Het was nogal theatraal

Marcel van Roosmalen bezoekt de ‘Dag voor het magazijn’ in Diemen.

De veiligheid in het magazijn krijgt te weinig aandacht in de krant.

We – fotograaf Jan Dirk en ik – bezochten de ‘Dag voor het magazijn’ in het congrescentrum van Randstad in Diemen, een evenement voor magazijnbeheerders, logistiek managers, teamleiders, orderpikkers, DC-managers en ‘alle andere mensen die in magazijnen werken’. Magazijnmensen waren mannen – voor vrouwen is dat werk te zwaar – met weinig opleiding die hun werk serieus namen.

Bij de workshop ‘Veiligheid in het magazijn’ noteerden ze alles wat de veiligheidsinstructeurs Patrick en Robert vertelden.

Patrick was kaal en Robert stonk uit zijn mond. Dat laatste weet ik omdat ik op de eerste rij zat en hij tijdens zijn voordracht onverwachts in mijn gezicht schreeuwde om te vragen of ik wel eens door een rood licht was gereden. Het antwoord ‘nee’ werd niet geloofd.

„O, nee? O, nee?”, riep Robert.

Patrick tegen de groep: „Ga staan als je wel eens door rood licht bent gereden!”

Alle magazijnmensen gingen staan.

Ik bleef als enige zitten.

Ik was ook de enige zonder rijbewijs.

Robert: „Ja hooooorrrr, zo lust ik ook een bak hondenbrokken… Zeg dat dan!”

Het ging er nogal theatraal aan toe.

De twee legden een parallel tussen door rood rijden en onveilige situaties in het magazijn. Als stelregel kon je nemen: als je iets sneller kon doen door een risico te nemen, kon je het beter niet doen.

De workshop duurde een half uur.

Na afloop kregen we allemaal een gouden medaille omdat we zo goed geluisterd hadden.

Een meneer met een geurtje en een baard van de organisatie van Randstad nam me apart. Of ik mijn jas uit wilde doen en mijn tas af wilde geven, dat was een frisser gezicht. Toen dat gedaan was, introduceerde hij me bij professor René de Koster, hoogleraar logistiek en operations management aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en juryvoorzitter van ‘Het veiligste magazijn van Nederland’, de prijsuitreiking daarvan was het hoogtepunt van de dag.

Professor De Koster was een fervent lezer van NRC Handelsblad in een te groot kostuum. Hij gaf een hand en begon maar meteen te zeggen wat hij zoal miste in de berichtgeving.

1) Er stond vrijwel nooit iets over logistiek in.

2) Het onderwerp ‘Veiligheid in het magazijn’ was een ondergeschoven kindje.

3) Het nieuws dat er al jaren een groot tekort aan magazijnmedewerkers is, had hij nog nooit gelezen.

Me dunkt, ik had wat te doen.

Hij voegde eraan toe: „U bent een kind en krijgt een enorme snoeptrommel.”

Dat gevoel had ik niet.

Dit was een strenge meester, ik had straf en moest strafregels schrijven. Honderd keer deze zin:

‘De prijs voor het veiligste magazijn is een heel belangrijke prijs, het winnen van de prijs is niet alleen een eer, maar ook een goede manier om medewerkers te laten zien dat het bedrijf zijn best doet om een goed werkklimaat te scheppen.’

De prijs werd gewonnen door het magazijn van AkzoNobel.

Professor René de Koster deed twintig minuten over het voorlezen van het juryrapport.

Bij het afsluitende diner – Randstad trakteerde de magazijnmedewerkers op bami, saté, kroepoek en koffie met spekkoek toe – zaten we aan tafel met de medewerkers van het magazijn van Nissan, de prijswinnaar van 2010.

Het winnen van de award was nog steeds een hoogtepunt, vooral in het leven van de chef, een man die met de handen at.

Ze vertelden over de tilmachine die met het prijzengeld was aangeschaft en verder kregen we vooral de typische bedrijfscultuur mee.

Een man met een baard stond tijdens het eten op. Hij veegde de mond schoon met een servet en zei dat hij naar buiten ging.

„Even Nico en Tine een handje geven.”

Het woord ‘kut-auto’ viel, het ging over concurrent Mitsubishi.

De man naast me gaf me een por.

„Kut-auto, daar wil ik wel in zitten.”

Ik was lang stil.

Het werd drie keer uitgelegd, dat schrijf ik hier niet op.

Professor De Koster kwam er weer aan. Fijn dat de krant er nog was!

Hij begon weer over het belang van de prijs en hij vond ook dat het fijn was dat we waren blijven hangen zodat we het enthousiasme van de magazijnmedewerkers zelf konden proeven.

Ik zei dat ik weg moest.

Even naar buiten, Nico en Tine een handje geven.

Fotograaf Jan Dirk wilde Nico en Tine ook een handje geven.

We pakten onze spullen, renden naar buiten en stapten in de kut-auto van Jan Dirk, een Fiat Panda.