Golliwogg en Piet

Als kind was ik regelmatig Zwarte Piet. Onvrijwillig natuurlijk. Want sommige schoolkinderen drukten mij in die rol toen zij mij pestend ‘Zwarte Piet’ noemden rondom Sinterklaas. Het deed mij geen pijn. Mijn Britse, stoïcijnse opvoeding had me een magisch adagium geleerd: ‘Sticks and stones will break my bones, but names will never hurt me.’

In Engeland, waar ik woonde in de jaren zeventig, had je ook een zwarte figuur voor kinderen, zij het minder onderdanig dan het slaafje van Sint. Die heette de Golliwogg. We hebben er op school een gemaakt van een pikzwarte sok die we volstopten met watten en waarop we met kraaltjes een lachend gezicht naaiden en met geknoopte wol kroeshaar maakten.

De Golliwogg is een karakter uit kinderboeken uit de negentiende eeuw, waarschijnlijk door Florence Upton in zwang gebracht met haar geïllustreerde kinderboek The Adventures of Two Dutch Dolls and a Golliwogg. Het was meestal een jolig en zorgeloos mensje in kleurrijke vrijetijdskleding en met een hippe loop. Waar het eerst enorm populair was, werd het na het midden van de twintigste eeuw steeds vaker gezien als controversieel, een karikatuur van de zwarte Amerikaan, een racistisch symbool. Bovendien was het beledigend want de Golliwogg bevestigde een stereotiep beeld van de zwarte als alleen jolig en zorgeloos. Je zult het niet snel meer zien in winkels of in het bezit van kinderen, ondanks dat sommigen vinden dat deze vroegere jeugdtraditie als cultureel erfgoed bewaard dient te blijven.

Ook in Nederland horen we die geluiden. Dat de Zwarte Piet hoort bij een traditie die in ere moet worden gehouden. Ik deelde die mening, want ik houd van traditie. Ik zag er ook geen kwaad in. Zwarte Piet was bovendien toch geen etnisch zwarte, maar zwart door de roet van de schoorsteen. Toch? Wel was ik er blij om soms Pieten te zien in verschillende kleuren en om eens zelfs een zwarte Sint te mogen aanschouwen. Hoe politiek correct!

Maar langzaam begint het wel te wringen. Zwarte Piet doet zijn best. Hij is ijverig, beweeglijk en wringt zich op Sints verzoek door elke vieze schoorsteen die je je maar kan wensen. Iets wat de Sint nooit zou doen. Want Piet is er om dat vuile werk op te knappen. Piet is het hulpje, de horige, het bezit van Sint. Niemand zal ooit tegen Zwarte Piet zeggen dat hij die baan heeft gekregen omdat hij zwart is. En waarom niet? Omdat het een baan is die hem past, hem op het lijf is geschreven. Althans, zo wordt gedacht. En dat maakt Zwarte Piet voor mij stereotiep en rolbevestigend. In landen van de vroegere Golliwoggs begrijpen ze dit al veel langer.

Naema Tahir