Stuttgart 21 gaat door

De bouw van het omstreden centraal station in de Zuid- Duitse stad Stuttgart kan doorgaan. Een ruime meerderheid (58,8 procent) van de kiezers in Baden-Württemberg heeft gisteren in een referendum gezegd dat de deelstaat, waarvan Stuttgart de hoofdstad is, mag doorgaan met de financiering. Ook in Stuttgart zelf is een meerderheid voor de bouw van het station.

Stuttgart 21, zoals het project heet, is uitgegroeid tot een symbool in Duitsland van tekortschietende burgerdeelneming aan grote projecten. Het bestaande kopstation wordt vervangen door een ondergronds station voor doorgaande treinen, met grote gevolgen voor de hele binnenstad van Stuttgart.

Voor de Groenen, die hun recente overwinning bij de deelstaatverkiezingen mede aan het protest tegen Stuttgart 21 te danken hadden, kan de nederlaag grote gevolgen hebben. „Het volk heeft gesproken”, zei Premier Winfried Kretschmann (Groenen). „Dat accepteer ik, ook al is de uitslag niet overeenkomstig mijn wens.”

De bouw kan nog steeds worden gehinderd door aanhoudende ‘burgerprotesten’. En ook de financiering kan voor problemen zorgen. Kretschmann eist van de hoofdaannemer, de Duitse spoorwegen, dat de kosten niet boven de 4,5 miljard euro uitkomen. Volgens critici gaat dat nooit lukken. Maar de spoorwegen zijn optimistisch: „Het station komt er”, aldus een woordvoerder.

Voor de Groenen zou dat betekenen dat ze een project moeten helpen uitvoeren, waarvan zijzelf de grootste tegenstanders zijn.