Toch gezondheidswinst door de griepvaccinaties

De werking van de griepprik zou onvoldoende bewezen zijn, maar hij is veilig en er zijn aanwijzingen dat hij griep voorkomt, betoogt Louise Gunning-Schepers.

Luc Bonneux schreef dat de mensen de griepvaccinatie maar zelf moeten betalen, omdat ze weliswaar niet schadelijk is, maar de werking onvoldoende is bewezen (Opinie, 11 november).

De vaccinatie is veilig. Er zijn aanwijzingen dat ze daadwerkelijk griep kan voorkomen. Duidelijk is dat het vaccin lang zo effectief niet is als sommige kindervaccinaties. Ook is het waar dat er geen hard wetenschappelijk bewijs is dat de vaccinatie griepsterfte voorkomt – omdat er nooit grootschalig onderzoek naar is gedaan. Dat influenza bij een klein aantal mensen ernstige complicaties veroorzaakt, en dat er mensen aan overlijden, ontkent niemand.

Dankzij preventie is de levensverwachting de afgelopen eeuw bijna verdubbeld. Nu blijven kleinere stapjes over. De winst die hiermee volgens oorspronkelijke, goed uitgevoerde vergelijkende onderzoeken te verwachten valt, is niet heel groot, maar wel significant.

Bij de aankoop van vaccins voor grote aantallen kunnen kortingen worden bedongen. Bij een centrale organisatie en administratie zijn de kosten lager en de kwaliteit beter dan bij individuele toediening. Vaccinatie kost nu 15 euro per persoon.

Sommige van onze experts worden vanwege hun grote expertise geraadpleegd door patiëntenorganisaties, de industrie of de Wereldgezondheidsorganisatie. De Gezondheidsraad onderkent dat hierin het gevaar schuilt van ongewenste belangenverstrengeling. Daarom selecteert de raad streng wie kan toetreden als lid van een commissie.

Soms wordt iemand als adviseur gehoord om zijn kennis te benutten, maar heeft hij geen stem in het eindoordeel van de commissie. Belangen worden vooraf opgegeven en in de eerste vergadering openlijk besproken. Zo weten commissieleden van elkaar of, en zo ja waar, zij elders actief zijn. Ook werkt de raad met een gemengde en multidisciplinaire samenstelling van commissies. Eén bepaald belang of specifieke wetenschappelijke overtuiging kan dus nooit de overhand hebben.

Als een advies is afgerond, wordt het getoetst in één of meer vaste commissies – zogenoemde beraadsgroepen. Hier kijken weer andere wetenschappers kritisch of de argumentatie en de conclusie duidelijk zijn en of het consistent is met eerder uitgebrachte adviezen. Tot slot beslist de voorzitter of een advies daadwerkelijk wordt aangeboden. Hij doet dit met een aanbiedingsbrief, waarin soms nog persoonlijk commentaar kan worden gegeven.

Het advies, de aanbiedingsbrief, de samenstelling van de commissie en de belangenverklaringen zijn openbaar en in te zien op de website. Dit laatste geldt al voor de belangenverklaringen van de beraadsgroepleden, maar zal binnenkort het geval zijn voor alle commissieleden.

De Gezondheidsraad laat zijn oor dus niet hangen naar de industrie.

Louise Gunning-Schepers is voorzitter van de Gezondheidsraad.