Voorkom sinterklaasvergiftiging en stel grenzen

„Ik heb drie kinderen. Sinterklaas moet dus drie keer shoppen. Wat vind jij een acceptabel bedrag per kind?”

Wie de afgelopen twintig jaar een basisscholier opvoedde, kreeg waarschijnlijk te maken met de kindercadeau rat race. Bij deze wapenwedloop op het schoolplein pochen scholieren over de waarde van hun sinterklaas- en verjaardagsgeschenken. Een kind met een chocoladekikker in de schoen verliest daarbij genadeloos van vriendjes die al vóór 5 december een iPod shuffle plus een op afstand bestuurbare helikopter incasseerden. Dat kan ouders onzeker maken. Moet je meegaan in die gekte? En hoever?

Tot voor kort hield je dit soort vragen voor je. Maar de crisis werkt als een plens ijskoud water op de slapende consument. Onderzoek in opdracht van het Sustainable Finance Lab toont dat (nog) maar acht procent van de Nederlanders gelooft dat reclamemakers de waarheid spreken. Terecht sceptisch bekijken we de sinterklaasfolders die suggereren dat de Fisher Price speelset, de Disney walkie talkie of de Nintendo 3DS je kind zielsgelukkig maken. Tegelijk met onze koopkracht wankelt de fabel dat geluk te koop is, om plaats te maken voor gezond verstand.

Maar hoe hoog is een gezond verstandbudget voor Sinterklaas? Een exact bedrag valt niet te geven; wel drie grenzen. Maak Sinterklaas ten eerste niet verdrietig door voor geschenken rood te gaan staan. Een (bewust) krap budget valt eenvoudig te vervangen door sfeer. De intocht, de roffel op de deur, de liedjes bij de kachel, de verlanglijst, het Sinterklaasjournaal. Vrees je toch dat je kind de sukkel van het schoolplein wordt? Een gouden tip biedt het boek Hoor wie klopt daar geld uit mijn zak van Marieke Henselmans (bespaarboeken.nl). Leg je kind uit dat sommige ouders de Sint niet royaal genoeg vinden. Daarom leggen ze geld bij de schoen. Dat zouden of kunnen jullie natuurlijk nooit doen!

De tweede geefgrens is het antwoord op de vraag: hoeveel weelde kan mijn kind verdragen? Cadeaus kunnen blij maken, maar te grote giften maken ook iets kapot. Namelijk het verlangen, de lol en creativiteit om het zomaar gezellig te hebben met elkaar. Henselmans noemt dat sinterklaasvergiftiging. Denk aan de toekomst. Wat gebeurt er met je zesjarige als je al zijn wensen vervult? Waar is hij dan als puber nog blij mee? Een cadeau lijkt dan een recht, waardoor niets geven leidt tot scheve gezichten. Voor kinderen tot twee jaar zijn cadeaus sowieso zinloos, omdat het om het uitpakken gaat. Biedt dus gewoon de eigen knuffels aan in sinterklaaspapier.

De derde cadeaugrens heeft te maken met de rat race op school. Wie veel geeft, jaagt indirect andere ouders op. Daarbij zitten steeds meer opvoeders met een krap budget of kinderen die al zwaar aan cadeauvergiftiging lijden.

De vraag is hier: Hoe (a)sociaal wil je zijn? Ouders die sterk in hun schoenen staan, kunnen helpen voorkomen dat onzekere opvoeders de mist in gaan.

Open ze de ogen door te vertellen hoe je een wijs en gezellig sinterklaasfeest organiseert. Noem het gevaar van sinterklaasvergiftiging.

Dat spaart hun beurs en hun kinderen.