Een staatsman treedt uit de schaduw

Ondanks het dreigende onheil van de eurocrisis overkwam Europa deze week ook iets moois. Het kwam uit Polen. Een staatsman trad uit de schaduw: een politicus die beseft dat we op een kruispunt in de geschiedenis staan en dat we moeten kiezen. Een politieke leider die met volle overtuiging de weg wijst, ook al noemen de populisten in eigen land hem nu een verrader.

Geldkwesties kunnen een zaak van oorlog en vrede worden, van leven of dood, van unies en federaties, waarschuwde Radek Sikorski, de Poolse minister van Buitenlandse Zaken, maandag in Berlijn. En de geschiedenis heeft bewezen dat desintegratie van een munt, of een politiek verband, bloedige gevolgen kan hebben.

In een indrukwekkende toespraak over de financiële crisis en de toekomst van Europa peperde Sikorski de politieke leiders in Berlijn, Parijs en Londen, en ook de bevolking van Polen en de rest van Europa, enkele harde waarheden in. Niet de bekende economische waarheden over de obligatiemarkten, de Europese Centrale Bank en de noodzaak van begrotingsdiscipline en bezuinigingen. Maar vooral politieke waarheden: over de zekerheid dat Europa hoe dan ook op het punt staat om een nieuw tijdperk binnen te gaan. En over de korte tijd die er nog is om te bepalen hoe dat nieuwe Europa vorm krijgt – en of het uit elkaar valt of niet.

Sikorski deed iets wat ongekend is voor een Pools politicus. De bittere herinneringen aan wat nazi-Duitsland zijn land heeft aangedaan, leven in Polen nog altijd sterk (net als de bittere herinneringen aan de Sovjet-Unie). Maar Sikorski sloeg die bladzijde resoluut om. Hij drong aan op, nee, eiste Duits leiderschap.

„Ik ben waarschijnlijk de eerste Poolse minister van Buitenlandse Zaken in de geschiedenis die dit zegt, maar het is niet anders”, zei hij in zijn Berlijnse rede, waarvan een deel dinsdag in deze krant stond. „Ik ben inmiddels banger voor het nietsdoen van de Duitsers dan voor hun macht. U bent het onmisbare land van Europa geworden. U moet de leiding nemen; niet overheersen, maar de hervorming leiden.”

De grootste bedreiging voor de veiligheid van Polen komt niet meer van Duitse tanks of Russische raketten, en ook niet van terrorisme of de Talibaan, zei Sikorski. Het grootste gevaar is de ondergang van de euro. Zijn land gebruikt zelf nog steeds de zloty, maar het uiteenvallen van de euro zou een directe bedreiging vormen voor de eenheid van de hele Europese Unie. En dat zou een dramatische wending in de geschiedenis zijn – voor Polen, dat in de Unie eindelijk een rustige bedding heeft gevonden en tot bloei is gekomen, en ook voor de rest van Europa.

Sikorski wees zijn Duitse gehoor erop dat Duitsland van alle landen het meest van de euro heeft geprofiteerd. Dat het geen onschuldig slachtoffer is van andermans spilzucht. Dat Duitsland zelf in 2003 het Stabiliteits- en Groeipact heeft overtreden. Dat Duitse banken roekeloos riskante obligaties hebben aangekocht. Dat de Duitse angst voor inflatie wel begrijpelijk is, maar dat het land moet beseffen dat instorting van de euro een veel grotere bedreiging is. En o ja, dat Duitsland vanwege zijn omvang en geschiedenis een speciale verantwoordelijkheid heeft om de vrede en democratie op het continent veilig te stellen – en dus te zorgen dat de euro overleeft. „U weet heel goed dat niemand anders dat kan.” Merkel moet zich daar rekenschap van geven, en het Duitse volk ervan doordringen.

Sterkere Europese integratie is de enige uitweg, zegt Sikorski, en dus moeten de Europese lidstaten daarover met elkaar een nieuw verdrag sluiten – en die opvatting is in Polen nauwelijks populairder dan in Nederland. De Poolse oppositie beschuldigde hem na zijn rede niet alleen van verraad, maar diende ook prompt een motie van wantrouwen tegen hem in en maakte hem uit voor „pleitbezorger van het Vierde Rijk en Duitse hegemonie”. Maar premier Tusk stelde zich vierkant achter zijn minister op.

Sikorski richtte zich tot een breed publiek. Merkel maande hij tot daadkracht. Sarkozy waarschuwde hij om niet aan te sturen op een splitsing tussen de landen van de eurozone en de rest van de EU. En tegen Cameron zei hij: als jullie niet meedoen, sta ons tenminste toe dat wij wél verder integreren.

Wil Europa een succes worden, dan heeft het politici nodig die over hun landgrenzen reiken. Die in heel Europa het debat aangaan, ook in andere lidstaten dan hun eigen land kiezers en politici aanspreken, gezag afdwingen. Dat is in het Europese belang, maar ook het nationale belang van iedereen, dat zo nauw met het lot van de EU verbonden is.

Dit is het moment waarop nationale politici moeten bewijzen dat ze daartoe in staat zijn. Sikorski heeft het goede voorbeeld gegeven.

Juurd Eijsvoogel

    • Juurd Eijsvoogel