Braboneger

Hij heeft de naam ‘Braboneger’ niet zelf bedacht. De 28-jarige Surinaamse Steven Brunswijk legt het uit in smeuïg Tilburgs: „Da was een collega van me. Die ha’me paar keer gefilmd terwijl ik aan het praten was over van alles en nog wat. Daarna heeft hij die filmpjes op YouTube gezet en de naam Braboneger bedacht.” Die filmpjes groeiden uit tot een internetsensatie. De formule is simpel: de Braboneger zit op de passagiersstoel van een auto en levert met dik accent commentaar op zaken als luie uitkeringstrekkers en zwarten op wintersport. PowNews haalde hem binnen als wekelijkse bespreker van het nieuws. Vrijdag maakte hij zijn debuut. Over zwarte asielzoekers: „Als er een poar kome die wel die zwarte klauwe wille late zwete, gaat die minister Leers ze terug lope sture!”

Als ik hem spreek in Tilburg merk ik meteen hoe smal het verschil is tussen het typetje de Braboneger en Steven Brunswijk zelf: „Je moet gewoon je rekeningen betalen en niet gaan occupyen of in de WW gaan zitten. Gewoon schouders eronder zetten en werken. Simpel.”

Uit onderzoek van deze en andere kranten is gebleken dat nooit zoveel over het woord ‘neger’ en Zwarte Piet is bericht als dit jaar. Steven kan zich er niet druk over maken: „Ze hadden mij ergere dingen kunnen noemen dan neger. En over Zwarte Piet: als ik een kind ga vertellen dat Zwarte Piet racistisch is, dan verpest ik een kinderdroom.”

Hij stemt niet, want geen enkele regering deugt. Voor Pim Fortuyn had hij veel respect, en met Wilders is hij het op punten eens: „Als iemand met een buitenlands paspoort twee, drie keer in de fout gaat, moet je hem kunnen terugsturen.” In de slavernij verdiept hij zich liever niet, want hij kan niets beginnen met het beeld van zwakke, zielige zwarten die per boot verscheept werden. Wat hij er wel over weet is dit: „De Afrikanen zijn begonnen met het verkopen van hun eigen volk. Daarna hebben blanken de slavenhandel overgenomen, maar hij is begonnen door zwarten.” Hij pauzeert even om er wat langer over na te denken: „Weet je, als ik me echt in de slavernij ga verdiepen, dan ben ik bang dat ik afkeer van blanken ga krijgen.”

Je moet je aanpassen om mee te komen in de maatschappij, vindt hij. Zijn schrikbeeld is de onaangepaste buitenlander die tot zijn pensionering zwaar en vies werk verricht in een fabriek. Zijn vader werkt nog altijd in een fabriek. „Mijn ouders scheren alle blanken altijd over één kam.” Hij heeft een blanke vriendin. „Zij moet niets hebben van die yo yo-negers met afgezakte broek.”

Zo’n keurige neger, die moeten ze wel bij PowNews. Maar als we naar hem kijken en als we om hem lachen, waar kijken we dan precies naar en waar lachen we precies om?