Noordelijke landen willen grotere rol IMF in eurocrisis

Nederland, Duitsland en Finland willen een grotere rol voor het Internationaal Monetair Fonds (IMF) bij het bestrijden van de eurocrisis. Frankrijk en Duitsland waarschuwen dat er zonder Italië geen euro kan zijn. België en Hongarije zijn verder afgewaardeerd door internationale kredietbeoordelaars. En in Italië is de rente op staatsleningen vrijdag opnieuw gestegen.

Op de laatste dag van de financiële week volgden de ontwikkelingen en verklaringen elkaar opnieuw in een razend tempo op. Alleen beleggers zagen aanleiding tot enig optimisme. De Europese beurzen sloten met een lichte winst, ten opzichte van een dag eerder.

Minister Jan Kees de Jager van Financiën (VVD) verklaarde na overleg met zijn Duitse en Finse ambtsgenoten in Berlijn, dat de drie landen een belangrijkere rol willen voor het IMF ter aanvulling van het Europese noodfonds EFSF. De minister zei dat er twijfel is gerezen of het EFSF wel voldoende geld kan ophalen om landen bij te staan die dreigen te bezwijken onder de schuldenlast.

De drie landen pleiten voor uitbreiding van het IMF met leningen uit zowel Europese als niet- Europese landen (opkomende economieën) om de crisis tegen te gaan. Hiermee volgen zij de Nederlandse oud-directeur van het IMF, Johannes Witteveen, die al sinds de zomer pleit voor een grotere rol voor het IMF.

Intussen heeft Italië de uitgifte van staatsobligaties weer duur moeten bekopen. De rente op leningen met een looptijd van zes maanden sprong naar 6,5 procent, die op leningen met een looptijd van twee jaar naar 7,8 procent. Eind oktober was de rente op deze leningen nog 3,5 respectievelijk 4,6 procent. Volgens experts zijn dergelijke rentetarieven op den duur onhoudbaar.

Maar volgens premier Monti van Italië zullen Duitsland en Frankrijk zijn land niet laten omvallen. Op een bijeenkomst donderdag in Straatsburg zouden bondskanselier Merkel en president Sarkozy de nieuwe Italiaanse premier Monti hebben gezegd dat ze zich ervan bewust zijn „dat omvallen van Italië het einde van de euro betekent”.

Intussen zetten kredietbeoordelaars opnieuw twee Europese landen onder druk. België werd afgewaardeerd (zie voorpagina) en buiten de eurozone werd de status van Hongarije verlaagd tot ‘junk’.

Hongarije heeft vorige week de hulp ingeroepen van het IMF. De gesprekken over mogelijke steun aan het land beginnen volgende week.