'Opvoeding is altijd pijnlijk en rauw'

Tilda Swinton speelt de hoofdrol in het verontrustende We Need to Talk About Kevin. „Het is voor ouders verdomd moeilijk om eerlijk te zijn tegen hun kinderen.”

Writer Lionel Shriver arrives for the official BFI London Film Festival screening of We Need To Talk About Kevin, at a central London Cinema, Monday, Oct. 17, 2011. (AP Photo/Joel Ryan) AP

Een echte Schotse aristocrate, dat is Tilda Swinton. Zie haar sereen haar bronwater nippen op dak van Hotel Stéphanie. Haar kostschoolengels klinkt onberispelijk, zinnen rollen sierlijk van haar lippen. Er kleeft iets buitenaards aan haar platinablonde haar, ronde ogen, streepmond en ranke, uitgerekte figuur.

Het is medio mei: Swintons tour de force als Eva, de moeder die een monster baart in We Need to Talk about Kevin, is goed gevallen bij de filmpers in Cannes. Ze oogt ontspannen, net als mede-Schot Lynn Ramsay, de regisseur die een tafel verder in onnavolgbaar accent ratelt en gesticuleert. Voor Ramsay is de film een soort comeback: ze verloor jaren met de voorbereiding van The Lovely Bones, een film die sterregisseur Peter Jackson vervolgens voor haar neus wegkaapte en verprutste. Hoofdrolspeler en co-producent Swinton voelt zich medeverantwoordelijk voor het succes van We Need to Talk about Kevin. Omdat deze vuurrood schurende nachtmerrie tussen wal en schip zou kunnen vallen, vreest ze. Arthouse en horror is een kwetsbare combinatie.

Tilda Swinton is een fijne gesprekspartner: aandachtig, tolerant, sprankelend. Allerminst de kille en verknipte vrouw die zij doorgaans speelt. Ooit was zij de muze van de Britse regisseur Derek Jarman, tot 2000 speelde ze doorgaans extreme vrouwen in extreme kunstfilms. Nu wisselt ze experiment af met Hollywood, dat haar heeft getypecast als griezelige ijsheks in spektakelfilms als Chronicles of Narnia, maar evenzeer in kwaliteitsfilms als Michael Clayton of Burn After Reading, waar Swinton je kippenvel bezorgt als George Clooney’s verbeten minnares.

In We Need To Talk About Kevin speelt ze Eva, die in schuld en schaamte wentelt omdat haar zoon Kevin een bloedbad heeft aangericht op school. Omdat hij een psychopaat is? Of omdat ze hem nooit echt wilde? Heeft ze dit monster gebaard of gemaakt? Het is Swintons derde verknipte moeder in korte tijd. In Julia speelde ze een misleide alcoholist, in Io sone l’amore (2010) de in routine gevangen Emma, first lady van de rijke Milanese Ricchi-clan. „Mijn driedelige dvd-box is compleet”, grapt Swinton. „Ik noem hem The Motherload.”

In de roman is Eva een onbetrouwbare verteller. De film mist die ambivalentie: Kevin lijkt op Damien, de satanszoon uit ‘The Omen’

„Dat is een van die vreselijke compromissen die je maakt omdat cinema een ander medium is dan literatuur. Je leest een roman en vormt je een beeld van Kevin: een projectie van die pestkop op school, of van je broer. In het boek mist Kevin bewust karakter en vorm. Hij is slim, maar uitdrukkingloos. Dat kan niet in film: cast je iemand, dan is de ambivalentie weg. Met Ezra Miller als Kevin kozen we voor een creepy soort charisma. We konden er geen Jaws van maken, waar je de haai pas aan het eind ziet. Al hebben we daar serieus over nagedacht: Kevin heel lang buiten beeld houden.”

Is Kevin kwaadaardig?

„Lastig woord. Het kwaad is een sociale constructie om onacceptabel gedrag buiten de samenleving te plaatsen. Dat leggen we kinderen uit in sprookjes. Maar het echte leven bestaat uit grijstinten. Goed en kwaad zijn witte strepen op de weg: je moet ertussen blijven.”

Andere vraag dan: is hij zoon van Satan?

„The Demon Seed! De film is in zekere zin Rosemary’s Baby 2. Dit is een vrouwelijk nachtmerrie over opvoeding, zoals Rosemary Baby dat was over zwangerschap. Lionel Shriver schreef het boek als queeste om te kijken of ze een kind wilde. Liever niet, besloot ze.”

De film is wel omschreven als ‘mentale anticonceptie’.

„Nou, ik heb ook ouders gesproken voor wie de film een catharsis is. Misschien omdat ze denken: nou, dan valt die van mij best mee. Opvoeden is een rauw proces, red meat, tooth and claws. Kinderen manipuleren ouders, ouders manipuleren kinderen. Het is zo verdomd moeilijk om eerlijk tegen elkaar te zijn, juist als je zo intiem bent als met je ouders, broers en zussen. Maar goed, dit is horror, geen documentaire of sociaal commentaar. ”

Is Kevin’s wangedrag Eva’s schuld?

„Het is altijd de schuld van de moeder, volgende vraag! Maar nee, toen ik het boek las was ik verrukt dat iemand dit taboe aandurfde: moeders die niet meteen van hun kind houden. Toen ik mijn tweeling kreeg, was ik met één blik verkocht, maar er zijn miljoenen moeders bij wie die knop gewoon niet omgaat.”

Ze staart even in de verte. „Ik bedenk me iets. Onze hond Rosie kreeg puppies en haar jonge zusje werd schijnzwanger. De dierenarts zei: logisch, Rosie is de alfahond. Die krijgt in de roedel de baby, en de bètahond zorgt ervoor. Schijnzwangerschap brengt die bètahond in de stemming. Misschien is bij mensen ook niet iedere vrouw geboren om te zogen.”

Toch zijn Eva en Kevin geobsedeerd door elkaar.

„Ja, de film is eigenlijk een Sergio Leone-achtig duel tussen moeder en zoon. De anderen – vader Franklin, het zusje – zijn toeschouwers. Ze weten ook dat er iets goed fout zit tussen hen. Kevin zegt: ‘omdat jij aan mij gewend bent, hoef jij nog niet van mij te houden’. En Eva antwoord dan zoiets als: ‘yeah, uh, well...’ Want ze weet dat hij gelijk heeft. Kevin is slim, superbewust. Vaak formuleert hij Eva’s radicaalste gedachten. Dan denk zij: Jezus, spijker op zijn kop, ik was nog maar halverwege. Dat is het gruwelijke: Kevins geweld, zijn meedogenloze scherpte: het is haar niet vreemd, het is juist heel bekend.”

Waarom vraagt Eva pas helemaal aan het eind waarom Kevin het heeft gedaan?

„Ze dacht dat ze het antwoord al wist. Omdat je mijn arm brak toen ik klein was, een bitch was, te hard werkte, de verkeerde koekjes kocht, tekort schoot. Maar als Eva hem de vraag eindelijk stelt, is ze als persoon volledig onttakeld. Kevin is ook veranderd in de gevangenis, zit daar kaal geschoren als een baby tegenover haar. Het is hun eerste ontmoeting met open vizier, een nieuw begin.”

De film wordt horror zo snel het gezin naar een buitenwijk verhuist.

„Bijna alle interessante Amerikaanse horror komt uit slaapsteden. Dat nare, glimmende mausoleum waarin ze gaan wonen! Als kijker zie je meteen: niet doen, het is een spookhuis! Wisten jullie dat horrorregisseur Wes Craven uit Stanford, Connecticut komt, waar onze film is opgenomen? Ik logeerde vlakbij Elm Street, waarop A Nightmare On Elm Street is gebaseerd. Prima geslapen overigens.”