Angola helpt Portugal: de wereld op zijn kop

President Zuma waarschuwde deze week nog maar eens: door de eurocrisis is de kans op een wereldwijde economische ineenstorting „zeer groot” en Zuid-Afrika is met al zijn belangen in West-Europa niet immuun voor de gevolgen.

De Europese Unie is nog altijd Zuid-Afrika’s grootste handelspartner en veel lokale multinationals staan ook genoteerd aan Europese effectenbeurzen. Het land kwam dankzij forse investeringen voor het WK-voetbal de recessie van 2008-2009 nog redelijk ongeschonden door, zei Zuma, maar nu zou een miljoen banen verloren kunnen gaan. „Zware tijden liggen voor ons”, kopte het regeringsgezinde dagblad The New Age na zijn toespraak.

Maar de waarschuwingen zijn aan dovemansoren gericht. Ondanks 350 jaar koloniale geschiedenis is Europa hier ver weg. Monetaire wederwaardigheden uit het oude continent halen in Zuid-Afrika zelden de voorpagina’s. Alleen zakenkrant Business Day pakte gisteren flink uit over de pogingen om de euro te redden. Maar de close-up van een nogal intiem zoenende Nicolas Sarkozy en Angela Merkel nam aanzienlijk meer ruimte in dan het verhaal over noodzakelijke veranderingen aan EU-verdragen.

Zonder enig crisisvoorbehoud doen Zuid-Afrikanen dezer dagen inkopen voor Kerstmis en plannen ze tripjes voor de grote zomervakantie, die over drie weken begint. Allemaal op krediet uiteraard. Sparen doen Zuid-Afrikanen nog veel te weinig, waarschuwde het nationale bureau voor statistiek deze week. Ook dat was klein nieuws.

Bovendien: het gaat toch goed met Afrika?

Haast wekelijks verschijnen nieuwe rapporten over de groeiende middenklasse op voorheen het uitzichtloze continent. Ging het vroeger over een bevolking van bijna één miljard probleemgevallen, nu profeteren adviesbureaus over één miljard ‘consumenten’. Afrikanen worden rijker en je moet in Afrika zijn om rijk te worden. De vorige maand gelanceerde Afrika-editie van het Amerikaanse zakenblad Forbes publiceerde juist afgelopen week een topveertig van de rijkste Afrikanen. Op één: de Nigeriaanse cementkoning Aliko Dangote, net vóór de Oppenheimers uit Zuid-Afrika.

Van de tien snelst groeiende economieën in de wereld, liggen er zes op het Afrikaanse continent; olierijk Angola is er daar één van. Veel media in zuidelijk Afrika maakten zich vrolijk over het nieuws dat Angola deze week door Portugal werd uitgenodigd om in de wankele economie van de voormalige kolonisator te investeren. „De wereld op zijn kop!” riep een commentator op de Zuid-Afrikaanse publieke radio vol trots uit.

De economie van Zuid-Afrika zelf groeit minder snel. Niettemin werd ongeveer een jaar terug bekend dat het land op uitnodiging van China voortaan mocht aanschuiven bij de BRIC-groep van opkomende landen. De crisis in Europa laat volgens Standard Bank, de grootste bank van Afrika, zien dat het maar goed is dat Afrika tegenwoordig meer naar het oosten kijkt: ‘Zuid-Zuidhandel’ heeft de toekomst. En ja, de bank is voor twintig procent in Chinese handen.

Overmoedig kwam de Zuid-Afrikaanse minister van Financiën Pravin Gordhan vorige maand terug van weer een BRICS-vergadering. Daar was besproken hoe de opkomende landen de eurozone er bovenop zouden kunnen helpen. Want ondanks de toegenomen handel met China zou het ook in Zuid-Afrika’s belang zijn als de euro overleefde. Maar Gordhan werd snel op de vingers getikt door de gouverneur van de centrale bank: met vijftig miljard dollar aan reserves had Zuid-Afrika wel andere prioriteiten dan de oude kolonisator redden. Zuid-Afrika is Angola niet.

PETER VERMAAS