Doorslaan bij de geur van verschroeid vlees

In het nieuwe omroepbestel zal geen ruimte meer zijn voor zelfstandige zendgemachtigden op levensbeschouwelijke basis zonder leden. Dat is een logische ontwikkeling, maar het meest zullen we de Humanistische Omroep (HUMAN) missen, wegens de gemiddeld hoge kwaliteit van de vaak zinnige programma’s.

Twee nieuwe series bijvoorbeeld zijn sterk gestart, een reeks losse drama’s onder het motto Duivelse dilemma’s en de non-fictieserie Moordverhalen. In beide afleveringen van deze week draaide het om een Nederlandse militair met psychotraumatische verschijnselen.

Posttraumatische stressstoornis (PTSS) komt voor bij 4 tot 5 procent van de militairen die betrokken zijn geweest bij actieve gevechtshandelingen, volgens een onderzoeker van het Veteraneninstituut in Moordverhalen, de serie reconstructies door documentairemaker Michiel van Erp. Dat is best veel, maar minder dan de mediaconsument misschien zou denken.

De luchtmachtpiloot in Duivelse dilemma’s die in een kelder van een Nederlandse vliegbasis onbemande vliegtuigen in Afghanistan bestuurde, had last van schouderpijn en concentratieproblemen. In de uitstekende vertolking door Raymond Thiry en dito regie en scenario van Jaap van Heusden leek dat heel aannemelijk, als je voor je werk mensen op een ander continent dood moet schieten. Alleen komt het in werkelijkheid niet voor op luchtmachtbasis Volkel.

Echt leek wel het doorslaan van veteraan René Holshuijsen, een paar jaar geleden in Hengelo. Dat gebeurde wel vaker als hij bij het gourmetten verschroeid vlees rook, vertelt zijn weduwe Angelique aan Van Erp.

Op authentieke amateurbeelden horen we René tegen de politie schreeuwen. Hij had veel meer meegemaakt dan zij, want hij was in Bosnië en Suriname geweest.

Zijn vrouw had de huisarts gebeld, die niet kwam, maar op zijn beurt de politie waarschuwde. Vuurgevaarlijk geval, want de arts kende hem uit zijn praktijk. Dus schoot een hondengeleider René recht door het hart, voor de zekerheid.

Als we dan toch bij de publieke omroep moordzaken moeten reconstrueren, dan graag op de zakelijke en niet naar sensatie strevende toon van Van Erp. Uit gesprekken op de bank, in het zicht van een foto en een urn, tekent zich een beeld af dat genuanceerder is dan het zoveelste voorbeeld van amok door een getraumatiseerde oorlogsveteraan.

Nader onderzoek had uitgewezen dat de acute agressiviteit van René ouder was dan zijn militaire loopbaan als chauffeur. Sterker nog: hij was nooit in Bosnië of Suriname geweest, en al helemaal niet in Nieuw-Guinea, wat ook onmogelijk zou zijn geweest gezien zijn leeftijd. Zijn vader was wel getuige geweest van de Surinaamse Decembermoorden, en dat verhaal was als alibi gaan dienen voor tijdelijk verlies van zelfcontrole.

Een moordverhaal dus, waar politie en arts ingetuind waren.