'Wat deze minister wil is idioot!'

Minister Van Bijsterveldt vindt dat ouders meer betrokken moeten zijn bij de school van hun kinderen. Hoe wordt daarop gereageerd?

Michiel Jongewaard van de Vereniging Openbaar Onderwijs: „Het is goed dat de minister het thema van de ouderbetrokkenheid op de agenda zet, want ja: die is voor verbetering vatbaar. En ja, die komt het kind uiteindelijk ten goede. Maar de relatie tussen school en ouders vergt wel onderhoud. Met één activiteit red je het niet. Van veel schoolleiders weet ik dat zij voorstander zijn van een grote rol voor de ouders. Het pleidooi van Van Bijsterveldt is een eerste stap, meer niet. Het is net als met een huwelijk: een trouwakte is nog geen garantie voor een succesvolle relatie.”

Marèse Peters, ouder van twee kinderen uit Oegstgeest: „Een overdreven oproep van de minister. Ouders zijn juist meer dan ooit betrokken bij het wel en wee van hun kind. Het is waar dat moeders meer zijn gaan werken, maar ze besteden meer quality time met kinderen dan pakweg dertig jaar geleden. Ik zie het ook op mijn eigen school. De medezeggenschapsraad is altijd volbezet. Ouders maken tijd vrij om hun kind op te halen van school. En ze helpen mee met schooluitjes, klusjes en vieringen. Deze week worden er tienminutengesprekjes gehouden, over de schoolprestaties van leerlingen. Daar kom ik goed voorbereid naar toe. Ik wil weten hoe het gaat met mijn kinderen.”

Thijs den Otter van de Algemene Onderwijsbond: „Prima, deze oproep van de minister, maar wij zouden graag zien dat zij de bezuinigingen op het passend onderwijs zou terugdraaien. Wij zijn niet tegen ouderbetrokkenheid, integendeel zelfs, maar ouders moeten niet tornen aan de professionele kennis en kunde van de leraar. De lesstof is zijn terrein. Verder bekruipt ons een beetje het gevoel dat de minister met dit pleidooi de aandacht wil afleiden van de forse bezuinigingen op het passend onderwijs. Het is wel heel toevallig dat ze uitgerekend vandaag, aan de vooravond van de behandeling van de onderwijsbegroting in de Kamer, met deze oproep komt.”

Phaedra Werkhoven, hoofdredacteur van Mama Magazine, ouder van vier kinderen: „De minister trapt in de open zenuw van werkende moeders. Wij doen regelmatig onderzoek naar onze lezers en dan blijkt telkens weer wat hét probleem voor ze is: het vinden van een balans tussen werk en kinderen. Ze doen hun stinkende best, maar krijgen regelmatig buikpijn omdat ze al die ballen in de lucht moeten houden. En nu krijgen ze een trap na van Van Bijsterveldt. Daar word je dus gek van als werkende ouder. Wat de minister wil is compleet achterhaald en idioot! Dit was de discussie die we tien jaar geleden voerden. Intussen zijn er veel plannen geweest om de maatschappij anders in te richten, met flexibeler schooltijden bijvoorbeeld, zodat ouders hun werk beter zouden kunnen combineren met een gezin, Daar is niets van terechtgekomen. Ik zie enorm veel betrokken ouders om me heen. Niet alleen onder mijn lezers, ook op het schoolplein. Op de school van mijn kinderen geven we om beurten kinderen bijles, omdat de school dat niet meer kon betalen. Die grotere betrokkenheid van ouders is dus feitelijk een maskering van het gebrek aan personeel en geld.”

Lodewijk Asscher (PvdA), onderwijswethouder Amsterdam twittert: „Van Bijsterveldt heeft gelijk dat school en ouders samen veel meer voor de ontwikkeling van kinderen kunnen betekenen. Maar moreel appèl ‘wees betrokken of huur een plaatsvervanger’ niet overtuigend.”

Tiny Uyttewaal, rector van St. Bonifatiuscollege in Utrecht: „Minder betrokkenheid? Ik zie op ouderavonden juist enorm veel belangstelling. Op zo’n avond krijgen we honderden ouders over de vloer, die allemaal graag willen spreken met docenten. Sinds kort communiceren we ook via de mail met ze. Daar reageren heel veel ouders op. Ze denken graag mee over hoe het beter kan op school. Ik merk wel dat kinderen vaker alleen thuis zijn. Ouders willen wel weten hoe het op school gaat, maar ze zitten er niet bovenop. Toch zie ik het niet gebeuren dat wij schriftelijke afspraken gaan maken met ouders, zoals de minister wil. Dat past niet bij onze school. Ouders moeten uit zichzelf geïnteresseerd zijn. Dat kun je niet vastleggen in een contract. Nee, dat gaat echt te ver.”

Marleen de Kleijn, adjunct-directeur van de openbare basisschool Het Startpunt in de Haagse Schilderswijk: „Ik herken het beeld dat de minister schetst. Ik spreek wel eens ouders die van mening zijn dat de opvoedrol meer bij school hoort dan bij henzelf. Dan komt een vader aan het eind van groep 8 een keertje op school kijken, en vindt hij het vreemd dat hun kind een advies voor vmbo meekrijgt en niet voor vwo. Het is geen onwil, maar onkunde: ze zijn niet opgeleid, spreken de taal slecht. Probeer maar eens uit te leggen aan een ouder die zelf analfabeet is dat het kind slecht is in begrijpend lezen. Toch hebben ze echt het beste met hun kinderen voor. Laatst had ik een gesprek met twintig moeders, die volgend jaar graag het Suikerfeest op school willen organiseren. Dat is ook betrokkenheid. Nederlandse ouders vinden het belangrijk dat hun kinderen een goede opleiding genieten en zich persoonlijk ontwikkelen. Als ik ouders op deze school vraag naar wat ze voor hun kind willen, zeggen ze: ik wil dat mijn kind een goede moslim wordt.”

Hedy d’Ancona, oud-staatssecretaris Emancipatiezaken (1981-’82) en oud-minister van WVC (1989-’94): „Van Bijsterveldt slaat de plank volledig mis. Mens, waar héb je het over? Dit zijn uitspraken van iemand die kennelijk geen idee heeft van de maatschappelijke werkelijkheid. Ze doet net alsof alle ouders luxe tweeverdieners zijn die fluitend door het leven gaan. Wat ik merk in mijn omgeving is juist een enorme betrokkenheid van ouders. Mijn dochter en de dochters van mijn man doen verschrikkelijk hun best om naast hun drukke banen goede moeders te zijn. Ze rennen zich de benen uit het lijf! De school hoeft maar te roepen en hup, daar staan ze alweer klaar met een emmer en een dweil om de wc’s op school te poetsen. Ze willen zó graag laten zien dat ze goede moeders zijn! Ik ken het gevoel nog wel uit mijn tijd als werkende moeder: als het maar enigszins kon, droeg ik mijn moederkant breed uit. Onzin natuurlijk, maar het zit heel diep bij vrouwen. En door dit soort ideeën van de minister zijn we nog verder van huis.”