, Jordanië, Iran, Irak en Marokko. „De afgelopen jaren is het aantal beschikbare voorstellingen sterk toegenomen”, zegt Feingold. Overal gist het: „Ik zal blij zijn als iedereen straks een uitreisvergunning en visum heeft”.

Dancing on the edge hoopt van de komende festivaleditie een verbreding van het publiek in Nederland, nu het Midden-Oosten zo in de belangstelling staat: van mensen met een uitgesproken belangstelling voor de regio naar een meer algemeen geïnteresseerd publiek. De getoonde kunst verdient het, menen de organisatoren. Van ’t Westende: „Kunstenaars in Nederland kampen met subsidievermindering, maar menige voorstelling daar wordt zonder budget in elkaar gezet in iemands woonkamer”.

Ofschoon de situatie per land verschilt, is hedendaags theater, dans en andere kunst in het Midden-Oosten meestal een zaak van kleine groepen, meent Neil van der Linden, een van de programmeurs van Art in revolution II. Art in revolution I vond begin dit jaar plaats, op een moment dat de revoluties in Tunesië en Egypte nog in de kinderschoenen stonden. In Egypte – „in veel opzichten sinds jaar en dag het gidsland in de Arabische wereld”, meent Van der Linden – speelden jonge kunstenaars wel degelijk een leidende rol toen vanaf het Tahrir-plein dictator Mubarak ten val werd gebracht.

Er is eigenlijk maar één land waar hedendaags theater en dans een min of meer massaal verschijnsel vormen, zegt Van der Linden. „Dat is Iran. Daar zijn festivals voor modern theater, omdat ayatollah Khomeiny, de eerste leider van de Iraanse revolutie, ooit schijnt te hebben gezegd dat ‘theater een goede methode is om de massa’s op te voeden’.

In Teheran puilen de zalen uit, wanneer er festivals zijn. Maar dat wil niet zeggen dat er geen taboes zijn. „Neem de dansvoorstelling Othello, waar de dansende mannen en vrouwen elkaar niet aanraken, nét niet. Vreselijk spannend is dat.”

Repressieve maatregelen bestaan overal. Zelfs in de relatief meer tolerante landen, zoals Libanon. Zeid, de zanger in het triphopgenre die in het kader van Art of revolution optreedt, werd vorig jaar een paar dagen vastgehouden vanwege zijn grote hit, Generale Suleiman. Suleiman is namelijk de president van Libanon. Lang zat Zeid niet vast. Dus zingt hij het nummer vast in Amsterdam, met zijn sexy vrouwelijke begeleidingsgroep, de Wings.

Want kunst in het Midden-Oosten is, zegt Van der Linden, „steeds een antwoord op de vraag: hoe ver kunnen we te ver gaan.”

Dancing on the edge. Dans, theater en film uit het Midden-Oosten in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Groningen en Utrecht. Van 6/12 t/m 17/12. Info: dancingontheedge.nlThe Art of Revolution II. Muziek, theater, lezingen, discussies en beeldende kunst uit het Midden-Oosten. In De Balie, Amsterdam. 9/12 t/m 11/12. debalie.nl/art.