Het vakantiejaar 2011

De één heeft nu eenmaal sneller in de gaten dat het menens is dan de ander. ‘Nederlander iets vaker op vakantie’, meldde NOS Teletekst deze week opgewekt. De euro dreigt uiteen te spatten, de banken durven elkaar geen geld meer te lenen, investeerders zijn bang, de markten zo goed als dood, de dreiging van een grote kladderadatsch hangt in de lucht en het voortbestaan van de complete Europese Unie staat op het spel. Dus wat denken wij? Pfff, hard aan vakantie toe!

„In het vakantiejaar 2011 (van oktober 2010 tot oktober 2011) gaven we in totaal ruim 15 miljard euro uit aan binnen- en buitenlandse vakanties”, aldus het bericht. Dat is net iets minder dan de 18 miljard die het kabinet bezuinigt, maar voor een crisisjaar was het toch nog een aardig recreatiebudget – vooral als je nagaat dat „de afgrond dichter- en dichterbij komt”, in de woorden van Nout Wellink.

In Duitsland heerst een andere stemming. „Britten, Amerikanen, de hele EU: Allemaal willen ze ons geld!”, schreeuwde Bild zijn lezers woensdag toe. En zo is het natuurlijk ook: iedereen kijkt voor de oplossing naar Duitsland en zijn geld.

Over het idee van eurobonds, gezamenlijk gegarandeerde obligaties voor de financiering van de schulden van alle eurolanden, schrijft Bild: „Het doel: iedereen staat borg voor iedereen. Het gevolg: uiteindelijk zal er maar één de rekening betalen: Duitsland!” Nou ja, misschien ook nog een paar draagkrachtige kleintjes, zoals Nederland.

Wat kan de burger in deze situatie doen, vraagt het weekblad Die Zeit zich op zijn voorpagina af. „Niets. Behalve duimen en oefenen in generositeit. Vrijgevigheid is de Duitse deugd van het moment. Of we het willen of niet.”

En ze willen het niet, de Duitsers. En de Nederlanders trouwens ook niet. Maar ze kunnen maar beter vast wennen aan het idee, want het komt er tóch van.

Want wat we nu meemaken laat haarfijn zien dat niet één land in de eurozone zich kan afschermen van de problemen waarmee andere eurolanden kampen. We zijn al zó met de landen die in crisis verkeren verknoopt, dat hun kwetsbaarheid ook de onze is. Dat ervoeren de Duitsers woensdag, toen de aangeslagen markt zelfs voor een veiling van Duitse staatsobligaties niet meer warm bleek te lopen. Ook Duitsland is nu niet meer onaantastbaar, schreef Die Welt ontgoocheld.

Merkel doet of ze luistert naar de politici, ook in haar coalitie, die haar bezweren niet te zwichten voor de roep om eurobonds. Ze benadrukt steeds dat ze er tegen is. Maar, schreef onze correspondent in Berlijn donderdag, „ze laat ook ruimte voor een koerswijziging”. Want die moet er komen, om het politieke project dat de euro bovenal is te redden. En zonder de euro „worden we volstrekt weggevaagd”, zei Angelien Kemna, die als hoofd beleggingen bij APG verantwoordelijk is voor de pensioenen van 4,5 miljoen mensen, zondag in Buitenhof.

Eerst wil Merkel nu nieuwe afspraken maken over afdwingbare begrotingsdiscipline in de hele eurozone, zoals ze donderdag met Sarkozy en Monti heeft afgesproken op de minitop in Straatsburg. Als de kanselier die slag eenmaal binnen heeft, dan wordt het perspectief bespreekbaar om op termijn toch die eurobonds in te voeren en daarmee de probleemlanden te redden.

Ook Nederland heeft het beginsel van de eurobonds eigenlijk al geaccepteerd. Luister maar naar minister De Jager. Zeker, zulke obligaties met gedeeld risico zouden op dit moment een „perverse prikkel” kunnen geven aan de landen in financiële nood, zegt hij. Maar: ze kunnen het sluitstuk zijn „van een strikt budgettair raamwerk. Het kan interessant zijn, ook voor Nederland. Dus geen principieel njet.”

Zo zijn we midden in een grote financiële draaikolk, die de hele wereldeconomie dreigt mee te slepen, de eurozone ingrijpend aan het verbouwen. Wie opziet tegen verregaande overdracht van autonomie, is aan de late kant. Als Merkel de sprong waagt en ermee instemt dat Duitsland zich mede garant stelt, kan Nederland niet achterblijven.

Minister De Jager zou er goed aan doen voor die stap alvast steun te werven – bij zijn coalitiepartner VVD en andere partijen, en ook bij de Nederlandse bevolking. Dat zal niet eenvoudig zijn. Zeker niet nu de kiezer voor de komende jaren moet rekenen op een aanzienlijk welvaartsverlies.

Maar het valt wel degelijk uit te leggen. De slachtofferrol staat Duitsland, en Nederland, slecht. We hebben ten slotte flink geprofiteerd van de export naar de zuidelijke landen, die met de euro in de hand zo koopkrachtig waren. En het redden van de euro, en de Europese Unie, is in ons eigen belang.

Als het kabinet die waarheden niet luider verkondigt, stuit het straks op verzet in de Tweede Kamer – en op onbegrip en woede in de samenleving.

Juurd Eijsvoogel