Zij is de 'Russische ziel'

In de stem van Zamfira ligt een universum aan leed en baldadigheid verscholen. Alleen op het podium is ze openhartig, erbuiten kiest ze voor afzondering.

„Ik verscheen in je leven, en jij draaide door.” Met die zin begon twaalf jaar geleden de carrière van Zemfira. Het was 1999. Zemfira was 23 jaar. Een meisje uit de Oeral, geboren in 1976 in de provinciestad Oefa. Een Tataarse dus. Met verfomfaaid, jongensachtig uiterlijk. Piekachtig en haveloos ravenhaar. Wantrouwige, ietwat trieste ogen. Brede jukbeenderen. Een krijgster in de liefde. Strijdster voor democratie. Lesbienne ook. Maar bovenal: een atypische edoch evenzeer volmaakte vertolkster van het ultiem diffuse maar onomstotelijk bestaande verschijnsel van de ‘Russische ziel’.

Die stem! Die melancholieke, strijdbare en tegelijkertijd uiterst breekbare stem, waarin een universum aan leed en baldadigheid ligt verscholen. Heel Rusland heeft haar – homofoob of niet – in de armen gesloten als een slavische Jeanne d’Arc. Een gevallen engel. Rokend, drugsverslaafd, oprecht, even aandoenlijk als levensgevaarlijk.

Geen journalisten, geen fotografen was haar oekaze voor ieder bij het enige concert dat Zemfira ooit in de Lage Landen gaf. In Petrol, een even stemmige als smoezelige nachtclub aan de rafelrand van de stad Antwerpen. Niet toevallig een der grootste havensteden in Europa, waar zich sinds de jaren negentig een bont Russische melange aan arbeiders en zakenlieden heeft samengeklonterd.

Aan de Herbouvillekaai, waar de vrachtschepen aanmeren aan de flanken van het parkeerterrein, wordt Zemfira door haar Russische expat-publiek op handen gedragen. Bij bijna elk nummer wordt er meegezongen.

Oorspronkelijk was het concert bedoeld als een promotietour rondom de nieuw te verschijnen cd 12 waar de groep al twee jaar lang aan schijnt te werken. Vorig jaar werd de verschijning van de cd een jaar uitgesteld. Nu het een jaar later is, maakte Zemfira bekend dat deze nog altijd niet verschenen cd haar allerlaatste gaat worden.

Niet dat ze het maken van muziek beu is. Wel gaf ze aan „niet langer te willen zwichten voor de druk van platenbonzen, en de willekeur van mastodontische producers”. De zangeres heeft besloten haar muziek voortaan zelf uit te brengen. Via internet, of enkel live. Tijdens relatief intieme concerten zoals in Antwerpen (1500 man), waar in kleine oplagen cd’s en DVD’s worden verkocht. De arbeid van haar topproducenten, die 24 maanden aan haar boreling hebben gesleuteld, heeft ze monter de prullenbak in geworpen.

12 is dan ook een onafhankelijkheidsverklaring geworden. Het is of ze een last van zich heeft afgeworpen. De slang is uit haar oude huid gekropen. De 35 jarige zangeres, hoe mager en gecraqueleerd ook, heeft haar bandleden resoluut vervangen. Haar management ontslagen. Haar nieuwe harnas aangetrokken. En tegelijkertijd de hand gereikt naar haar alsmaar groeiende publiek. Dat heeft ze expliciet uitgenodigd om samen met haar muziek te produceren, via remixes van originele tracks die ze gratis ter beschikking stelt van de massa. Iedereen kan zijn eigen versie van haar nummers plaatsen op de website die ze daarvoor in het leven heeft geroepen.

Zo openhartig als Zemfira op het podium zingt over haar zielenroerselen, zo apèrt hult ze zich daarbuiten in stilzwijgen. Ze verkiest de volmaakte “silence and cunning” van de afzondering, boven het circus van de openbaarheid. Aan haar populariteit heeft dat niets afgedaan. Integendeel. Zemfira’s enigma heeft haar alleen maar onaanraakbaarder, ongenaakbaarder en serener gemaakt. Precies zoals die maagd uit Orléans, waar ze veel meer nog dan Mila Jovoviæ uit de film van Luc Besson, de perfecte typecasting voor zou zijn geweest.

Natuurlijk is er ook de nodige bravoure in het spel. De equipe van Club Petrol heeft het nooit eerder meegemaakt: niemand van de technici die bij de soundcheck aanwezig mocht zijn. En tijdens het concert een ploeg aan schorriemorrie, artistieke KGB-agenten met spierballen en vierkante schouders, die iedereen met een camera of mobiel die foto’s maakt, het ziekenhuis in dreigen te slaan.

Concertorganisator Alexander Solovov vat het sportief op. In het autoritaire Rusland, waar Zemfira populairder is dan Madonna in het Westen, en stadionconcerten de norm zijn, is zo’n ordemacht noodzakelijk om zaken in de hand te kunnen houden. Of het ook niet getuigt van een wat onvolwassen houding ten opzichte van de vergaarde roem? „Natuurlijk heeft het ook te maken met compensatiedrang”, aldus Alexander. „Ten diepste is Zemfira, hoe populair ook, een uiterst onzekere vrouw.”

Het publiek, ook in Club Petrol, lijkt daar allerminst om te malen. Er wordt twintig minuten lang geklapt om een toegift, die uiteindelijk dan toch komt met het prachtige nummer Khochesh. „Wil je dat we onder zeil gaan op volle zee? Wil je mijn nieuwste muziek horen, mijn lief? Wil je dat ik je buren om het leven breng, die je uit je slaap houden?” Met haar smekende, geloken Tataarse ogen die de bewerkelijking schijnen van de hoofdpersonen uit Nabokov’s roman Masjenka, zingt ze haar publiek toe: „Vergeef me mijn liefde… Ik maak je kapot omdat ik van je houd.”

Het publiek huivert en zingt met haar mee. Eenvoudige woorden, die ontregelende zinnen vormen. „Jij hebt Aids, maar we zullen zingend sterven!” Duizenden landgenoten die het luidkeels meezingen. Tot zoiets is alleen de Russische ziel in staat.