Rottens rotstekeningen

Wordt een appartement met graffiti van de Sex Pistols een archeologische site? Volgens Britse archeologen zijn de muurtekeningen van Johnny Rotten ‘anti-erfgoed’ en bescherming waard.

Staat het pand 6 Denmark Street in de Londense wijk West End straks in de reisgidsen als het ‘Lascaux van de punk’? Het zou zo maar kunnen, want twee Britse archeologen hebben hier graffiti van de Sex Pistols ontdekt. Paul Graves-Brown en John Schofield van York University nemen hun vondst zeer serieus en hebben die vorige week, als waren het prehistorische rotstekeningen, in het vakblad Antiquity gepubliceerd. Een gepast moment, want deze week is het 35 jaar geleden dat de punkband Britse televisiegeschiedenis schreef door als eerste live op televisie te vloeken: gitarist Steve Jones maakte presentator Bill Grundy van het televisieprogramma Today uit voor dirty sod, dirty old man, dirty bastard, dirty fucker en fucking rotter.

De band had een jaar eerder onderdak gevonden in het pand in Denmark Street, een straat die ook wel bekend staat als de Engelse Tin Pan Alley. Op nummer 4 zat Regent Sound – nu een gitaarwinkel – waar de Rolling Stones in 1964 hun eerste lp hebben opgenomen. Het blad Melody Maker had er zijn kantoor op nummer 19 en David Bowie zou er eind jaren zestig in een camper hebben gewoond. Op hetzelfde adres als de Sex Pistols, op de twee bovenste verdiepingen, zat tussen 1968 en 1983 het ontwerpbedrijf Hipgnosis, dat onder meer de hoezen ontwierp voor Pink Floyd, Genesis en Led Zeppelin. Om het verhaal compleet te maken: op het adres van de Sex Pistols hebben later ook nog twee van de drie zangeressen van Bananarama gewoond.

Zanger Johnny Rotten woonde niet op het adres, maar heeft volgens de archeologen wel zijn stempel op de plek gedrukt. Ze herkennen zijn hand in een omgekeerd swastikateken, teksten als ‘is God a cunt’ en ‘Johnny won’t go to heaven or the South of France’ en karikaturen van alle bandleden. Ook zijn er minder vleiende tekeningen van Malcolm McLaren, afgebeeld als ‘Muggerage’, en Nancy Spungen, de vriendin van Sid Vicious. Beiden werden door Rotten gehaat.

De archeologen spreken over de tekeningen als ‘anti-erfgoed’, dat een speciale behandeling verdient. In de geest van punk steken ze hun tong uit naar het erfgoedestablishment: het pand met de graffiti, dat tot 1986 in bezit van de Sex Pistols en het bedrijf van McLaren is geweest, moet geen officiële monumentenstatus krijgen.

Dat is ook niet nodig, zeggen ze, want alle latere gebruikers van het pand hebben de graffiti, waarvan enkele achter kasten verborgen zijn geraakt, bewaard. Ook de huidige gebruikers zeggen dat ze de graffiti zullen sparen.