Scholen: straf geweld harder

Om de groeiende agressie in het onderwijs te beteugelen, moet fysiek en verbaal geweld tegen leraren strenger worden bestraft. Dat stelt de Besturenraad, koepel van 540 christelijke schoolbesturen (2.200 scholen, 800.000 leerlingen), na een peiling onder eigen personeel. Leraren vormen, net als hulpverleners en politieagenten, een kwetsbare groep, die meer rechtsbescherming verdient, vindt de raad.

Aan het – geanonimiseerde – onderzoek deden 150 docenten mee, van wie de meesten in het basisonderwijs werken. Bijna driekwart stelt dat schelden, slaan en schoppen veel vaker voorkomt dan op grond van officiële cijfers wordt aangenomen. Ouders en leerlingen zouden regelmatig verhaal halen uit onvrede over een opgelegde straf of de behandeling die hun ten deel valt. Leraren maken meestal geen melding van bedreigingen, uit angst voor reputatieschade voor de school.

Voorzitter Wim Kuiper van de Besturenraad zegt geschokt te zijn door de uitkomsten. „De samenleving moet uitdrukkelijk achter scholen gaan staan, net zoals zij achter ambulancepersoneel en politieagenten zou moeten staan.” Hij doet „een moreel appèl op ouders om niet te snel te oordelen over de school”.

Aanleiding voor de peiling is de arrestatie van een adjunct-directeur van een school in Nieuwegein, die een leerling de klas had uitgezet. De stiefvader van de leerling had aangifte gedaan van mishandeling. Justitie seponeerde die aangifte, en de politie verklaarde de aanhouding als bescherming tegen agressie van de stiefvader. School, onderwijsbonden en minister reageerden verbijsterd. De politie bood later excuses aan.

In het onderzoek van de Besturenraad beschrijven de ondervraagden onder meer hoe leerlingen hun ouders vanuit de school bellen om verhaal te halen, en hoe kinderen leerkrachten schoppen, slaan of een mes trekken. In één geval zou een ouder gedreigd hebben de vingers van de directeur te breken als die aan de mobiele telefoon van zijn kind zou komen.

Twee van de drie respondenten menen dat het gezag van de docent de laatste jaren is afgenomen, vooral door toedoen van de ouders. „Opvallend is dat er steeds meer ouders zijn die ervan uitgaan dat hun kind nooit iets fout doet”, zegt een van hen. „Met deze ouders is het onmogelijk het gedrag van het kind te bespreken, want het is altijd de schuld van een ander.” Om te voorkomen dat onaangepast gedrag uit de hand loopt, zou de school volgens een meerderheid van de ondervraagden (55 procent) niet-vrijblijvende afspraken met ouders moeten maken.