'Laten ' we stoppen met de blame game

George Papandreou, de gewezen Griekse premier, blikt terug op zijn crisisbeleid.

„Europa is bang van zijn burgers. Die mogen niet beslissen. Dat verzwakt de Unie.”

Op 11 november droeg premier George Papandreou in Athene de macht over aan technocraat Lucas Papademos. Het was de voorlopige ontknoping van een Grieks drama waarvan de proloog al in 2009 werd geschreven. Toen erkende Papandreou ootmoedig, op de dag dat hij premier was geworden na een eclatante verkiezingsoverwinning voor zijn socialistische PASOK, dat Griekenland jarenlang vals had gespeeld met zijn financiën.

Hij zag hoe zwak de Griekse staat ervoor stond en wou er iets aan doen, zegt hij nu, maar hij kreeg daar de tijd niet voor. De eurobom tikte. Koste wat kost moest worden vermeden dat Athene ook andere landen zou besmetten.

Tijdens een tweedaags bezoek aan Brussel, waar hij het congres van de Europese Socialistische Partij (PES) toesprak, blikt hij terug. Hij verdedigt zijn beleid. „Het is hard en pijnlijk, maar het zal de welvaartsstaat in Griekenland redden.”

Ook verdedigt hij nog altijd het referendum dat hij wilde organiseren over het Europese noodprogramma voor zijn land. Die koppigheid kostte hem uiteindelijk zijn premierschap. „Ik vertrouw de burgers. Europa doet dat te weinig. Het is bang van zijn burgers. Die mogen niet beslissen, dus doen we het zelf in besloten kringetjes en achter gesloten deuren. Dat verzwakt de Unie.”

Hoe hoog is de menselijke prijs die u hebt betaald?

„Ik wist van meet af aan dat we in een zeer penibele situatie zaten. Niet alleen Griekenland, de eurozone en de hele wereld gaan door een crisis. Ik wist dat mijn ambities of persoon ondergeschikt waren aan datgene waar we voor stonden. „Ik ben zeker dat we met de nieuwe coalitie nog betere kansen hebben om de hervormingen door te voeren die nodig zijn. Toen ik in oktober 2009 premier werd, wist ik wel dat we voor immense problemen stonden. Maar ik had toen nog geen zicht op de omvang van het reële tekort en de schuldenberg.”

Zodra u dat wel had, bent u er open over geweest. In zekere zin heeft dat de crisis zelfs uitgelokt. U had ook kunnen zwijgen.

„We konden niet verder zonder openheid van zaken te geven. Maar dit gaat niet zozeer over eerlijkheid als wel over de noodzaak om te breken met kwalijke praktijken uit het verleden. Die drukten niet alleen zwaar op de overheidsfinanciën, maar op het volledige publieke leven. Griekenland was ziek. Het tastte de gezondheidszorg en andere gemeenschapvoorzieningen aan. Geld werd niet juist besteed. Daarom hebben we ook alles op internet gezet. De burger kan zien waar elke euro naartoe gaat.

„Door openlijk toe te geven dat we in de problemen zaten, hebben we inderdaad de crisis misschien doen openbarsten. Maar zelfs als we het hadden gewild, konden we die niet meer ontlopen. Uiteindelijk zal dit goed geweest zijn voor Griekenland. Dat is het nu al. De statistieken kloppen. Iedereen kan het nu zien of we iets goed of fout doen.”

U klinkt optimistisch. Nochtans heeft de Griekse Centrale Bank deze week nog een waarschuwing uitgestuurd: ‘Dit is de meest kritische periode in Griekenlands naoorlogse geschiedenis. Onze verdere deelname aan de eurozone staat op het spel.’

„We zijn natuurlijk niet uit de gevarenzone. Daarom heb ik eind oktober ook al gepleit voor een brede, politieke consensus. De omvang en de snelheid van de hervormingen zijn uitzonderlijk. Zeker in democratische landen hebben maar weinig politici ervaring met zulke snelle en ook zulke pijnlijke ingrepen.”

U had geen keuze. Europa zette u het mes op de keel.

„Ook zonder die externe druk moest Griekenland hervormen. Ik was me ten volle bewust van het cruciale moment in de geschiedenis. We waren op een punt gekomen dat we ofwel via een referendum een draagvlak voor hervormingen moesten creëren, ofwel via een brede coalitieregering met steun van de oppositie. Het is de tweede optie geworden.”

Wat was het moeilijkste moment? De dag waarop er doden vielen in de straten van Athene? Of de dag dat Duitsland en Frankrijk u een ‘no pasaran’ gaven op de G20-top in Cannes?

„Zo is het niet gegaan. Ik was vastbesloten om door te zetten met het referendum.”

Maar u mocht niet van Sarkozy en Merkel.

„Ze hebben nooit gezegd dat ik niet mocht. Alleen wíj konden die beslissing nemen. Ik was niet van plan mijn mening te herzien, tenzij er als alternatief een brede regering op de been kon worden gebracht. Zo is het uiteindelijk ook gegaan. De onderhandelingen in Europa waren vaak hard en moeilijk, maar het is het democratisch recht van elk land zijn bevolking om haar mening te vragen. Over dat recht kan niet worden onderhandeld. Ik begreep dat meneer Sarkozy en mevrouw Merkel bezorgd waren over de uitkomst en over de reactie van de financiële markten. Maar ik was er vrij gerust op dat de Grieken ja hadden gezegd. Het zou een heel sterk signaal pro euro geweest zijn.

„Moeilijker vond ik dat het mij aan tijd en munitie ontbrak om te doen wat gedaan moest worden om de Griekse samenleving sociaal rechtvaardiger te maken. De verkiezingen waren een roep om verandering. We wilden de belastingontduiking bestrijden en hen aanpakken die onze problemen veroorzaakt hadden. Maar we stonden machteloos tegenover de markten. We waren genoodzaakt om van mensen offers te vragen die zelf geen verantwoordelijkheid droegen voor de crisis: armen, werkenden, de middenklasse.

„We waren aardig op weg. We hadden de verdeling van de fiscale lasten al eerlijker gemaakt. Dat was noodzakelijk, want het ontbreken van dat rechtvaardigheidsgevoel leidde tot wetteloosheid. Waarom zou u belastingen betalen als uw rijke buur dat niet doet of zijn geld naar Zwitserland sluist?

„Maar u had het over de doden. Het geweld dat losbarstte in de straten, viel mij inderdaad het zwaarst. Het is vreselijk om offers te moeten vragen van de man en de vrouw in de straat. Toch denk ik dat mensen daartoe bereid zijn als ze maar het gevoel hebben dat de lasten eerlijk verdeeld worden. En vooral, als ze een toekomst zien. Dat perspectief was zoek, door de losgeslagen markten en de systeemcrisis in de eurozone.”

U ving als eerste de klappen op?

„Toen de storm kwam, werden wij als eersten geraakt. Nu is het niet langer een Grieks drama. Anderen moeten er nog door. Europa zal nog meer belangrijke beslissingen moeten nemen, onder meer over de eurobonds, om het schip drijvende te houden.’

Griekenland wordt stevig op de vingers gekeken. Stoort het u als Nederland onderonsjes heeft met twee andere triple A-landen, Duitsland en Finland, om het over uw lot te hebben? Het zegt toch iets over de machtsverhoudingen in Europa? Over hoe de sterken met de zwakkeren omgaan?

„Niet iedereen schat de reikwijdte juist in van de inspanningen die Griekenland al geleverd heeft. We praten hier niet over kleine ingrepen, maar over lonen en pensioenen die met 20, 30 of zelfs 40 procent dalen. We hebben ons begrotingstekort sneller teruggedrongen dan welk ander Europees land ook. In 2009 hadden we een primair tekort van 24 miljard euro. In 2012 zullen we een surplus hebben van één à twee miljard. Onze schuld is nog altijd torenhoog. Maar dat is een andere zaak, daarover zijn we in overleg met Europa. Alle lidstaten zouden deze zware opofferingen moeten respecteren.”

Hoe pijnlijk is het om het werk van uw vader Andreas, de welvaartsstaat, kapot te zien gaan?

„Mijn vader en mijn grootvader hebben heel hun leven gevochten voor democratie, mensenrechten en sociale welvaart. Maar er waren ook uitwassen. Sommigen zeggen dat we nu bezig zijn die welvaartsstaat te ontmantelen. Zo zie ik het niet. Het is een hervorming die er juist weer meer openheid en gerechtigheid in moet brengen. In mijn eerste maanden als premier heb ik de gezondheidszorg geïnformatiseerd. Dokters moesten alle voorschriften online doen. Door die totale openheid zijn de uitgaven voor medicijnen binnen de kortste keren gedaald met 30 à 35 procent. We hadden misschien een welvaartsstaat, maar dan eerder voor de dokters en de farmaceutische bedrijven dan voor de patiënten.”

U vraagt respect voor de inspanning die Griekenland al leverde. Ironisch genoeg werd u juist ondankbaarheid verweten toen u het Europese noodprogramma aan een referendum wilde onderwerpen. Er vielen nog sterkere woorden. The Economist citeerde senior officials: ‘Papandreou is een idioot’.

„Ik heb het inderdaad lastig gehad met de manier waarop een deel van de pers de zaken voorstelde. Dat spelletje van de goeden en de slechten is mij iets te gemakkelijk. Je zegt tegen een zieke toch ook niet: u bent idioot of slecht? Je vraagt je af hoe je die persoon kan genezen.

„Het getuigt van meer respect om de onderliggende problemen aan te pakken. Laat ons samen nagaan hoe we competitiever kunnen worden. Laat ons de fouten uit het systeem halen. We konden lang goedkoop geld lenen, wat ons een vals gevoel van zekerheid gaf. Toen die kosten de pan uit re zen, kwamen we niet meer aan geld. Dat zijn systeemproblemen, niet specifiek Grieks. Laten we stoppen met de blame game.”

Vreemd dat u zo pro-Europees blijft nadat Europa uw soevereiniteit zo op de proef heeft gesteld.

„Elke lidstaat heeft al een deel van zijn soevereiniteit afgestaan met het verdrag van Maastricht. Dat proces moet verdergaan om de Unie sterker te maken. Alleen zo zullen we de problemen echt kunnen aanpakken. Brussel kan meer macht gebruiken, maar laten we Brussel dan ook democratischer maken. Laten we nadenken over referenda op Europese schaal of de rechtstreekse verkiezing van een president.

„Als we onze burgers niet vertrouwen, wie dan wel? Ik ken de bezwaren wel. Er zijn al referenda geweest in Europa en die waren niet altijd een succes. Maar het ik ben ervan overtuigd dat je de mensen wel meekrijgt als je de juiste vragen stelt. Laat de mensen democratisch beslissen wat het juiste pad is.”

Dreigt het grootste slachtoffer van de crisis inderdaad niet de democratie te worden? Overal bloeit het populisme, en je hoort de roep om sterke leiders. Dat moet u bevreemden, u die geboren werd in de VS en pas in uw land aankwam nadat de dictatuur van de kolonels omver was geworpen.

„Precies, het ligt gevoelig. Wat is populisme? Dat krijg je wanneer iemand zegt: ik vertegenwoordig u, u bent bang en onzeker, maar ik, sterke leider, zal uw problemen oplossen. Wat is het betere antwoord op populisme? Dat je de mensen zelf zeggenschap geeft over de oplossing van hun problemen. Precies daar was een deel van het Griekse establishment bang voor. De ja-stem voor Europa had hun gevestigde belangen misschien wel verstoord.

„Nogmaals, ik ben ervan overtuigd dat de Grieken ja hadden gezegd tegen de euro. Ik stel tot mijn genoegen vast dat de discussie over democratische legitimiteit ook in andere landen woedt. Met name in Duitsland is er een roep om referenda. Ik zeg niet dat dit instrument voor alles bruikbaar is. Het is een van de vele manieren om burgers sterker te betrekken bij Europa. We moeten politiek meer als een educatief proces zien. Politici zouden animatoren moeten zijn. Mensen die luisteren, leren, helpen, vormen.’

Maar pikt die burger überhaupt nog iets van zijn politici? Links of rechts, Zapatero of Berlusconi, wat doet het er toe: de schuldige voor de crisis is altijd diegene die aan de macht is.

„Dat is inderdaad een probleem. De crisis laat een andere breuklijn zien dan de traditionele links-rechts-as. Ze heeft een ideologische basis. We hebben internationaal een financieel systeem gecreëerd dat zeer machtig is en waarover geen enkele democratische controle is. Ook economisch zien we een enorme machtsconcentratie. Het budget van sommige hedgefondsen is groter dan dat van veel Europese landen. Zij kunnen de politiek sterker beïnvloeden dan een minister-president. Wij verwachten dat onze politici dat oplossen, maar onze politici zijn hun macht kwijt. Mensen raken daardoor gefrustreerd. Jammer genoeg zoeken ze de schuldigen in de verkeerde hoek.

„Europa zou zo veel meerwaarde kunnen hebben. Als we de Unie op een juiste manier zouden gebruiken, dan konden we de klimaatverandering en de financiële crisis uitstekend de baas zijn. We zouden de banken transparanter kunnen maken, gevaarlijke beleggingsproducten kunnen aanpakken en de politiek van ratingbureaus kunnen veranderen. We hebben die macht, maar we moeten hem wel gebruiken.

In Spanje zijn uw socialistisch geestverwanten van de PSOE weggestemd na het protest van de indignados. De Spanjaarden krijgen nu een conservatieve regering. Hoe staat de sociaal-democratie er in Europa voor?

„Eén van de redenen waarom de crisis nog altijd zo hevig woedt, is precies dat Europa conservatief is. Als Europa de afgelopen jaren socialistischer was geweest, was het nooit zover gekomen. Dan hadden we al eerder de markten onder controle kunnen krijgen. Dan was er nu misschien al een transparanter financieel systeem geweest of een belasting op financiële transacties. En dan waren we ook al verder met het klimaatdebat. Ik ben ervan overtuigd dat we de crisis beter hadden kunnen beheren.

„De conservatieven ondergraven Europa op nog een andere manier. Ze hebben een politiek van angst gecreëerd. Ze zoeken zondebokken. Eerst waren het de migranten, nu zijn het de zuiderlingen. Daar win je stemmen mee, maar je lost er geen crisis mee op.”