Groen groen knollen knollenland

Een waterige zon over nevelige akkers. De Walcherse VVV had geen beter weer kunnen bestellen. Of de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging. Over een leikleurige akker, langs een B-weggetje net onder Veere, loopt een slordige linie mannen, geweren over de arm, wolkjes asem uit de mond. Mooi gezicht. Even parkeren. Voor de jagers uit springen af en

Een waterige zon over nevelige akkers. De Walcherse VVV had geen beter weer kunnen bestellen. Of de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging. Over een leikleurige akker, langs een B-weggetje net onder Veere, loopt een slordige linie mannen, geweren over de arm, wolkjes asem uit de mond. Mooi gezicht. Even parkeren.

Voor de jagers uit springen af en toe hazen van tussen de ploegvoren. Het worden er steeds meer. Acht, tien, twaalf. Soms knalt er een geweer, maar raken doen ze voorlopig niets. Hun honden kijken verdwaasd.

„Dat is gemeen!”, roept mijn dochter van acht vanaf de achterbank – niet onverwachts: ze is nog in de paarden. „Sukkels!”, roept haar vierjarige broer solidair met haar door het geopende raam. We zien gemakshalve maar even over het hoofd dat hij bloeddorst niet schuwt: zijn favoriete YouTube-film laat een jachtluipaard zien dat, na een korte spurt, een piepjonge gazelle de luchtpijp dicht knauwt – bekeken: 12 miljoen keer.

Dan springt pal voor de voeten van de dichtstbijzijnde jager een koppel hazen van tussen de kleibonken. Hij richt zijn hagelgeweer, de hazen rennen met een scherpe bocht recht op ons af. De jager kijkt ze over de korrel na, maar schieten kan hij niet want een schot zou ook de auto raken. En dat zou álle inzittenden zeer hebben verdroten. Voor de bumper buigen de haasjes af en ontsnappen via een droge sloot uit het schootsveld.

Door listig parkeren, verkoop ik aan de juichende achterbank, hebben we twee hazen gered. Iedereen blij.

Alleen een cynicus zou nu zeggen dat het dan ook niet zo erg is om één haas van de poelier klaar te maken. Bijvoorbeeld à la Normande, op zijn Normandisch.

Maak van de gesnipperde sjalotjes, wat afgeriste takjes tijm, een beetje olijfolie, de zeste, de laurierbladeren, pepertjes en de halve fles cider een marinade en leg hierin de hazenbouten. Dep ze na 24 uur marineren droog, doe er zout en peper op en bak ze in de olijfolie mooi bruin. Leg ze daarna in een vuurvaste schaal en gaar ze in een uurtje in de oven (180 graden). Bedruip af en toe met de braadsappen en met een beetje apart gezette marinade.

Zeef de rest van de marinade, doe deze in een pan en reduceer met negentig procent. Voeg op het laatst wat fijn gesneden appelstukjes toe, zodat die ook gaar zijn. Roer er nu de crème fraîche doorheen en maak af met wat tijm en zout en peper.

Je eet niet altijd haas, dus het bijgerecht verdiende extra aandacht. Het werden linzen, die werden toegevoegd aan uitgebakken spekjes met een paar tenen klein gehakte knoflook en twee ons bospaddenstoelen. Beetje verse peterselie erbij, klaar.

Hazebout

Voor vier personen:

4 schoongemaakte hazenbouten – dus twee voor- en twee achterbouten

10 laurierbladeren

4 sjalotjes

1 el zeste van citroen

2 gedroogde chilipepertjes

4 knoflooktenen

halve fles cider

halve appel

1,25 dl crème fraîche

tijm

olijfolie

peper, zout