Rotjongensfluisteraar

Frederik Smit heeft, om het maar eens oneerbiedig te zeggen, de jackpot getroffen. Bij het sociaal-wetenschappelijk onderzoeksinstituut ITS van de Radbouduniversiteit Nijmegen organiseert hij workshops voor leraren en schooldirecteuren die weer willen leren normen te stellen. Hij vroeg deze zomer 5.000 directeuren in een enquête wie de baas is op school. Ik, antwoordde 98 procent toen nog: alles onder controle, hoor. Maar in diezelfde enquête antwoordde één op de drie leerlingen: wij.

Toen werd de adjunct-directeur uit Nieuwegein aangehouden na zijn aanvaring met een moeilijke leerling en diens assertieve vader. En nu komt iedereen uit de kast met verhalen en is het expertisecentrum van Frederik Smit helemaal hot. Hem verbaast dat dus niet – tweederde van de ondervraagden in zijn enquête wilde al praten over probleemkinderen en probleemouders. Ouders komen op de pabo niet eens aan bod, totdat studenten hen in hun eindstage onvoorbereid in het wild tegenkomen. En omgaan met leerlingen? Ach. Leraren worden nog opgeleid in een cultuur van fatsoen, hè, zegt Smit. Hopeloos achterhaald. Kijk maar hoe de straatcultuur – Doe eens normaal, man – ook de Tweede Kamer bereikt.

Maar goed. Dit alles om uit te leggen hoe iemand in Nijmegen belandt op een ‘Meesterklas Innovatiekracht van Educatief Partnerschap’. Ik lach de goedmoedige Frederik Smit meteen maar hartelijk uit om zijn woordkeus. Dat kan hij hebben – kan híj het helpen dat iedereen tegenwoordig praat over mindfullness, en zo? Als je hem wat plaagt, dan erkent Frederik Smit gewoon: „Ik móét hetzelfde wel in andere woorden brengen. Anders luisteren ze niet.”

Dan naar de workshop ‘Dialoog en geweldloos communiceren’ van José Boone. „Op het niveau van behoeften”, zegt zij, „zijn we allemaal gelijk”. Maar dan begint de dwarse Theo, type kritische cursist, zich te roeren. Theo blijft „toch zitten met de vraag waarom behoeften dan zo kunnen botsen”, en dat zal de hele workshop („Theo?”) zo blijven. José Boone, onverstoorbaar: „Een oordeel is alleen maar een ringtone van een behoefte die enorm in de knel is geraakt.”

Tegen die tijd schuift Hans Kaldenbach op zijn stoel, hij wil zijn workshop over straatcultuur beginnen. Voormalig misdienaar en onderwijzer Kaldenbach werd rotjongensfluisteraar. Zijn handleiding Respect! 99 tips voor het omgaan met jongeren in de straatcultuur telt 29 drukken, 63.000 exemplaren verkocht. Het vervolg Machomannetjes, voor scholen, is net uit.

Kaldenbach bleef opmerkelijk praktisch en vrij van newspeak. Echt willen snappen wat er gebeurt, zegt hij droogjes, is niet hetzelfde als er begrip voor hebben: „De autochtoon zegt: ‘Je moet altijd mij hebben’. De allochtoon: ‘Je discrimineert’. En de PVV’er zegt: ‘Je demoniseert’. Komt op hetzelfde neer. Dus je kunt ze maar beter geen van allen bestraffend toespreken. Je moet hun weerstand breken.”

Echt willen snappen: Niet nieuw, en ook niet soft.