Revolutionairen als doelwit

Half Argentinië viel over Pola Oloixarac heen toen haar debuut werd gepubliceerd.

Er werd geëist dat ze er afstand van nam. „Geheel in de maoïstische traditie.”

Nederland, Amsterdam, 16-11-2011 Pola Oloixarac is an Argentinan writer, journalist, and translator. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Roger Cremers - 2011

„Jullie stad is van speelgoed, ik vind het geweldig.” De Argentijnse schrijfster Pola Oloixarac kijkt uit over het Spui in Amsterdam vanuit het Schrijvershuis van het Nederlands Letterenfonds, waar ze deze maand verblijft. Veel van die speelgoedstad heeft ze nog niet gezien. „Ik was volledig in beslag genomen door een stuk dat ik voor The New York Times aan het schrijven was, mijn eerste.” Dus zat ze ’s nachts te tikken en overdag met haar hoofd in New York, waar haar stuk werd beoordeeld.

De ster van Oloixarac (1977) is razendsnel gestegen sinds ze vorig jaar door het Engelse tijdschrift Granta uitgeroepen werd tot een van de twintig belangrijkste jonge Spaanstalige schrijvers. Haar debuutroman Las Teorías Salvajes (‘De wilde theorieën’, braafjes vertaald als Het hoorcollege. Seks, drugs en filosofie in Buenos Aires) leidde tot lyrische en ziedende reacties in haar geboorteland. Oloixarac is filosofe, werkte als model, schrijft veel over technologie en beheert een blog over orchideeën.

Wat doet u in Amsterdam?

„In mijn volgende roman speelt botanie een belangrijke rol. Het is fascinerend hoe er al eeuwenlang wereldwijd in bloemen wordt gehandeld. Ik ben hier om met een aantal kwekers te spreken en om de Artis-bibliotheek te bezoeken. Bovendien is mijn boek hier nu net in vertaling verschenen. Ik zag het in de winkel liggen, maar ik durfde het nog niet aan te raken.”

‘Het hoorcollege’ is een boek over studenten in Buenos Aires dat vol staat met literaire en filosofische verwijzingen. Wat stond u voor ogen toen u aan het boek begon?

„Ik wilde een komedie schrijven over een groep jongeren die naar theorie en filosofie kijken alsof het popmuziek is, voor wie die manier van denken niet academisch is, maar die zich er volkomen vrij in voelen. Het moest een verhaal zijn vol jonge mensen die slimme, brutale dingen zeggen. Elke keer als een van mijn personages iets spits zei over bijvoorbeeld Wittgenstein, genoot ik zelf. Ik ben dol op mijn personages, ik heb bij mijn nieuwe boek ook steeds de aandrang om ze in het verhaal te schrijven.”

Een komedie wil vaak mensen of denkbeelden op de hak nemen. Wie of wat moest er aan geloven?

„In de eerste plaats de zogenaamde ‘revolucionarios’, de linkse strijders uit de jaren zeventig die min of meer heilig zijn in het land. Zij hebben in de jaren zeventig óók misdaden begaan, jongens van negentien doodgeschoten omdat ze een politie-uniform droegen. Daar is eigenlijk nooit over gesproken en zeker geen verantwoording over afgelegd.”

De revolucionarios werden het slachtoffer van de militaire dictatuur. Dat maakt hen moreel superieur.

„Dat denken ze zelf. Ze koesteren hun slachtofferrol en doen nu alsof ze altijd democraten zijn geweest. Zij waren het main target van mijn boek. Het andere doelwit was de academische wereld, met zijn allesoverheersende politieke correctheid.”

De provocatie heeft gewerkt. Het halve land viel over u heen. Er is zelfs geëist dat u publiekelijk afstand van uw boek nam.

„Geheel in de maoïstische traditie, ja. Ik wist niet waar de mensen zo kwaad om werden. Veel van de kritiek was tegen mij persoonlijk gericht. Er zat veel seksisme in: mensen die schreven dat ik met critici naar bed was geweest om een recensie te krijgen, het was echt erg. Inmiddels woon ik niet meer in Buenos Aires, maar in Bariloche, waar de broer van jullie prinses Máxima een restaurant heeft.”

Bent u teleurgesteld in die kritiek? U verblijft veel in het buitenland, u wordt gezien als een van de belangrijkste jonge Spaanstalige schrijvers.

„Heel veel ben ik de laatste tijd inderdaad niet in Argentinië, maar het is onzin om te klagen. Je weet nooit precies wat er gebeurt nadat je een boek hebt gepubliceerd, het is een soort virus dat zich in de hersenen van je lezers nestelt. Men heeft mij daar verweten dat mijn boek liefdeloos zou zijn, daar begrijp ik niets van.”

Het is wel ironisch en onsentimenteel.

„En Argentijnen zijn een vreselijk sentimenteel volk, vol collectieve passies. Dat zie je ook in de huidige regering van Cristina Kirchner, die een soort Nieuw Links heeft gevormd waarin de economie voor een groot deel van de staat afhankelijk is. Zij wordt met een collectieve passie aanbeden die ik niet voel. Dus inderdaad, misschien ben ik wel liefdeloos.”

Boek

Het hoorcollege. Seks, drugs en filosofie in Buenos Aires.

Vertaald door Adri Boon. Meulenhoff, 288 blz. € 19,95

    • Arjen Fortuin